'Ik kieper af en toe een stapel onverbeterde huiswerken zo de vuilnisbak in. Dat doe ik niet uit luiheid of zo. Soms heb ik gewoon te veel ander werk. Dan blijft dat huiswerk liggen, en op den duur ligt het er zo lang dat er te veel tijd tussen zit om het nog terug te geven. Nu, een ramp is dat niet, want uiteindelijk is dat huiswerk toch vooral voor de ouders bedoeld.'
...

'Ik kieper af en toe een stapel onverbeterde huiswerken zo de vuilnisbak in. Dat doe ik niet uit luiheid of zo. Soms heb ik gewoon te veel ander werk. Dan blijft dat huiswerk liggen, en op den duur ligt het er zo lang dat er te veel tijd tussen zit om het nog terug te geven. Nu, een ramp is dat niet, want uiteindelijk is dat huiswerk toch vooral voor de ouders bedoeld.' Dat vertelde een leraar mij eind vorig schooljaar. Een vreemde snuiter, dacht ik, een uitzondering. Ik kon me moeilijk voorstellen dat je als leraar huiswerk geeft louter om ouders een schriftelijk bewijs van opgedane kennis te geven. Tot ik verder begon rond te vragen. Hoe meer verhalen ik hoorde, hoe duidelijker het werd dat wat deze leraar zei de regel is, niet de uitzondering. Niet dat de huistaken in Vlaanderen massaal in de papiermand belanden. Maar veel te weinig wordt in scholen de vraag gesteld: 'Hoe wordt de leerling beter van deze huistaak?' Leraren geven vaak huiswerk uit gewoonte - 'ik heb als kind toch ook jarenlang elke dag huiswerk gemaakt' - en voor de schone schijn. Terwijl er maar één criterium zou mogen zijn: leerwinst. Ik wil niet veralgemenen. Er zijn scholen die wel heel erg begaan zijn met leerwinst en die zoeken naar de beste manier om die via het huiswerk te boeken. Maar ze zijn in de minderheid. Vraag maar eens rond hoeveel kinderen al 'gedifferentieerd huiswerk' krijgen, taken op maat dus in plaats van het klassikale huiswerk. Het zijn er niet veel. Toch is dat de beste manier om leerlingen te laten bijbenen of, omgekeerd, extra uit te dagen. De laatste tijd zetten steeds meer leraren en scholen kennelijk ook de aanval in op muzieklessen, toneelrepetities, sporttrainingen, jeugdbeweging en andere vrijetijdsactiviteiten. Er sijpelen steeds meer klachten binnen over leraren die zulke activiteiten afraden. Alsof de ontwikkeling van jongeren zou lijden onder sport en muziek. Alsof leerlingen minder zouden leren als ze actiever zijn buiten de schooluren. Daarmee lijken sommige leraren en directeurs krampachtig te willen vasthouden aan het afbrokkelende monopolie van het onderwijs op het vlak van kennisverwerving. Dankzij het internet en talloze alternatieve leertrajecten hoef je steeds minder op de klassieke schoolbanken te zitten om competenties op te bouwen. De leer-het-zelvers zijn in opmars. Jongeren (en ouderen) maken gebruik van het internet zoals doe-het-zelvers van Gamma en Brico en stellen zelf een pakket samen dat ze in hun eigen tempo onder de knie proberen te krijgen. Als steeds meer scholen zulke buitenschoolse leertrajecten gaan afwijzen, dreigt het onderwijs zichzelf helemaal irrelevant te maken tegenover het brede scala aan leerprikkels. Want wat wil het daarmee bereiken? Alle andere vormen van leren uitroeien, zodat iedereen tussen z'n 2,5 en 18 jaar alleen nog maar met school bezig is? Het is net de taak van het onderwijs om jongeren leergierig te maken voor alle vormen van leren, ook buiten de schoolmuren. Om hen te prikkelen nieuwe inzichten en competenties te ontwikkelen via het internet, via ons - stevig uitgebouwd - deeltijds kunstonderwijs of andere initiatieven. Laten we er geen concurrentiestrijd van maken, waarbij we enkel oog hebben voor de eigen voortuin. Het is de leerling die telt, niet de plek waar hij iets heeft geleerd. Het huiswerk staat niet alleen symbool voor de gespannen verhouding tussen onderwijs en andere leeraanbieders. Het legt ook de moeilijke relatie tussen ouders en scholen bloot. De onderwijsenquête van Knack toonde twee weken geleden nog eens aan dat die samenwerking allesbehalve over rozen loopt. Specialisten waarschuwen voor de onnodige stress die de huiskamers binnensluipt wanneer leerlingen te veel huiswerk krijgen. Enerzijds bij ouders die willen helpen, maar daar niet toe in staat zijn. Anderzijds dreigt huiswerk onevenredig veel roofbouw te plegen op de qualitytime van een gezin. Het is geen argument om huiswerk af te schaffen, maar wel een aanmoediging om elke leerling te zien als een jongere in volle ontwikkeling, niet als een leerobject dat in vakjes moet worden opgedeeld. Het is de taak van het onderwijs om jongeren leergierig te maken voor alle vormen van leren, ook buiten de schoolmuren.