Het is jammer voor het Vlaams Blok, maar de volgende coalitie in Antwerpen zal rood zijn. Zoals de traditie het vereist. Rood, met een zweempje groen. Volgens onze chef-cultuur geeft dat bruin, maar daarover valt te discussiëren. Peter Renard, onze chef-milieu, is in oktober kandidaat voor de Antwerpse SP. Hij staat op de tiende plaats. Dat betekent dat de negen vóór hem ook zeker zijn van een zitje in de gemeenteraad, en achter hem mogen ze tot negentien of twintig op hun beide oren slapen. Zelfs Robert Voorhamme zou eventueel aan voldoende stemmen uit de pot kunnen worden geholpen, in zijn geval het quorum min één.
...

Het is jammer voor het Vlaams Blok, maar de volgende coalitie in Antwerpen zal rood zijn. Zoals de traditie het vereist. Rood, met een zweempje groen. Volgens onze chef-cultuur geeft dat bruin, maar daarover valt te discussiëren. Peter Renard, onze chef-milieu, is in oktober kandidaat voor de Antwerpse SP. Hij staat op de tiende plaats. Dat betekent dat de negen vóór hem ook zeker zijn van een zitje in de gemeenteraad, en achter hem mogen ze tot negentien of twintig op hun beide oren slapen. Zelfs Robert Voorhamme zou eventueel aan voldoende stemmen uit de pot kunnen worden geholpen, in zijn geval het quorum min één.Renard heeft zich onmiddellijk zeven witte T-shirts van Simple d'Anvers aangeschaft, en heeft een opleiding bierdrinken en op de grond 'schruwelen' gevolgd. Dit alles om zich tot het niveau van de Antwerpse volksmens, zijn kiezer, te kunnen verlagen. Heeft vroeger voor de Volksunie in de gemeenteraad van Brasschaat gezeten, en kreeg bij ons het etiket 'Agalev' opgespeld. Maar dat is het typische kenmerk van de huidige socialistische mandataris: men kan het niet aan hem zien, en nog minder horen. Vande Lanotte wordt door zijn medewerkers Wantje Thatcher genoemd. Renard was op het BMC onze schuttingmaat. U moet zich dat als volgt voorstellen. Bij het betreden van het Brussels Media Center vindt u eerst de gewone redacties. Vervolgens het archief. Dan de Cola-automaat van Jos Grobben. Daarnaast de toiletten. Ten slotte Knack. Stapt u daar door de deur, dan botst u eerst op de afgescheiden kantoorruimten van onze talloze hoofdredacteuren en hun adjuncten. Daar staan de comfortabelste fauteuils, de ruimste kasten, de gerieflijkste bureaus. Verderop belandt u bij een batterij zuchtende eindredacteurs, en bij het atelier van de artiesten van de opmaak. Zij hebben schilderijtjes aan de muur gehangen, er ligt een fris bloemetjestapijt, en uit verborgen luidsprekers klinkt een stemmig strijkje.Dieper in het lokaal, in een steeds stalinistischer ogend decor, vindt u de schrijftafels van onze chefs en betere redacteurs, ingedeeld per rubriek. Eerst cultuur en binnenland. Dan Europa en het verre buitenland. Gevolgd door economie, boeken en wetenschappen. Indien u nóg verder zou gaan, in wat werkelijk de alleruiterste uithoek is van niet alleen het BMC, maar van heel Evere, dan komt u op de plaats waar Peter Renard tegenover uw dienaar zat. Visueel van elkaar gescheiden door een schutting van 65 centimeter hoogte. Kan men deze werkplek vernietigender catalogiseren dan door ze in te ruilen voor een plaats bij de Antwerpse SP? Onze chef-Wetstraat was in alle staten toen Renard het hem ging vertellen. 'Bij de SP!? Maar gij zijt zot. Is dat mijn dank voor al de wijze lessen die ik u heb proberen te geven? Hebt gij de voorbije jaren eigenlijk de Knack wel gelezen? 'k Had u zelf moeten ontslaan. Bij de SP zeg. Onder mijn ogen uit, schobbejak.' Renard, die diep in zijn binnenste had gehoopt op een afscheidsfeestje met veel toespraken waarin zijn verdiensten voor het blad zouden worden geprezen, eventueel een erkentelijkheidscadeau vanuit Roeselare, sloop gekrenkt via de Japanse tuin het BMC uit, meer dan ooit ervan overtuigd dat hij de juiste beslissing had genomen. Diezelfde avond begon hij in hartje Antwerpen aan zijn verkiezingscampagne. Hij beende het beruchte Vlaams-Blokcafé De Leeuw van Vlaanderen binnen, klom tot ontzetting van de aanwezigen bovenop de tapkast en brulde met een stem die de klokken in de kathedraal deed trillen : 'Bende fascisten! Bruin gespuis! Xenofoben! Schaamt u, voor uw domme woorden en uw verwerpelijke ideeën. Een schandvlek voor het schone Vlaamse volk, dat zijt ge met uw dwaze koppen en uw vieze baarden.' Terwijl het inDe Leeuw muisstil was geworden, fulmineerde Renard nog een kwartiertje door, beschuldigde dokter Borms en Joris Van Severen van oorlogsmisdaden, en noemde Karel Dillen een ontwortelde pensioenfraudeur. Hierna sprong hij weer op de grond, mepte vier VMO'ers van hun barkruk, sleepte Anke Van dermeersch aan haar haren de straat op, en stak het café in brand. De volgende staminee waar hij afstapte, was de Grote Pieter Pot, waar net een cantus van het Katholiek Vlaams Hoogstudenten Verbond aan de gang was. Na zijn doortocht werd de zaak herdoopt in de Grote Pol Pot. Renard trok roepend en tierend door de migrantenwijken van Hoboken en Borgerhout, en ging zowel verbaal als fysiek in de clinch met elke autochtoon die weigerde zich een lidkaart van de SP aan te schaffen. Binnen de week wist heel Antwerpen dat het oppassen geblazen was: net als vroeger meelopen in de 1-meistoet, of werk kwijt. Eenmaal de Metropool heroverd was, haastte Renard zich naar Limburg om de SP-Peer een handje toe te steken in de strijd tegen Theo Kelchtermans. En toen ook dat gefikst was, reed hij naar Leuven, waar hij de plaatselijke afdeling in een zaal bijeenriep en vanachter een tafeltje op het podium de huid vol schold. Dat ze hun best niet genoeg deden, en eens voor de spiegel moesten gaan staan. 'Wat lees ik hier in uw boekhouding?' gnuifde Renard, terwijl angst stilaan bezit nam van zijn toehoorders. 'In 't jaar '91 verkoopt ge voor twee miljoen frank steunkaarten. Dat is goed gewerkt. Maar in '92 en '93, en in alle jaren nadien, verkoopt ge geen enkele steunkaart meer. Dat moet ge mij toch een keer uitleggen. Weet ge wat het is? Het wordt tijd dat ge hier in Leuven eens wat nederiger wordt. De mensen hebben geen vertrouwen meer in u, ze zijn op uw gezicht uitgekeken. Ge zijt niet meer bij machte om naar de gewone man te luisteren. Maar ik zal u één ding zeggen: ik wens niet met een kreupel paard naar de verkiezingen te trekken. De poten die niet meer meewillen, moeten hun conclusies maar trekken.'In de zaal werd mijnheerke Louis, voor het eerst in zijn carrière, paars. Toen Renard een zijsprong inzette naar de megalomane bouwprojecten van Nicola Ceaucescu, belde Tobback zijn politie en liet de spreker arresteren wegens nachtlawaai. Koen Meulenaere