?We mogen de steden niet aan het Blok overlaten,? zegt Vera Dua. Agalev kiest ongenuanceerd voor een bruisende stad.
...

?We mogen de steden niet aan het Blok overlaten,? zegt Vera Dua. Agalev kiest ongenuanceerd voor een bruisende stad.Er was een tijd dat Agalev allergisch was voor elk beetje bedrijfshinder in de woonzone. ?We werden groot door iedere actiegroep te steunen in zijn terecht gevecht tegen concrete hinder. Maar we werden daar in de loop van de jaren voorzichtiger in. We willen niet alle bedrijven uit de kernen en de steden weg,? zegt Vera Dua (Vlaams parlementslid en senator). De Gentse politica zit op 26 april in haar eigen stad het partijcongres voor over Bruisende steden. Voor het eerst wijdt Agalev een apart congres aan deze problematiek. ?Wij kiezen ongenuanceerd voor de stad, ook om het platteland te bewaren,? zegt Dua. Omdat het moet anders is Vlaanderen volgebouwd , en omdat het leven in de stad ?plezant en boeiend is?. De groene partij moet daarbij een aantal harde noten kraken. Het minst erge is wellicht dat de partij haar eigen militanten dreigt te culpabiliseren. Electoraal is Agalev in de eerste plaats een stedelijk fenomeen, maar ook de groene partij ontsnapte niet aan de stadsvlucht. Veel Agalev'ers houden zo van de natuur, dat ze er het liefst van al middenin wonen. Een heikele keuze is die voor de verweving van functies. De ruimtelijke ordening van de gewestplannen is gericht op de scheiding van wonen en werken. De groeiende groene gevoeligheid verjoeg nog meer bedrijven uit de woonkernen. Agalev bepleit nu de verweving : wonen en werken kunnen weer samengaan. ?Zeker in een stedelijk milieu liggen enorme kansen voor KMO's en voor uitbreiding en ontwikkeling van een buurtgerichte lokale middenstand,? zo klinkt het in een resolutie. De steden moeten weer aantrekkelijk worden. Ook in de volkse buurten waar nu een groot deel van de bewoners geen uitzicht op werk heeft en waar onder meer de scholen verwaarloosd worden. ?Ook dat is een evolutie binnen Agalev,? zegt Dua. ?Vroeger dachten we dat de stedelijke problematiek was opgelost als we op elke hoek een straathoekwerker zetten en overal sociaal werkers dropten die amper wisten waar ze terechtkwamen. Nu pleiten we voor structurele ingrepen om het buurtleven weer kansen te geven.? Voor zulke investeringen (in woningen, pleinen, scholen, cultuur, groen, sport,..) is er geld nodig. Veel geld. Agalev vraagt de verdubbeling van de middelen voor het Sociaal Impulsfonds (Sif). Het Sif moet het dan wel beter doen dan zijn voorganger, het Vlaams Fonds voor de Integratie van Kansarmen (VFIK) dat vooral in tussenstructuren en tijdelijke projecten met sociaal werkers investeerde. ?Voor het eerst pleit ik zonder schroom voor meer geld,? benadrukt Dua het belang van bijkomende middelen. Agalev wil onder meer dat de overheid privé-woningen in gebruik neemt, opknapt en op de sociale huurmarkt brengt. DE ONVEILIGHEID IS REEELHet congres buigt zich over nog andere centenkwesties. De kwijtschelding van de Antwerpse schuld (70 miljard frank), bijvoorbeeld. Vanuit Gent kwam een amendement om het bij een halvering te houden. ?35 miljard frank, dat is toch al een schone geste ?? lacht Dua. De congrestekst suggereert om kleinere gemeenten die de eigen groei stoppen en dus geen extra inkomsten genereren uit nog een verkaveling of een industrieterrein financieel te belonen. Welke gemeenten krijgen van de groenen geen extra middelen ? Een ander voorstel wil de eerste drie opcentiemen die elke gemeente heft op de personenbelasting van zijn inwoners, verdelen over de gemeenten die dat het meest nodig hebben (centrumfunctie, armoe, veel inwoners). Pas de volgende opcentiemen vloeien terug naar de gemeenten waar de belasting geïnd is. Jef Tavernier, de fractieleider in de Kamer, is tegen. ?De bedoeling is goed, de techniek slecht.? Een pleidooi voor het uitwerken van het Nederlandse begrip ecopolis zal minder controverse opwekken. De stad moet volgens de groenen als een open, dynamisch ecosysteem worden bekeken. Er moet verantwoord worden omgesprongen met water, energie, grondstoffen en afval. De zwakke weggebruiker en het openbaar vervoer krijgen er voorrang op de auto. De steden mogen al decennia verwaarloosd zijn, voor Agalev hebben zij meer potentie dan de fermettes op de Vlaamse kavels. Jonge gezinnen moeten in de stad blijven of er terugkeren. De stad zal dan wel kind- en vrouwvriendelijker moeten worden, oordeelt Agalev. Maar de groenen maken hun keuze niet alleen omdat de stad veel mogelijkheden biedt, de vrijheid bevordert of cultureel gevarieerd is. ?De slag om de steden is begonnen,? zegt Dua. Economisch leveren de Europese stadsgewesten een felle concurrentieslag. Alleen met gezonde kernsteden kan Vlaanderen dat gevecht aan. Meer mensen in de steden kan de versmachtende automobiliteit in banen leiden als ook het ruimtelijk beleid wordt bijgestuurd. Overigens zegt Agalev niet waar de stad eindigt. ?Niet bij de huidige stadsgrens,? meent Dua. Er is vanzelfsprekend ook het politieke aspect. Agalev wil met een project voor leefbare steden de nu dikwijls ontmoedigde stedeling weer zelfvertrouwen geven. ?De steden mogen geen speelbal van extreem-rechts blijven,? zegt Dua. Voor het eerst erkent een Agalev-congres trouwens dat onveiligheid een ?reëel probleem? is. Het was dus toch niet allemaal verbeelding. Agalev steunt op een Gentse studie die stelt dat onveiligheid vooral een stedelijk probleem is, en dat in de eerste plaats kansarme buurten het slachtoffer zijn van een overval, aanranding, diefstal of van vandalisme. Over de hondenoverlast reppen de groenen met geen woord. P.R. Parlementslid Vera Dua (Agalev) : De slag om de stad is begonnen.