INFO : Proust 2 op 25 mei, Proust 3 op 26 mei en Proust 4 op 27 en 28 mei (ook om 15 u.), telkens om 20.30 u. in Théâtre National op het Kunstenfestivaldesarts. www.kunstenfestivaldesarts.be en 070 222 199
...

INFO : Proust 2 op 25 mei, Proust 3 op 26 mei en Proust 4 op 27 en 28 mei (ook om 15 u.), telkens om 20.30 u. in Théâtre National op het Kunstenfestivaldesarts. www.kunstenfestivaldesarts.be en 070 222 199Maak maar eens een voorstelling met de herinnering, het schrijven en verdwijnen als thematiek. Niet vanzelfsprekend, maar Guy Cassiers (Ro Theater) laat al enkele seizoenen lang met zijn Proust-cyclus zien dat er van meer dan drieduizend bladzijden vol zinnelijke woorden, die A la recherche du temps perdu vormen, wel degelijk meeslepend theater te maken valt. Op het Kunstenfestival kan het publiek de drie voorafgaande delen als een madeleine savoureren. En Cassiers presenteert er het sluitstuk: De kant van Marcel. Zijn kinderjaren, zijn tragische liefdesverhouding en zijn aanwezigheid in de Parijse salons kwamen eerder al aan bod. In dit deel heeft Marcel zich teruggetrokken uit de maatschappij om aan zijn boek te werken. Zijn enige aanspreekpunt is zijn huishoudster Célestine, aan wie hij voorleest uit zijn werk. Célestine haalt bij Cassiers herinneringen op aan Proust. Cassiers: 'We verbreden het perspectief: we bekijken Proust met Céleste vanuit een niet-literair oogpunt, als mens met al zijn hebbelijkheden en gewoontes. Dat relativeert.' Het is bewonderenswaardig dat Cassiers een esthetische vorm gevonden heeft die de thematiek in een tijdloze en tegelijk actuele context plaatst. Proust wilde het 'innerlijk boek' ontrafelen en Cassiers laat die binnenwereld zien met behulp van videobeelden en een uitgekiend geluidsdecor. Marlies Heuer geeft prachtig, met de juiste balans tussen ernst en ironie, wat dit deel luchtiger maakt, gestalte aan de oudere Céleste, die in de jaren 1970 terugkijkt op haar acht jaar in dienst van de schrijver. Ze vertelt hoe Proust geen twee nachten na elkaar op dezelfde lakens wou slapen en hoe hij de muren met kurk bekleedde om niet gehinderd te worden door geluiden van buitenaf. Dat vertellen wordt regelmatig onderbroken door intense spelscènes. Fania Sorel is de jonge Céleste, Eelco Smits de jonge Marcel, Paul Kooij neemt de oudere versie voor zijn rekening. Kooij is de Marcel die alles vanuit zijn bed dirigeert, terwijl Smits de bedachtzaam formulerende Proust wordt. We krijgen een poëtische, verstilde wereld te zien. De lijnen in de laatste jaren van Prousts leven worden langzaam getrokken door Céleste. Het is het intiemste deel uit de cyclus en wat ons betreft dan ook het hoogtepunt. Film- en theaterbeelden vloeien in een trage stroom in elkaar over. Heerlijk om je er te laten op meedrijven. P.D.