Een manshoge, naakte, antieke Hercules in marmer wordt geflankeerd door portretten van pausen uit de Renaissance. Wat de organisatoren van de verbluffende expositie over het Vaticaan tussen 1503 en 1534 absoluut wilden benadrukken, is de band tussen het antieke Rome en het Rome van de Renaissance. Eeuwenlang lag de stad vol met puin uit de Oudheid. Pas rond 1500 werd begonnen met het ruimen van dat puin en daaruit kwamen heel wat antieke beelden en architecturale fragmenten te voorschijn. Het genoemde beeld van "Hercules en Telephos" bijvoorbeeld, werd in 1507 ontdekt op de Campo dei Fiori. Ook de "Laokoön"-groep en de "Apollo van het Belvedère" werden in die periode teruggevonden en maakten grote indruk.
...

Een manshoge, naakte, antieke Hercules in marmer wordt geflankeerd door portretten van pausen uit de Renaissance. Wat de organisatoren van de verbluffende expositie over het Vaticaan tussen 1503 en 1534 absoluut wilden benadrukken, is de band tussen het antieke Rome en het Rome van de Renaissance. Eeuwenlang lag de stad vol met puin uit de Oudheid. Pas rond 1500 werd begonnen met het ruimen van dat puin en daaruit kwamen heel wat antieke beelden en architecturale fragmenten te voorschijn. Het genoemde beeld van "Hercules en Telephos" bijvoorbeeld, werd in 1507 ontdekt op de Campo dei Fiori. Ook de "Laokoön"-groep en de "Apollo van het Belvedère" werden in die periode teruggevonden en maakten grote indruk. Rome werd in die dagen politiek beheerst door de pausen, vaak sterke persoonlijkheden uit toonaangevende Florentijnse of Romeinse families. Zij zagen zichzelf als de erfgenamen van de Romeinse keizers, al was hun "rijk" niet zo uitgestrekt als het Imperium Romanum. Toch waren zij, naast kerkvorsten, ook de wereldlijke heersers over de Kerkelijke Staat, een vrij uitgestrekt gebied in Midden-Italië. In die politiek-religieuze context en geïnspireerd door de herontdekte Oudheid, kon de pracht en praal van de Renaissance volop openbloeien. Laten we wel wezen, de klassieke Griekse en Latijnse auteurs zijn nooit weg geweest uit de scriptoria van kloosters en abdijen, wel werd omstreeks 1500 - eigenlijk al iets vroeger - de klassieke beeldende kunst herontdekt, "herboren". Dat de kunst van de Renaissance gebruikt werd om de politiek van de pausen te dienen, lag voor de hand. Het verhaal van de tentoonstelling begint met het aantreden van paus Julius II in 1503 en eindigt met de dood van Clemens VII in 1534. Tussendoor waren er nog twee pausen actief, Leo X en Hadrianus VI. Julius II, een della Rovere, was meer krijgsman dan kerkleider. Zijn doel was het vrijwaren en uitbreiden van zijn wereldlijke macht. Hij verdreef de Fransen uit Noord-Italië, maar de Spanjaarden kreeg hij niet weg uit het zuiden. Hij riep het vijfde Concilie van Lateranen bijeen, waar belangrijke hervormingen op het programma stonden. Als mecenas gaf Julius II opdracht om de bouwvallige Sint-Pieterskerk van Constantijn te vervangen door een nieuwbouw. Donato Bramante kreeg de opdracht. NOORDERLINGENJulius II liet voorts de Vaticaanse paleizen uitbreiden en verfraaien. Zo mocht Michelangelo het plafond van de Sixtijnse Kapel schilderen. Voor de Laokoön, de Apollo en de "Venus Felix" liet hij de Cortile delle Statue bouwen, een openluchtgalerij, waarin ook enkele grote marmeren maskers uit de villa van keizer Hadrianus een plaats kregen. Deze Cortile werd in de expositie gedeeltelijk nagebouwd. De Laokoön en de Apollo zijn in Rome gebleven en werden vervangen door afgietsels. Wel staat er de Venus Felix, naast een kuise "Venus ex balneo". In die zaal wordt uitgebreid stilgestaan bij de invloed van deze antieke beelden op de Renaissancekunstenaars, Rafaël bijvoorbeeld of Maarten van Heemskerck, een van de eerste noorderlingen die een Romereis maakten. De jonge Rafaël kreeg van Julius II de opdracht voor het schilderen van de pauselijke privé-vertrekken. Leo X volgde in 1513 Julius II op. Deze zoon van Lorenzo "il Magnifico" de Medici steunde Karel V in zijn streven om de keizerskroon te bemachtigen, maar hij onderschatte de Hervorming van Martin Luther. Ook hij gaf opdrachten aan Rafaël en maakte van de pauselijke muziekkapel de belangrijkste van Europa. Josquin Desprez en Adriaen Willaert waren er actief. Hadrianus VI ( Adriaan Floriszone uit Utrecht), ooit professor in Leuven en leraar van Karel V, werd in 1521 onverwacht tot paus gekozen. Deze strenge man gaf niet veel artistieke opdrachten, mede omdat de schatkist leeg was. In november 1522 werd hij al opgevolgd door Clemens VII, een neef van Leo X. Onder zijn bewind had in 1527 de Sacco di Roma plaats, de plundering van de stad door de troepen van Karel V. Clemens VII moest Karel trouwens in 1530 in Bologna tot keizer kronen. Een van zijn laatste opdrachten gaf hij aan Michelangelo. Die mocht het Laatste Oordeel in de Sixtijnse Kapel schilderen. Met een vage ontwerpschets in krijt van een fragment van het Laatste Oordeel wordt de tentoonstelling besloten. Althans deze. Nu waren al meer dan 300 kunstwerken en voorwerpen nodig om dit rijke verhaal te illustreren. Er volgen nog twee exposities over het Vaticaan en zijn prachtige collecties."Hochrenaissance im Vatikan (1503-1534) - Kunst und Kultur im Rom der Päpste I", in de Kunst- und Ausstellungshalle van Bonn. Tot 11/4.Paul Dossche