Is het Westen niet mede verantwoordelijk voor de burgeroorlog in Syrië? (Kanakaris Stavros, Groot-Bijgaarden)

Rik Coolsaet: Het is in de eerste plaats president Assad die schuldig is. Hij heeft vanaf de lente van 2011 met steeds hardere repressie een einde gemaakt aan de vreedzame protesten die voortvloeiden uit de Arabische Lente. Dat is de echte oorzaak van de geleidelijke bewapening van de rebellen en de instroom van extremisten. De oorlog in Syrië toont wel aan dat de grootmachten zoals de Verenigde Staten en Rusland hun wil niet meer kunnen opleggen aan het Midden-Oosten. Die tijd is voorbij. We leven in een multipolaire wereld waarin de macht heel sterk is verdeeld. Daardoor hebben lokale regimes een veel grotere bewegingsvrijheid.
...

Rik Coolsaet: Het is in de eerste plaats president Assad die schuldig is. Hij heeft vanaf de lente van 2011 met steeds hardere repressie een einde gemaakt aan de vreedzame protesten die voortvloeiden uit de Arabische Lente. Dat is de echte oorzaak van de geleidelijke bewapening van de rebellen en de instroom van extremisten. De oorlog in Syrië toont wel aan dat de grootmachten zoals de Verenigde Staten en Rusland hun wil niet meer kunnen opleggen aan het Midden-Oosten. Die tijd is voorbij. We leven in een multipolaire wereld waarin de macht heel sterk is verdeeld. Daardoor hebben lokale regimes een veel grotere bewegingsvrijheid. Coolsaet: Daarvoor moeten de onderhandelingen slagen tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten om tot een grote gemeenschappelijke markt te komen. Als dat lukt, ontstaat er een trans-Atlantische macht die als hefboom kan dienen tegenover China en andere grootmachten. Daarnaast moeten we China, Rusland en andere landen opnemen in een web van internationale afspraken en verbintenissen. Alles wat ons bindt, moeten we op die manier institutionaliseren, en wat ons scheidt, moeten we onder controle houden. Daar zal het in de internationale politiek van de komende decennia om gaan. Coolsaet: Als ik zeg dat Al-Qaeda dood is, dan bedoel ik daarmee dat het gedisciplineerde en hiërarchische netwerk opgehouden heeft te bestaan. De terreurorganisatie beleefde haar hoogtepunt tussen 1998 en 2004, en daarna is ze versplinterd. Vergelijk het met een kwikthermometer die op de grond valt: de afzonderlijke kwikdruppels blijven gevaarlijk, maar ze houden niet langer verband met elkaar. We worden wel geconfronteerd met jihadistische groeperingen die floreren dankzij de lokale context, precies zoals vóór de oprichting van Al-Qaeda. Door aanslagen steeds maar weer toe te schrijven aan Al-Qaeda, verliezen we de echte oorzaak van terrorisme uit het oog: de lokale repressie en marginalisering van groepen mensen. Dat is de echte voedingsbodem van terrorisme. Coolsaet: De formele en juridische reden is dat Iran - in tegenstelling tot Israël - het non-proliferatieverdrag heeft ondertekend. Dat verdrag verbiedt uitdrukkelijk de aanmaak van kernwapens. Maar de echte politieke reden is natuurlijk dat de internationale gemeenschap Iran wantrouwt. De vrees bestaat dat Iran kernwapens zou gebruiken om een leidersrol te spelen in het Midden-Oosten en landen te bedreigen. Intussen zien we wel dat er veel is veranderd. Iran toont een heel grote bereidheid om te onderhandelen: de kans is groot dat het interim-akkoord om geen kernwapens te bouwen, uitmondt in een definitief akkoord. Op dat vlak ben ik heel optimistisch. Coolsaet: Sinds 1815 waren er nog nooit zo weinig militaire conflicten tussen landen. Hoewel het niet altijd zo lijkt, was het dus nog nooit zo veilig in de wereld. Maar er is niemand die kan garanderen dat er nooit een nieuwe wereldoorlog zal uitbreken. Net daarom moet de internationale diplomatie de komende decennia proberen om internationale samenwerking te promoten en te institutionaliseren. Hoe sterker alle landen afhankelijk zijn van elkaar, hoe kleiner het risico op een conflict. Volgende week: Vlaams minister Geert Bourgeois. Mail uw vraag naar mijnvraag@knack.be en maak kans op twee filmtickets. Sven Vonck