©The Economist
...

©The EconomistEen Portugese avonturier noemde Saint-Pierre en Miquelon ooit de eilanden van de 11.000 maagden. Maar ondanks de belofte die zo'n naam inhoudt, kan de kleine Franse archipel voor de Canadese kust bezwaarlijk een paradijs worden genoemd. De eilanders beroemen er zich op dat ze de beste croissants van Noord-Amerika bakken, maar afgezien daarvan zijn de eilanden vooral bekend om hun rotsen, hun mist en hun uitzonderlijk strategische ligging. Ten tijde van de drooglegging in de Verenigde Staten boerden Saint-Pierre en Miquelon korte tijd goed, maar sindsdien gaat het economische leven er weer op en neer met de haringvangst in de noordelijke Atlantische Oceaan. De 6000 eilanders in dit laatste stukje Frankrijk in Noord-Amerika hopen dat olie en gas hen in de toekomst rijk zullen maken, zoals dat ook al gebeurde met de bewoners van de nabijgelegen Canadese provincie Newfoundland. De bewoners van de kleine archipel zetten er Parijs toe aan om bij de Verenigde Naties een deel op te eisen van het continentaal plat ten zuiden van de eilanden. Een commissie van de VN verzamelt claims voor het gebruik van de zeebodem over de hele wereld. Landen zoals Frankrijk, die de VN-conventie over het zeerecht voor mei 1999 hebben geratificeerd, hebben tot 13 mei van dit jaar de tijd om hun verzoek in te dienen. Daarna gaan onderhandelingen van start. Ondertussen voelt Canada zich door het Franse voornemen bedreigd. Ottawa gaat er verkeerdelijk van uit dat de kwestie in 1992 door arbitrage werd geregeld en het 'zal alle noodzakelijke stappen nemen om zijn rechten te verdedigen'. In 1992 werden wel afspraken gemaakt over de maritieme grenzen tussen Canada en de eilanden, maar over de zeebodem is toen niet gesproken. Het conflict doet denken aan dat tussen het Verenigd Koninkrijk en Argentinië over de zeebodem rond de Falklandeilanden. De bewoners van Saint-Pierre beschuldigen Canada van spionage tijdens de onderhandelingen in 1992. Ze vinden het niet eerlijk dat de Canadese regering haar aanspraken steunt op de ligging van het eiland Sable, waar afgezien van een handvol maritieme wetenschappers alleen zeehonden verblijven. De eilandbewoners vrezen ook dat Parijs niet genoeg voor hen opkomt. In de jaren dertig liepen al geruchten dat Frankrijk de archipel aan de Verenigde Staten zou verkopen. De Franse regering was er ook vlugger bij om bij de VN-commissie claims te deponeren met nauwkeurige kaarten en wetenschappelijke informatie over de bodem rond de Franse Antillen, Frans Guyana, Nieuw-Caledonië en de Kerguelen. Saint-Pierre en Miquelon moeten het voorlopig stellen met een belofte. Misschien moeten ze toch gewoon bij Canada aansluiten. Per slot van rekening wordt er in Quebéc, aan de overkant van de Saint-Lawrence, ook Frans gesproken. ©The Economist