In het artikel 'Onweerstaanbare dwang' (Knack nr. 12) wordt een ongenuanceerd beeld geschetst van gedwongen opnames en het gebruik van isoleercellen, beide eeuwenoude clichés van psychiatrische behandelingen.
...

In het artikel 'Onweerstaanbare dwang' (Knack nr. 12) wordt een ongenuanceerd beeld geschetst van gedwongen opnames en het gebruik van isoleercellen, beide eeuwenoude clichés van psychiatrische behandelingen. Met betrekking tot gedwongen opnames dient opgemerkt dat de termen 'gedwongen opname' en 'gedwongen behandeling' niet bestaan: de wetgever spreekt van beschermingsmaatregelen. Ook onder zo'n beschermingsmaatregel mag men medicatie of behandeling weigeren, vaak tot onbegrip van de familie. Ten tweede verbiedt de wet dat artsen verbonden aan instellingen beschermingsmaatregelen opstarten. De toename van beschermingsmaatregelen kan men dan ook nauwelijks toeschrijven aan de houding van artsen en/of ziekenhuizen. Ten derde voorziet de wet inderdaad in een 'gewone' en een 'dringende' procedure, waarbij de wetgever verkeerdelijk veronderstelde dat de gewone ook de meest toegepaste procedure zou zijn. De inherente suggestie van overhaasting bij dringendheid gaat echter kort door de bocht. Het verschil tussen beide procedures ligt namelijk op menselijk vlak. Bij een gewone procedure moet de familie een verzoekschrift indienen bij de vrederechter, waarna men de persoon per gerechtsbrief uitnodigt voor een bezoek/rechtszitting binnen de tien dagen. Vaak durven familieleden niet openlijk stelling in te nemen tegen hun naaste, en veroorzaakt de wachttijd tussen het verzoekschrift en de rechtszitting invoelbare angst voor ontvluchting of represailles vanwege de betrokkene. Hierom wacht de omgeving vaak af tot het écht niet meer kan, waarna de procureur - zonder verzoekschrift van de familie - dringend optreedt. Ook dán wordt de betrokkene deskundig onderzocht, pleegt men overleg en overloopt men alle alternatieven. Bij het gebruik van isoleercellen oppert men lichtzinnige toepassing. Nochtans bestaan hiervoor strikte procedures met interne/ externe registratiesystemen, die verschillende overheden ter plaatse controleren. De veiligheid van de persoon staat altijd voorop en de noodzaak van de maatregel wordt permanent geevalueerd. Ten slotte investeert men meer dan ooit in opleidingen voor zowel separeervoorkomende als respectvolle afzonderingsmaatregelen. Ook over fixatiemaatregelen mag men open zijn en hoeft men geen schuldgevoel aan te praten: wanneer iemand zichzelf ondanks scheurvrije kledij en lakens, ondanks gesprekken en beperkte medicatie letsels blijft toebrengen, dan rest ons helaas niet veel anders. Tenzij fors medicatie toedienen, maar is dat geen ander vooroordeel over ons vakgebied? Dr. Emmanuel Maes, Tienen