'Oud-premier Jean-Luc Dehaene zei onlangs in een interview dat er geen charismatische politici meer zijn van het kaliber van de Franse president François Mitterrand: mensen die de burgers met een bevlogen verhaal kunnen overtuigen. Maar het is net Dehaene die de Belgen heeft geleerd om zich bij elke beleidsmaatregel af te vragen welk voordeel ze erbij hebben. Vandaag betalen zowat alle politieke partijen daar een prijs voor: als je er nu een rekenmachine bij haalt, is het niet meer zo duidelijk wat het Europese of het nationale beleid ons oplevert. Toch draait de verkiezingscampagne bijna uitsluitend rond economische thema's, en daarbij wordt vooral rekening gehouden met de gevolgen voor de portemonnee van de individuele kiezer. "Stem op ons...

'Oud-premier Jean-Luc Dehaene zei onlangs in een interview dat er geen charismatische politici meer zijn van het kaliber van de Franse president François Mitterrand: mensen die de burgers met een bevlogen verhaal kunnen overtuigen. Maar het is net Dehaene die de Belgen heeft geleerd om zich bij elke beleidsmaatregel af te vragen welk voordeel ze erbij hebben. Vandaag betalen zowat alle politieke partijen daar een prijs voor: als je er nu een rekenmachine bij haalt, is het niet meer zo duidelijk wat het Europese of het nationale beleid ons oplevert. Toch draait de verkiezingscampagne bijna uitsluitend rond economische thema's, en daarbij wordt vooral rekening gehouden met de gevolgen voor de portemonnee van de individuele kiezer. "Stem op ons, want wij geven je het beste pensioen en het grootste belastingvoordeel", hoor je overal. Dat is natuurlijk geen politiek leiderschap. Wie écht politieke verantwoordelijkheid wil opnemen, moet aan de burgers durven te zeggen dat het belangrijk is om verder te kijken dan wat een bepaalde maatregel hen vandaag oplevert. Politici moeten een toekomstproject voor een gemeenschap uittekenen, en daarbij gaat het natuurlijk niet alleen over geld. 'In plaats van constant te zitten rekenen, zouden ze zich beter bezighouden met omwentelingen die diep in ons leven ingrijpen. Met het internet en onze privacy, bijvoorbeeld. Toen een tijd geleden bleek dat Amerikaanse inlichtingendiensten ons internetverkeer inkeken, was het enige antwoord dat de Europese Unie kon bedenken de mogelijke invoering van een Europees internet. Maar wat hebben we eraan dat de Amerikanen onze e-mails niet meer kunnen lezen als Europese inlichtingendiensten dat wel kunnen? Ik wil dat niemandmijn e-mails opent zonder gerechtelijk mandaat. Er is dus dringend nood aan een uitgewerkte visie over onze privacy. Maar daar is de politiek niet mee bezig. Meer nog: toen de Amerikaanse president Barack Obama onlangs in België was, schoven onze politici aan om hem te bejubelen. Een kritische noot zou nochtans op zijn plaats zijn geweest. Wie een principiële grens overschrijdt, moet worden teruggefloten. Wat volgt er anders nog? 'Hetzelfde geldt voor de Europese politiek. Sinds de financiële crisis heeft de EU op politiek vlak amper orde op zaken gesteld. Financieel expert David Marsh pleitte een paar weken geleden in Knack voor de oprichting van een waarheidscommissie, waarbij politici, ambtenaren en bankiers duidelijkheid zouden moeten scheppen over de fouten uit het verleden. Dat lijkt me een goed voorstel, want een politieke constructie zoals de EU kan alleen werken als er mechanismen zijn ingebouwd om mensen ter verantwoording te roepen. Anders loopt het mis. Niet alleen omdat straffeloosheid overheden geld kost, maar vooral ook omdat wanbeleid de burgerzin aantast. Achter economische of financiële schade schuilt er altijd een belangrijk politiek probleem. Als justitie er bijvoorbeeld niet in slaagt om witteboordencriminaliteit te bestraffen en multinationals amper belastingen betalen, vragen veel burgers zich af waarom zij wel zouden bijdragen. Ook dat is dus een politiek probleem. 'Hetzelfde geldt voor het Dexia-dossier: dat was niet alleen een financieel, maar ook een politiek en democratisch drama. Jammer genoeg wou de meerderheid geen parlementaire onderzoekscommissie oprichten om de politieke verantwoordelijkheid door te lichten. Daardoor weet niemand wat er precies is gebeurd, en dat tast het vertrouwen aan. Hoe kunnen politici burgers voortdurend op hun individuele verantwoordelijkheid wijzen en bijvoorbeeld een tegenprestatie verwachten van wie een uitkering krijgt als ze ondertussen toezichthouders en bankiers herbenoemen die hun job niet hebben gedaan? Dat is toch om problemen vragen?'