Opwarmer: zeg 'O' met je lippen op elkaar. Omdat de druk rond je mond wegvalt, zal de klank een andere weg zoeken.
...

Opwarmer: zeg 'O' met je lippen op elkaar. Omdat de druk rond je mond wegvalt, zal de klank een andere weg zoeken. Sta in de hoek. Of: gebruik de ruimte. Moet je een publiek toespreken of plaatsnemen aan een onderhandelingstafel, bedenk dan dat elke hoek fungeert als een luidspreker. Door in een hoek van de ruimte te gaan staan, draagt je stem verder zonder dat je daar veel moeite voor moet doen. Spreek naar achteren. Beeld je in dat je mond niet aan de voorkant maar aan de achterkant van je hoofd zit. Door zo te spreken, benut je veel meer de volledige ruimte in je mond en maak je ook gebruik van je borstregister. Niet doen: overdreven articuleren. Hoe meer je articuleert en hoe groter de bewegingen die je maakt met je mond, hoe meer druk op de mond- en kaakspieren. Nerveus? Focus op je ademhaling. Maak je uitademing langer dan je inademing, bijvoorbeeld door uit te ademen op een 'ff' klank. Hoe rustiger je ademhaling, hoe meer de klank kan resoneren.