De breedst mogelijke glimlach vorige week op het gelaat van onze chef-Wetstraat: de Walen hebben het festival van Cannes gewonnen. Het was geleden van Claude Criquielion op Montjuich, dat wij hem in zulke opperbeste stemming hebben gezien.
...

De breedst mogelijke glimlach vorige week op het gelaat van onze chef-Wetstraat: de Walen hebben het festival van Cannes gewonnen. Het was geleden van Claude Criquielion op Montjuich, dat wij hem in zulke opperbeste stemming hebben gezien. U weet dat onze chef-Wetstraat, via tal van connecties met niet alleen vooraanstaande maar tevens tot het vrouwelijk geslacht behorende figuren uit de Waalse beweging, een ruime sympathie heeft opgevat voor het zuidelijke landsgedeelte. Dat "Rosetta" werd onderscheiden met de Gouden Palm, en dan nog uitgerekend op het hoogfeest van de Pinksterbeweging, was voor hem een ware topdag. Opmerkelijk trouwens hoe sommigen - de kraai van het VRT-journaal en de redactie van De Standaard voorop - het in dit verband plots hadden over een "Belgische Franstalige film". Tien jaar indoctrinatie door in elk bericht een tegenstelling tussen Vlamingen en Walen binnen te smokkelen, door op elke bladzijde vierennegentig keer de termen "Vlaanderen" of "Vlaams" er tussen te wringen, maar die ene keer dat ze onze Waalse vrienden wel moesten in een positieve context vernoemen, mocht het verboden woord "Belgisch" ineens vanonder het stof worden gehaald. Niet erg moedig, voor wie zich constant bezondigt aan Vlaming-spuierij. Onze chef-Wetstraat liet het niet aan zijn hart komen. "Heren," zo opende hij de vorige redactievergadering, "laten wij ons boven deze provinciale kleingeestigheid verheffen, en een toost uitbrengen op het fiere Waalse volk, zonder hetwelk er van Vlaanderen geen sprake zou zijn. Onze collega, de heer Reynebeau , zal u dit uitleggen middels een kort exposé over de Waalse identiteit en het kraaien van de haan, drie maal, waarmee mijn eigen nonkel Frans..." (hier veegde onze chef-Wetstraat, een emotioneler man dan men bij eerste lezing zou denken, een traan uit zijn ooghoeken), "...waarmee mijn eigen nonkel Frans beroemd en geliefd is geworden. Hoe onrechtvaardig is het dan ook, om zoals ik wekelijks te worden aangevallen in 't Scheldt , uitgerekend de stroom die alles te danken heeft aan onze familiesluis die zoveel diensten bewijst aan de haven, en aan het welzijn van la ville d'Anvers in het algemeen. Heren, hef met mij het glas: leve de gebroeders Dardenne, leve Emilie Dequenne, leve Rosetta, leve Georgie Price en AlanFame, ACW WWK." Wij hadden de indruk dat onze chef-Wetstraat een en ander door elkaar begon te slaan, maar niettemin dronken wij mee. Want of het nu op de gebroeders Dardenne is of op een ander, dat verandert niets aan de smaak van een Jack Daniels. Toen kwam Patrick Duynslaegher binnen, en werd prompt gesommeerd zijn mening te geven over de bekroonde film. Duynslaegher staarde een tijdje voor zich uit, zijn ogen verborgen achter zwarte brilglazen. Onze chef-film brengt namelijk zoveel uren in de donkerte door, dat zijn ogen, net als het gedrag van de meesten van zijn collega's, het daglicht niet meer kunnen verdragen. Zijn verdict was dodelijk: "Een verdienstelijke poging. In zijn genre niet eens zo slecht. Helaas trekt dat genre op niets. Onstabiele cameravoering, en te weinig kleurschakering in de decors." Er viel een beklemmende stilte, tot onze chef-Wetstraat oprees uit zijn stoel en sprak: "Ik zal deze week het artikel over film zelf schrijven. Gij Patrick, doet Geld en Werk ." Daarna vertrok Van Cauwelaert naar een internationaal uitgeverscongres in Hamburg. Waar hij zich van het vliegveld naar het stadhuis spoedde, op de eerste verdieping de balkondeuren opengooide, het bordes betrad, en een verrukte menigte Duitsers op de begane grond in vervoering bracht door hen toe te schreeuwen: "Ich bin ein Hamburger."De discussies over kunst worden op onze redactie steeds bitsiger. Neem nu het SMAK, het containerpark waarvoor Jan Hoet de Gentse taksbetaler driehonderd miljoen heeft afgezet. Dit om beschimmelde kaas uit te stallen, en gebarsten spiegels op te hangen. Schitterende foto van de boksende Hoet onlangs op de cover van Knack. Vijfduizend exemplaren minder verkocht. Vijfduizend! Onze chef-cultuur viel kermend achterover toen onze chef-Wetstraat, met dreigende ondertoon in de stem, de officiële verkoopscijfers van die week bekendmaakte. En eraan toevoegde dat in deze omstandigheden van vakantiegeld geen sprake kon zijn. De eerste die onze chef-cultuur bij de nek had, was onze chef-buitenland: "Hoe heet de directeur van het SMAK? Jan KLAK!" Op zich een wat makkelijke woordspeling misschien, maar ze won aan kracht door de woede en de haat waarmee ze werd uitgesproken. Wij begonnen te vrezen voor het leven van onze steeds blauwer wordende chef-cultuur, toen onze chef-Wetstraat tussenbeide kwam door uit te roepen: "Sus, Jan! Op deze redactie wordt niet gevochten. Ga buiten verder doen." Ook inzake het SMAK moeten wij een zijsprongetje maken naar De Standaard, die de dag na de opening uitpakte met een foto die wij u zo proper mogelijk zullen proberen te beschrijven. Vergeef ons wat volgt. In een hok, te midden van een kudde lammeren en schapen, zit een vrouw van middelbare leeftijd poedelnaakt op een stoel. Ze heeft koorden om de nek en een bit in de mond. Buiten beeld bevindt zich blijkbaar een soortgenote, en beide dames bekogelen elkaar met stenen. Tot daar alles normaal. Althans, in de wereld van Jan Hoet. Maar op de foto is onmiskenbaar te zien hoe een van de lammeren staat te snuffelen in de aars van de naakte vrouw. Niet eraan, erin. Als ex-leerling van het vrij onderwijs kost het ons moeite dit alles te formuleren, maar de feiten zijn de feiten. Wat er aan de achterzijde van het lam valt waar te nemen, durven wij niet meer opschrijven. "Een geurige performance van Tania Bruguera", meldt De Standaard in het onderschrift. Wat daar op de Gossetlaan nog over is van AVV of van VVK, is ons een raadsel. De nieuwe essayist in De Standaard Magazine is Herman Brusselmans! Wat wij U met deze uitweiding willen zeggen is dit: opgelet voor Jan Hoet, hij brengt uw vakantiegeld in gevaar. Koen Meulenaere