Tot de achttiende eeuw zette men behalve in nonnenkloosters nauwelijks vrouwen in voor de hoge stemmen in de sacrale muziek. Had de apostel Paulus niet geschreven: Mulier taceat in ecclesia, de vro...

Tot de achttiende eeuw zette men behalve in nonnenkloosters nauwelijks vrouwen in voor de hoge stemmen in de sacrale muziek. Had de apostel Paulus niet geschreven: Mulier taceat in ecclesia, de vrouw moet zwijgen in de kerk? Katholieken lieten jongens met mooie stemmen castreren en verboden die praktijk tegelijk als goddeloos. Protestanten zagen meer heil in knapen of met falsetstem zingende mannen. De voorbije vijftig jaar is die laatste soort tot hoge bloei gekomen. Nu heeft de Franse contratenor Damien Guillon de emotierijk moraliserende liederen van de onderschatte Duitse protestantse componist Philipp Heinrich Erlebach opgediept. Zijn Italiaanse collega Carlo Vistoli illustreert op Officina Romana (Arcana) de korte periode rond 1700 toen Corelli, Caldara, Scarlatti en Händel samen concerteerden bij Romeinse kardinalen. Een tegennatuurlijke praktijk kan soms glansrijke cultuur voortbrengen.