In een democratie zijn het de vertegenwoordigers van het volk die de politieke macht uitoefenen. De voorbije twee eeuwen kreeg deze vertegenwoordiging andere en nieuwe gezichten. Voorheen eerder gemarginaliseerde groepen in de samenleving, zoals vrouwen en etnische minderheden, zijn er geleidelijk aan in geslaagd om volwaardig deel uit te maken van het democratisch bestel. Door zelf stemrecht te verkrijgen en door vertegenwoordigers uit deze groepen politieke macht te laten verwerven. Deze inclusiebeweging heeft tot nu toe kinderen en jongeren eerder genegeerd. Minderjarigen genieten weinig democratische rechten om het beleid te beïnvloeden, wetten en decreten vorm te geven of hun vertegenwoordigers in parlementen te kiezen. Ze zijn nochtans met velen: in Vlaanderen leven meer dan een miljoen minderjarigen en in heel België ruim twee miljoen....

In een democratie zijn het de vertegenwoordigers van het volk die de politieke macht uitoefenen. De voorbije twee eeuwen kreeg deze vertegenwoordiging andere en nieuwe gezichten. Voorheen eerder gemarginaliseerde groepen in de samenleving, zoals vrouwen en etnische minderheden, zijn er geleidelijk aan in geslaagd om volwaardig deel uit te maken van het democratisch bestel. Door zelf stemrecht te verkrijgen en door vertegenwoordigers uit deze groepen politieke macht te laten verwerven. Deze inclusiebeweging heeft tot nu toe kinderen en jongeren eerder genegeerd. Minderjarigen genieten weinig democratische rechten om het beleid te beïnvloeden, wetten en decreten vorm te geven of hun vertegenwoordigers in parlementen te kiezen. Ze zijn nochtans met velen: in Vlaanderen leven meer dan een miljoen minderjarigen en in heel België ruim twee miljoen. Voorstellen om de stemplicht in ons land uit te breiden tot jongeren vanaf 16 jaar, werden onlangs nog op diverse fora verdedigd. Deze discussie leeft niet alleen bij ons. Landen als Brazilië, Joegoslavië, Bosnië-Herzegovina en Nicaragua hebben recent beslist om stemrecht te verlenen aan jongeren vanaf 16 jaar. Deze voorstellen en beslissingen sluiten aan bij een bredere maatschappelijke beweging die kinderen en jongeren als actieve burgers ziet. Het is dan ook maar normaal dat hun ervaringen, inzichten en (toekomst)perspectieven een plek krijgen in maatschappelijke en politieke discussies. Deze beweging sluit op haar beurt aan bij een kernpijler van het Internationale Kinderrechtenverdrag. In dat Kinderrechtenverdrag is het stemrecht niet opgenomen, maar de zogenoemde 'participatierechten' kwamen bij de goedkeuring van het Verdrag wel op gelijke voet te staan met de rechten op bescherming en de rechten op passende voorzieningen. Het probleem met het voorstel om de kiesgerechtigde leeftijd te verlagen, is dat het kinderen en jongeren probeert in te passen in een op volwassen normen gebaseerde politieke constructie. Minderjarigen krijgen pas een stem op het ogenblik dat het verschil met de volwassene tot een minimum is gereduceerd. Op die manier krijgt het verschil in de vertegenwoordiging geen of nauwelijks een plek. Een discussie over stemrecht aan minderjarigen kan met andere woorden niet alleen maar gaan om het toekennen van 'volwassen' privileges aan kinderen. De meer fundamentele vraag is hoe een democratie ook kinderen en jongeren en dus ook hun verschillende levenservaringen ten volle kan representeren. Wat we vandaag nodig hebben, is een politieke ruimte waarin kinderen de kans krijgen hun anders-zijn en hun daaruit voortvloeiende gezichtspunten tot hun recht te laten komen. De vertegenwoordiging in de politieke sfeer kan niet alleen afhankelijk zijn van hoe competent iemand voor zijn belangen kan opkomen of hoe krachtig iemand tegen de machtspositie van een ander kan ingaan. De vertegenwoordiging in de politieke sfeer hangt wel af van de mate waarin de grote verschillen die tussen mensen bestaan in de discussie kunnen worden binnengebracht. Een samenleving kan in die zin pas als democratisch beschouwd worden als de verschillen tussen haar leden een verschil uitmaken in de wijze waarop macht uitgeoefend wordt. Stemrecht is het meest krachtige middel om de verkozenen van het volk rekening te laten houden met grote diversiteit tussen burgers. Het is daarom zinvol na te denken over het veralgemenen van het stemrecht voor alle kinderen en jongeren in ons land. Ook recente (wets)voorstellen in Nederland en Duitsland pleiten daarvoor. Dat klinkt op het eerste gezicht misschien wat naïef, maar op een ogenblik dat we ons het hoofd breken over de toekomst van onze samenleving, lijkt het aangewezen hierin ook toekomstige generaties een stem te geven. Het zou de steun aan dringende maatregelen op het vlak van kinderopvang, scholenbouw en wachtlijsten in de jeugdzorg een noodzakelijke duw in de rug kunnen geven. Het kan er politici ook toe bewegen de impact van de huidige financiële crisis op kinderen en gezinnen sterker te erkennen en aan te pakken. Maar het kan er bovenal voor zorgen dat andere, nieuwe thema's als beleidsprioriteit verschijnen. De ruim twee miljoen minderjarigen in België hebben weinig democratische rechten om het beleid te beïnvloeden.