Al in de jaren vijftig wist Nederland in kinderboekenland de obligate combinatie plaatjes-bij-praatjes, de tekening als loutere illustratie bij de tekst, te doorbreken. En dat dankzij de onnavolgbare samenwerking tussen Annie M.G. Schmidt en Fiep Westendorp. Maar sinds het begin van de jaren tachtig is er ook bij ons een generatie illustratoren aangetreden die meer wil dan kinderen herkenbare beelden aanreiken, die veeleer wil suggereren dan illustreren. De kinderen kunnen dan hun verbeelding aan het werk zetten om hun eigen weg te vinden. Ook voor volwassenen worden zulke boeken interessant, precies door de gelaagdheid die tussen tekst en beeld ontstaat. Een van de spilfiguren van die generatie, Gerda Dendooven, is intussen zowat de vaste sparringpartner van Bart Moeyaert geworden. Een combinatie die doet denken aan Schmidt en Westendorp.
...

Al in de jaren vijftig wist Nederland in kinderboekenland de obligate combinatie plaatjes-bij-praatjes, de tekening als loutere illustratie bij de tekst, te doorbreken. En dat dankzij de onnavolgbare samenwerking tussen Annie M.G. Schmidt en Fiep Westendorp. Maar sinds het begin van de jaren tachtig is er ook bij ons een generatie illustratoren aangetreden die meer wil dan kinderen herkenbare beelden aanreiken, die veeleer wil suggereren dan illustreren. De kinderen kunnen dan hun verbeelding aan het werk zetten om hun eigen weg te vinden. Ook voor volwassenen worden zulke boeken interessant, precies door de gelaagdheid die tussen tekst en beeld ontstaat. Een van de spilfiguren van die generatie, Gerda Dendooven, is intussen zowat de vaste sparringpartner van Bart Moeyaert geworden. Een combinatie die doet denken aan Schmidt en Westendorp.Luna van de boom, genomineerd voor de Gouden Uil Jeugdliteratuurprijs, is een uitstekend voorbeeld van wat zo'n interactie kan teweegbrengen. Het is zelfs een multimediaal project, want er hoort ook een cd bij. Alles begon trouwens bij de muziek. Het was immers de Vlaamse componist Filip Bral die het Slovaakse sprookje Berona ontdekte en er zo weg van was, dat hij het op muziek zette. Bart Moeyaert bewerkte het verhaal en Gerda Dendooven liet de beelden spreken. Het verhaal past op het eerste gezicht in de traditie van het volkssprookje, met de kenmerkende herhalingen en de symboliek van het drievoud. Een rijke, maar norse koning heeft drie zonen. En die krijgen elk op hun beurt de opdracht om appels te plukken van een appelboom 'die iedereen altijd sprakeloos maakt' en 'van al dat sprakeloze kreeg de koning het op zijn heupen'. De boom zou bij de eerste klokslag van middernacht gouden knoppen krijgen, dan gouden bloesems en nadien gouden appels, die dan voor de twaalfde slag door een onbekende geplukt zouden worden. De oudste en de tweede oudste zoon worden bij hun observatie door een storm en vrieskou gedwarsboomd, maar de jongste zoon pakt het subtieler aan en met behulp van zijn wilgenfluitje ontdekt hij dat de geheimzinnige appelplukster Luna heet. Opeens interesseren de gouden appelen hem niet meer. Maar het wordt een lange zoektocht, want Luna is een raadselachtige schoonheid.FORSE SCHOONHEIDLuna van de boom is dus meer dan zomaar een sprookje, want het is een raadselachtige queeste naar wat ons telkens ontsnapt. Bart Moeyaert maakt van de tekst een partituur, vol klankkleur, die je pas goed opmerkt als je hem het verhaal op de cd zelf hoort voorlezen. De muziek van Filip Bral profileert de personages door verschillende instrumenten en thema's, maar ook Bral doet meer dan de verwachtingen invullen door via echo's de onzekerheid en de tragische onvatbaarheid te suggereren. Even verrassend als de taalmuziek van Moeyaert en de klankkleur van Bral, zijn de sterk ritmische, disharmonische illustraties van Gerda Dendooven. Luna is bij haar bijvoorbeeld geen fotomodel, maar een forse Slavische schoonheid. Handen en schaduwen maken de queeste bovendien tastbaar. Bart Moeyaert werkte als vertaler nog aan een ander intrigerend multimediaal project uit het zuidelijke landsgedeelte mee. Voor De Munt schreef de jeugdauteur en dichter Carl Norac teksten naar Le carnaval des animaux van Camille Saint-Saëns (1835-1921). En ook hierbij leiden de prachtige tekeningen van Gabriel Lefebvre een eigen leven, zodat alleen een hoofd vol dromen genoeg is om alle dieren erin te huisvesten. Le carnaval des animaux of Stoet van dieren was een uitstapje in het werk van Saint-Saëns, op dat moment nog een verdediger van het modernisme. Hij verbood uitvoeringen tijdens zijn leven, om zijn reputatie van ernstig musicus niet te schaden, maar wellicht ook omdat hij er collega-musici in parodieerde. Dat speelse zit ook in de tekst van Norac en de puike vertaling van Moeyaert. Een zoogdier dat verbazend veel op de mens lijkt en dat een paar manen heeft geërfd van zijn grootoom, een oude leeuw, stelt een hele stoet dieren voor die niet bepaald beantwoorden aan de clichématige voorstelling die wij van hen hebben. Dieren zijn ook maar mensen, zoiets. De prachtig lichtvoetige muziek omcirkelt die gedachte speels. Stoet van dieren is een meer dan geslaagd educatief project van de Munt, omdat het ook artistiek een grote waarde heeft. Graag meer van dat, zoiets verlaagt de drempel van dat prachtige operahuis. 'Stoet van dieren' op 31 maart om 16 uur in De Munt (070-23 39 39). Het boek en de cd kunnen bij de Munt worden besteld (1300 frank of 32 euro). 'Luna van de boom' (boek en cd), Pantalone, 995 fr. (24,5 euro).Paul Demedts