Er is een belangrijk verschil tussen het aantal uren dat mensen met een slaapstoornis slapen en het aantal uren dat ze denken te slapen. Dat blijkt uit onderzoek gepubliceerd in The Journal of Clinical Sleep Medicine. De meeste patiënten onderschatten het aantal uren dat ze slapen. Ze denken ook dat ze veel langer...

Er is een belangrijk verschil tussen het aantal uren dat mensen met een slaapstoornis slapen en het aantal uren dat ze denken te slapen. Dat blijkt uit onderzoek gepubliceerd in The Journal of Clinical Sleep Medicine. De meeste patiënten onderschatten het aantal uren dat ze slapen. Ze denken ook dat ze veel langer wakker liggen voor ze in slaap vallen dan in werkelijkheid. Tijdens hun slaap worden ze vaak eventjes wakker, maar die korte onderbrekingen duren doorgaans minder lang dan ze denken. In The Journal of Neuroscience analyseren wetenschappers de vraag hoe de hersenen onze bewegingscapaciteit zo onderdrukken dat we tijdens het slapen niet op wandel gaan. Zeker in de remslaap, waarin we dromen, is het belangrijk dat we niet te actief meeleven met wat er zich in ons hoofd afspeelt. In de hersenstam van muizen is een groepje zenuwcellen aangetroffen dat hun lichaam kan verlammen. De zenuwcellen staan in verbinding met groepjes neuronen die de niet-automatische bewegingen controleren, zodat de diertjes stil blijven liggen terwijl hun organen blijven werken. Ook de oogspieren blijven intact, wat leidt tot de wilde oogbewegingen die kenmerkend zijn voor de remslaap. Als de werking van de neuronen in kwestie wordt uitgeschakeld, gaan de muisjes slaapwandelen. Het systeem zou ook bij mensen actief zijn. Het kan onaangepaste activiteit vertonen, waardoor je plots in slaap kunt vallen terwijl je ergens mee bezig bent. Narcolepsie heet die vervelende aandoening. Gehoopt wordt dat de ontdekking tot een behandeling voor bepaalde slaapstoornissen kan leiden.