Het oorlogstoerisme is van alle tijden. Al in de jaren twintig van de vorige eeuw kwamen mensen naar de Westhoek om te zien waar de gevechten zich een paar jaar eerder hadden afgespeeld, of waar hun familieleden het loodje hadden gelegd. De overheid stemde toe met de openstelling van ruïnes zoals de Dodengang. In de buurt daarvan doken al gauw cafeetjes en andere kleine handelszaken op.
...

Het oorlogstoerisme is van alle tijden. Al in de jaren twintig van de vorige eeuw kwamen mensen naar de Westhoek om te zien waar de gevechten zich een paar jaar eerder hadden afgespeeld, of waar hun familieleden het loodje hadden gelegd. De overheid stemde toe met de openstelling van ruïnes zoals de Dodengang. In de buurt daarvan doken al gauw cafeetjes en andere kleine handelszaken op. 'Ook uit de herinnering aan een vreselijke oorlog mag werkgelegenheid groeien', stelt het Ieperse gemeenteraadslid Yves Leterme (CD&V). 'Maar het is goed dat we in de jaren negentig zijn omgeschakeld naar een kwaliteitsvol en modern oorlogstoerisme. Dat was heel belangrijk voor de geloofwaardigheid.' Een van de architecten van die ethische invulling is Piet Chielens, coördinator van het In Flanders Fields Museum in Ieper en vredesactivist. Ook hij heeft er geen moeite mee dat Toerisme Vlaanderen naar aanleiding van de herdenkingen in 2014 vooral bezig is met de economische return voor de streek. 'Dat is de opdracht van Toerisme Vlaanderen. De interesse is mondiaal. Het gaat natuurlijk om de honderdste verjaardag van een oorlog waarbij twee derde van de wereldbevolking betrokken was.' 'Eigenlijk delen we over de economische impact liever geen cijfers mee', zegt Stephen Lodewyck van de studiedienst van Westtoer, het autonoom provinciebedrijf voor toerisme en recreatie in West-Vlaanderen. 'We hopen uiteraard wel op een stijging in vergelijking met de bezoekersaantallen van de voorbije jaren.' In 2011 waren er 340.000 oorlogstoeristen in de Westhoek, het jaar daarna nog eens zo'n vijf procent meer. 'Voor 2013 verwachten we opnieuw een stijging, tot 400.000', zegt Lodewyck. De sprong voorwaarts heeft te maken met de vernieuwde sites die nu al open zijn voor het publiek, zoals In Flanders Fields, Lijssenthoek en Memorial Museum Passchendaele 1917. De verwachting voor 2014 is dat dankzij de herdenkingsevenementen en de bijbehorende media-aandacht de kaap van de 500.000 bezoekers zal worden gerond. De West-Vlaamse horeca hoopt vanzelfsprekend dat Honderd jaar 14-18 een voltreffer wordt. Tussen 1998 en 2006 steeg het aantal logeerbedden in de Westhoek al met meer dan vijftig procent. Vooral het commerciële verblijfstoerisme kende een spectaculaire groei, ook al is dat niet te merken aan het aantal hotels. 'De grote hotelketens zullen de afweging wel gemaakt hebben om daar iets te ondernemen, maar dan moet je natuurlijk het hele jaar door voldoende toeristen hebben', verklaart Bart Boelens, hoteluitbater in Oostende en voorzitter van Horeca West-Vlaanderen. 'Vooral de bed & breakfasts zaten in de lift. De rest van de toeristen slaapt in tot vakantiehuizen omgebouwde landbouwhoeves of jeugd- en groepsverblijven. In Ieper heb je maar een drietal hotels. Die zitten wel al een tijdje volgeboekt. Groepen die nu op zoek zijn naar een hotel wijken uit naar Rijsel, Oostende, Brugge en Calais.' Horeca Vlaanderen heeft geen prognose gemaakt van hoeveel de honderdste herdenking van WO I de sector zal opleveren. De economische impact in steden als Leuven of Antwerpen zal naar verwachting 'zo goed als verwaarloosbaar' zijn. 'Ook daar heeft Vlaanderen geïnvesteerd, dat klopt', zegt gedelegeerd bestuurder Danny Van Assche. 'Maar alleen in West-Vlaanderen zullen ze er ook geld uitslaan. De economische winst beperkt zich dus tot de Westhoek.' Een onderzoek uit 2006, 'Oorlog en Vrede in de Westhoek', becijferde dat de herdenkingstoeristen dat jaar ongeveer 31 miljoen euro uitgaven, ongeveer een kwart van de totale toerisme-uitgaven in de Westhoek. Het oorlogs- of vredestoerisme is goed voor ongeveer 500 arbeidsplaatsen. In 2011 zou de omzet, geïndexeerd en rekening houdend met het lichtjes gestegen bezoekersaantal 32,5 miljoen euro geweest zijn. Iets minder dan de helft van de bestedingen gaat naar logies. De rest gaat naar restaurants, cafés, musea en allerhande commerciële nevenactiviteiten. 'We nemen aan dat de bestedingen in dezelfde orde van grootte zullen toenemen als het aantal bezoekers', zegt Lodewyck. Dat zou in 2014 een omzet van net geen 50 miljoen euro opleveren. 'Alles wijst op een stijging, maar er bestaat ook zoiets als het Olympische Spelensyndroom. In de zomer van 2012 waren er tegen alle verwachtingen in veel minder toeristen in Londen dan men voorspeld had. De reden was dat veel toeristen hun bezoek uitstelden tot wanneer er geen Olympische Spelen of Paralympics op het programma stonden en er dus geen volkstoeloop werd voorspeld.' Ook Bart Boelens houdt een slag om de arm. 'Ik weet dat ze bij Westtoer een meeropbrengst van ongeveer dertig procent voorspellen en ik hoop het met hen. Maar we zullen pas eind volgend jaar een goed zicht krijgen op het effect van de herdenking. Als de prognoses kloppen, dan kunnen wij aan de kust in elk geval meeprofiteren. Het voordeel is dat de kuststrook vlakbij ligt. In totaal zijn dat ongeveer 320 hotels. Daar kunnen dus wel een paar duizend extra mensen worden opgevangen. Vanuit de hotels in Oostende, Brugge en Gent, maar ook vanuit Antwerpen en Brussel worden er trouwens vanaf 2014 busreizen georganiseerd die de gasten een daguitstap aanbieden langs de herdenkingssites.' Aangezien de afzonderlijke veldslagen en wapenbestanden allemaal pas echt herdacht worden op het moment van hun honderdste verjaardag, zal de hele herdenking duren tot 28 juni 2019, exact een eeuw na de Vrede van Versailles. Dat is net geen vijf jaar na 4 augustus 2014, wanneer in Wallonië de inval van de Duitsers zal worden herdacht. Maar in de Westhoek, waar de herdenking van de overstroming van de IJzervlakte in oktober een eerste hoogtepunt moet worden, denkt men niet dat de hele machine op een bepaald moment zal stilvallen. 'De investeringen in de infrastructuur zorgen voor een duurzaam effect en de evenementen zijn niet alleen opgezet rond de historische gebeurtenissen, maar ook rond verschillende thema's', zegt Lodewyck. 'Ik denk echt niet dat de bezoekers de herdenking beu zullen zijn tegen 2019.' DOOR HANNES CATTEBEKEDe Westhoek verwacht in 2014 meer dan 500.000 bezoekers en een omzet van net geen 50 miljoen euro.