Eind november van vorig jaar blies de Amerikaanse president George W. Bush verzamelen in de marine- basis van Annapolis. Vertegenwoordigers van enkele tientallen landen en organisaties kwamen bijeen om de Is-raëlische premier Ehud Olmert en de Palestijnse president Mahmoud Abbas te horen beloven dat ze onmiddellijk gesprekken zouden beginnen met de bedoeling om voor het einde van dit jaar een einde te maken aan het conflict in het Midden-Oosten.
...

Eind november van vorig jaar blies de Amerikaanse president George W. Bush verzamelen in de marine- basis van Annapolis. Vertegenwoordigers van enkele tientallen landen en organisaties kwamen bijeen om de Is-raëlische premier Ehud Olmert en de Palestijnse president Mahmoud Abbas te horen beloven dat ze onmiddellijk gesprekken zouden beginnen met de bedoeling om voor het einde van dit jaar een einde te maken aan het conflict in het Midden-Oosten. Ondertussen sloot Israël wel de Gazastrook zo goed als volledig van de buitenwereld af, omdat de islamisten van Hamas het daar voor het zeggen hebben. Hamas won in 2006 eerst de Palestijnse verkiezingen en joeg vervolgens de aanhangers van Abbas en zijn Fatahpartij na een korte burgeroorlog uit Gaza weg. Hamas wordt door Israël en door het Westen beschouwd als een terreurorganisatie. Hamas wil wel over een bestand met Israël praten, maar weigert om het gebruik van geweld af te zweren zolang Israël zich niet uit de bezette gebieden heeft teruggetrokken. Er is sinds november al veel vergaderd tussen de Israëli's en de Palestijnen van Abbas, maar erg ver lijken ze niet te zijn opgeschoten. Er vallen ondertussen wel nog altijd bijna elke week tientallen doden bij gevechten tussen het Israëlische leger en Hamas in en om de Gazastrook. De burgerbevolking wordt daarbij niet ontzien. Eind vorige week filmde een Palestijnse cameraman van het persagentschap Reuters hoe een Israëlische tank een granaat op hem afschoot. Hij filmde zijn eigen dood. Op zijn auto naast hem stond nochtans in grote letters wat hij daar deed. De voormalige Amerikaanse president Jimmy Carter vindt al een tijd dat Israël de Palestijnen onheus behandelt. Hij noemde de blokkade van Gaza zelfs zonder omwegen 'een misdaad'. Carter heeft recht van spreken. Hij onderhandelde in de jaren zeventig het Camp Davidakkoord tussen Israël en Egypte. In 2002 kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede, voor zijn onafgebroken ijver voor vrede en respect voor de mensenrechten in de hele wereld. Vorige week reisde hij door de regio om er de boodschap te verspreiden dat het conflict niet kan worden opgelost als Hamas aan de kant blijft staan. Een mening die overigens ook in Israël zelf veld wint - zij het nog niet op het officiële niveau. Olmert weigerde hem daarom te ontvangen en ook Washington nam nadrukkelijk afstand van de demarche. Het belette de voormalige pindaboer uit Georgia niet om in Syrië met president Bashir al-Assad te praten, en met Hamasleider in ballingschap Khaled Meshaal. Op het eerste gezicht leverde de bemiddelingspoging weinig op. Carter pleitte, bijvoorbeeld, ook zonder veel succes voor de vrijlating van een Israëlische soldaat die door Hamas wordt vastgehouden. Hamasleiders zeiden hem wel toe dat ze een eventueel akkoord tussen Olmert en Abbas zullen accepteren, als het door de Palestijnen bij referendum wordt goedgekeurd. Bijna zes maanden na Annapolis zou dat Olmert en Abbas ertoe kunnen aanzetten om op te schieten. Door de situatie in Gaza staan ze allebei onder een enorme druk. Terwijl Bush weer in zijn luie stoel zit, is iemand met de statuur van Carter misschien wel uitermate geschikt om de carrousel van geweld en onmacht te doorbreken. Als hij daartoe de kans zou krijgen.door Hubert van Humbeeck