Armoede beperkt zich niet tot de steden, al is ze er vanzelfsprekend meer geconcentreerd en dus opvallender. Ook het platteland kent armoede. Stille armoede. De armen van het platteland zijn doorgaans ouder dan die in de steden. Hun bestaansonzekerheid wordt dikwijls onderschat, ook door de professionele welzijnswerkers. In kleinere gemeenten ligt de drempel om steun te vragen bij het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) hoger dan in de stad. Ouderen zijn er meer op de familie aangewezen.
...

Armoede beperkt zich niet tot de steden, al is ze er vanzelfsprekend meer geconcentreerd en dus opvallender. Ook het platteland kent armoede. Stille armoede. De armen van het platteland zijn doorgaans ouder dan die in de steden. Hun bestaansonzekerheid wordt dikwijls onderschat, ook door de professionele welzijnswerkers. In kleinere gemeenten ligt de drempel om steun te vragen bij het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) hoger dan in de stad. Ouderen zijn er meer op de familie aangewezen. Op een studiedag van de (katholieke) Landelijke Gilden, twee weken geleden, koppelde Vlaams parlementslid Carl Decaluwé (CVP) de leefbaarheid van het platteland aan de bestrijding van de kansarmoede. De aanwezigheid van werkplaatsen, scholen, winkels en openbaar vervoer zijn belangrijk voor het overleven van het platteland, vindt de ACW'er. Anders trekken de jongeren er weg en blijven alleen de zwakken en de armen achter. Decaluwé vindt dat het landelijk gebied meer geld moet krijgen, omdat het Ruimtelijk Structuurplan de groei van sommige gemeenten aan banden legt. Als er minder woningen mogen worden gebouwd en als er niet zomaar overal bedrijventerreinen mogen worden aangelegd, dan lijden deze gemeenten inkomstenverlies. Aangepaste criteria van het Gemeentefonds zouden het bewaren van open ruimte en bos en natuur kunnen aanmoedigen. Volgens Decaluwé discrimineert dat Gemeentefonds de kleine gemeenten. Antwerpen kreeg in 1995 afgerond 24.000 frank per inwoner, Gent bijna 29.000 frank. De kleine en arme plattelandsgemeenten Mesen (4078 frank) en Herstappe (2879 frank) kregen veel minder. Daar staat tegenover dat huizen in de stad veel zwaarder worden belast (het kadastraal inkomen ligt er veel hoger en is bovendien sinds 1975 niet meer aangepast...). Dat is interessant voor wie op het platteland woont, niet voor de gemeentebesturen. Decaluwé waarschuwt: als er niet wordt gesleuteld aan het kadastraal inkomen en het gemeentefonds, worden de zwaksten op het platteland harder getroffen dan die in de steden.LANGZAME WURGDOODDecaluwé - zelf ondervoorzitter van de Vlaamse Huisvestingsmaatschappij - vraagt de bouw van sociale woningen in het buitengebied. Hij vindt ook de criteria van de Vlaamse Wooncode te streng. Dat alleen de kernen voor bouw- en vernieuwbouw in aanmerking komen, betreurt hij. "Gent telt 227.000 inwoners en 16,67 procent van de huizen beschikt niet over klein comfort. De Westhoek telt 207.000 inwoners en 24,7 procent van de woningen heeft er geen klein comfort." Het probleem is dat veel woningen in een bestemmingszone staan waar dat eigenlijk niet kan - ze zijn zonevreemd. Decaluwé pleit voor een oplossing voor deze woningen. Is het de bedoeling dat de bebouwing verdwijnt met de laatste eigenaar, dan moet er een speciaal fonds komen waaruit de gemeenten kunnen putten. Decaluwé meent dat zonevreemde woningen niet alleen verbouwd, maar ook herbouwd moeten kunnen worden. "Maar het kan niet de bedoeling zijn om zoals vroeger kleine woningen om te toveren in villa's en halve kastelen." En meer algemeen: "Binnen de principes van het Structuurplan moet de Vlaamse regering een complementair beleid voeren voor het platteland in al zijn facetten. Als ze daarvoor niet de nodige middelen vrijmaakt, gaat het platteland een langzame wurgdood tegemoet. Dat zou het gezicht van Vlaanderen schaden en ons historisch-cultureel erfgoed onder druk zetten. Een gemeenschap die dat niet inziet, doet aan kannibalisme."Peter Renard