'De wonden van Zaventem' (Knack nr. 45) en 'De vetpotten van Sabena' (Knack nr. 47) beschrijven op duidelijke wijze de financiële omstandigheden die leidden tot het failliet van Sabena in 2001. De Belgische politiek liet de nog nationale luchtvaartmaatschappij aan haar lot over door een gebrek aan competentie. Parallellen met de zaak-DHL en met het luchtvaartbeleid van de overheid in het algemeen liggen voor de hand.
...

'De wonden van Zaventem' (Knack nr. 45) en 'De vetpotten van Sabena' (Knack nr. 47) beschrijven op duidelijke wijze de financiële omstandigheden die leidden tot het failliet van Sabena in 2001. De Belgische politiek liet de nog nationale luchtvaartmaatschappij aan haar lot over door een gebrek aan competentie. Parallellen met de zaak-DHL en met het luchtvaartbeleid van de overheid in het algemeen liggen voor de hand. Sabena vloog 78 jaar lang aan de markteconomie voorbij. De relatie met mogelijke lucratieve alliantiepartners als British Airways, KLM en Air France werd vooraf verzuurd. Vaak uit communautaire overwegingen of zelfs onder druk van het koningshuis. Tot alleen de mogelijkheid overbleef om met de Zwitsers in zee te gaan. Een fatale beslissing omdat de federale overheid op geen enkele wijze de gang van zaken bij Sabena onder controle kon houden. Met als gevolg het financiële leegzuigen door Swissair en een onverantwoorde overexpansie van netwerk en capaciteit - wat in het vakjargon steevast het Sabenasyndroom wordt genoemd. Het lot van DHL was in feite al in 1986 beschoren, toen de koeriersdienst zich in Zaventem vestigde. De overheid had geen visie op de expansie die de logistieke sector in de volgende decennia zou doormaken. Een expansie waarin DHL als wereldspeler met nu 160.000 personeelsleden, 4,2 miljoen klanten en meer dan één miljard zendingen per jaar, een belangrijke rol zou spelen. Men had DHL van het begin af elders kunnen laten uitbreiden, bijvoorbeeld op een van de stil te leggen militaire vliegvelden. Dat gebeurde niet, want een coherent concept voor de luchtvaartactiviteiten heeft in België nooit bestaan. Beide verhalen, maar ook de slechte ontsluiting van Zaventem, de gebrekkige spoor- en hst-infrastructuur rond de nationale luchthaven en de falende samenwerking tussen BIAC en de verschillende partners zoals uiteengezet in de visie van het Vlaams Economisch Verbond (VEV) van 1998, illustreren de diepgaande en chronische incompetentie van de Belgische overheid op het vlak van luchtvaart en het schandelijk falen van het beleid voor de sector. Dat is des te spijtiger wanneer men bedenkt dat België over 13 luchthavens met in totaal 46 kilometer start- en landingsbanen beschikt, en dat de luchtmacht haar vloot tot 130 vliegtuigen reduceerde. Voormalig VLD-minister van Verkeer Herman De Croo (1981-1988) was tussen 1993 en 1994 voorzitter van het Comité der Wijzen (Comité des Sages) opgericht naar aanleiding van crisis in de Europese luchtvaart. Dat legde zich toe op het thema Expanding horizons en De Croo had daaruit lessen kunnen trekken voor België. Zijn huidig commentaar: 'De communautaire cactus is de doodprik van Zaventem', diskwalificeert hem. Algemeen geldt dat de politieke invloed in een complexe sector als de luchtvaart moet worden beperkt. Excellenties als Jean-Luc Dehaene (CD&V), Elio Di Rupo (PS), Rik Daems (VLD), Guy Verhofstadt (VLD) en vele anderen hebben gedurende jaren bewezen dat die stelling voor België zeker geldt. Herwig Klenner, Tongeren.