Het menselijk gezicht is voor de medemens een rijke bron van informatie. Gesprek met de Nederlandse psycholoog Ad Bergsma.
...

Het menselijk gezicht is voor de medemens een rijke bron van informatie. Gesprek met de Nederlandse psycholoog Ad Bergsma.OF IEMAND VROLIJK of juist treurig is, blijkt uit de verschillende gelaatsuitdrukkingen die de betrokkene vertoont. Maar iemand wordt ook echt een beetje boos als hij voldoet aan het verzoek om die uitdrukking gedurende langere tijd aan te nemen ? Vragen genoeg. Zijn leugens van het gezicht af te lezen ? Is het uiten van emoties gezond ? Over gezichtsuitdrukkingen en emoties, het herkennen van gezichten en over de rol van het oogcontact heeft de Nederlandse psycholoog Ad Bergsma een leuk en goed gedocumenteerd boek geschreven : ?Het gezicht het visitekaartje van de ziel?. Een gesprek. Zou het kunnen dat de mens vooral met zijn gezicht emoties toont omdat hij de rest van zijn lichaam, dat hij trouwens doorgaans bedekt, bijna niet meer gebruikt om signalen uit te zenden ? AD BERGSMA : Ik denk veeleer dat het andersom is. Een mens kan zich aankleden omdat zijn gezicht zo expressief is en omdat hij de rest van zijn lichaam eigenlijk niet meer nodig hebt. Er zijn trouwens veel mensen die hun lichaam lelijk vinden en blij zijn dat ze het kunnen verbergen door kleren te dragen. Maar omdat ze hun gezicht wel moeten laten zien, vinden ze meestal dat hun gezicht wel meevalt. Apen dragen geen kleren en hebben toch ook een expressief gezicht. Dus denk ik niet dat het gezicht van de mensen expressief is geworden omdat ze kleren dragen. In het ene tijdperk mag de mens zich emotioneel meer laten gaan dan in een ander. Hoe staan we er nu voor ? BERGSMA : Dit is een tijd waarin een mens veel van zijn emoties mag tonen, al moet dat gebeuren onder de voorwaarde van zelfbeheersing. Iemand die in de vijftiende eeuw zijn huisraad in een uitbarsting van woede naar buiten gooide, gedroeg zich volgens de normen van die tijd betrekkelijk normaal. Er kon openlijk over gepraat worden wanneer iemand moordlustig werd. In de etiquette van toen stond dat je je neus niet in het tafelkleed mocht snuiten en dat je je moest omdraaien om op de grond te spuwen. Het is mettertijd steeds netter geworden. En uiteindelijk kregen we het tijdperk van de fatsoensrakkers. Je moest je neus niet alleen in een zakdoek snuiten, maar je moest er ook nog eens je hoed voor houden. Alles werd tot het uiterste gereguleerd. Op een begrafenis mocht je drie minuten huilen, maar dan moest het maar weer stil zijn. Nu mag je veel meer je emoties tonen dan in de negentiende eeuw. Je mag je laten gaan, maar nooit ten koste van een ander. Er zijn ook culturele verschillen. Toen een Japanse en een Amerikaanse jongen tijdens een experiment naar een griezelfilm zaten te kijken, vertoonden ze vrijwel dezelfde reacties. Ze bewogen zich identiek. Maar toen er een derde toeschouwer aan toegevoegd werd, gedroegen ze zich anders. Het gedrag van de Amerikaan veranderde niet, maar de Japanner glimlachte er af en toe zenuwachtig tussendoor. Dat komt omdat het in Japan veel minder gebruikelijk is om negatieve emoties publiek te tonen. Hoeveel universele basisemoties zijn er eigenlijk ? BERGSMA : Daar bestaat discussie over. Sommige noemen er een stuk of zes waartoe emoties als verdriet, walging, vreugde, woede behoren. Daarover is men het eens. Maar moet je daar ook een emotie als minachting toe rekenen ? Laat een Belgisch acteur in de rimboe boos kijken en de inboorlingen zullen daar zonder meer begrijpen om welke emotie het gaat. Extreme emoties worden overal begrepen. Maar aan de andere kant heb je maar zelden de kans om extreme emoties te zien, want mensen hebben de neiging ze te verbergen. Ook al ben je kwaad op je baas, dat betekent nog niet dat je hem woedend gaat zitten aankijken. Zeker naarmate iemand ouder wordt, heeft hij de neiging om zijn emoties beter te controleren. Natuurlijk is er een genetisch bepaalde basis die maakt dat bepaalde emoties universeel zijn. Maar veel is bepaald door de cultuur en het individu. De Japanners hebben inderdaad de neiging om hun boosheid achter een glimlach te verbergen. Op zich is dat niet zo moeilijk. Maar een baby die blind geboren is, glimlacht na zes weken even goed als een zuigeling van zes weken die goed ziet. Er bestaan zeer basale uitdrukkingen die een mens van niemand hoeft te leren. U zei net dat oudere mensen hun emoties beter kunnen controleren. Kunnen ze dat ook met zoiets spontaans als de blos ? BERGSMA : Dat geloof ik niet. De blos is een heel raar geval. Wie voortdurend naakt loopt, kan ook een blos hebben op zijn armen en zijn borst. Bij wie altijd gekleed gaat, verschijnt de blos alleen op het gezicht. Maar de blos staat onder invloed van het autonome zenuwstelsel en dat kan een mens niet beheersen. Het is wel zo dat de situaties waarin je gaat blozen, steeds minder worden. Bijvoorbeeld omdat je die situaties, die de eerste keer wat vervelend zijn, al eens hebt meegemaakt. Het kan best zijn dat je een rooie kop krijgt als je in gezelschap van je vrienden het meisje ontmoet dat je leuk vindt. Maar dat zal de volgende keren niet meer het geval zijn omdat je haar inmiddels beter hebt leren kennen en omdat je intussen weet hoe je je in zo'n situatie moet gedragen. Wie bloost, wordt ook warmer in zijn gezicht. Er doet zich een vaatverwijding voor en die voelt de betrokkene naar buiten komen. Mensen met een gebrek in het gezicht zijn sociaal wel benadeeld ? BERGSMA : Ja, je kan dat op verschillende manieren aantonen. Als iemand een grote wijnvlek in zijn gezicht heeft en in de tram plaats neemt, hebben de andere passagiers minder de neiging om er naast te gaan zitten. Als je die vlek wegneemt, zie je dat de plaats naast die man twee keer minder vaak leeg blijft. Dat is nogal raar. Ook als een man met zo'n vlek in de rij op de bus staat te wachten, houden de andere mensen een grotere afstand tot hem dan wanneer diezelfde man die vlek niet vertoont. Maar dat is niet het hele verhaal. Als de man met de wijnvlek, bijvoorbeeld, gelukkig getrouwd is en zelfvertrouwen heeft, kan het goed zijn dat hij zich van die wijnvlek niets aantrekt, dat hij niet verlegen is, dat hij vriendelijk is, dat hij niet gaat wegkijken en gewoon een praatje begint te maken. Dan blijft van dat negatieve effect niet veel over. Een lelijk hoofd hebben, is dan wel een handicap, maar het is een handicap die overwonnen kan worden. Bij een experiment werd op iemands gezicht een wijnvlek geschminkt. De betrokkene kon in de spiegel volgen hoe dat gebeurde. Maar zonder dat die persoon dat wist, werd de wijnvlek van zijn gezicht gehaald voor hij de straat werd opgestuurd. Toch had die persoon, die immers in de waan verkeerde een wijnvlek te hebben, de indruk dat de mensen op straat zich afkeurend tegenover hem gedroegen. Alleen al het idee lelijk te zijn, kan bij iemand gevoelens van onbehagen opwekken die helemaal niet terecht zijn. Bij sollicitatiegesprekken is de indruk die de sollicitant de eerste drie of vier seconden maakt, van doorslaggevende aard. Speelt dat niet in het nadeel van lelijke mensen ? BERGSMA : Maar er zijn ook andere factoren. Misschien kom een sollicitant binnen met een glimlach op zijn gezicht, rechtop en met leuke kleren aan. Dat zijn factoren die hij onder controle heeft en die in die vier seconden ook een doorslaggevende rol spelen. Vrouwelijke chefs hebben de neiging om lelijkere vrouwen aan te werven, want dat betekent minder concurrentie voor ze. Er zijn altijd van die sluipweggetjes waardoor iemand die objectief minder kansen zou moeten maken, toch slaagt in zijn opzet. Mooi zijn, is ook niet alles. Mooie vrouwen hebben wel eens af te rekenen met onzekerheden die minder mooie vrouwen niet hebben. Krijgt een mooie vrouw nu echt een compliment omdat datgene wat ze gedaan heeft goed is, of krijgt ze dat compliment alleen maar omdat ze er goed uitziet ? In een business-universiteit in de Verenigde Staten hebben ze een jaarboek met de portretjes van de studenten erin. Onderzoekers hebben die portretten ingedeeld in een schaal van één op vijf, van heel lelijk tot heel mooi. De meeste mensen vielen in categorie drie. Vijf jaar later hebben de onderzoekers nagegaan hoe het met die inmiddels afgestudeerde mensen ging. De mooie mannen waren begonnen met een hoger aanvangssalaris en voor ieder extra punt op de schoonheidsschaal verdienden ze iets van een tweeduizend dollar meer per jaar. Of je een mooie of lelijke man bent, scheelde in dit geval vijf jaar later tienduizend dollar. De mooie vrouwen daarentegen kregen geen hoger aanvangssalaris volgens het cliché dat een mooie buitenkant per definitie goed werkende hersens uitsluit. Maar zodra ze aan het werk waren, maakten ze wel gemakkelijker promotie, wat ook vaak scheelt in de portemonnee. Vijf jaar later kwam je op die manier aan ongeveer hetzelfde salaris voor mooie mannen en vrouwen. In de middeleeuwen gebruikten de vrouwen belladonna-druppels om hun pupillen en daardoor ook hun aantrekkingskracht te vergroten ? Eigenlijk is er niet veel veranderd. BERGSMA : Dat doen topmodellen nog steeds, schijnt het, om meer sexy over te komen. Mensen worden meer aangetrokken door een foto waarop een model met grotere pupillen is afgebeeld, dan door een foto waarop datzelfde model gewone pupillen heeft. Maar vraag de persoon die de foto's bekijkt, waarom hij meer aangetrokken is door de ene dan door de andere foto, dan is de kans groot dat hij daarop geen antwoord kan geven. Dat is iets wat hij onbewust waarneemt. Eigenlijk weet je instinct ontzettend veel. Is het tonen van emoties gezond ? BERGSMA : Zeker. Wie expressief is, heeft meestal wat minder adrenaline in zijn bloed. Maar er zijn ook mensen die van nature niet zo expressief zijn. Je mag dus niet denken dat iemand die weinig expressief is, noodzakelijk heel veel stress opbouwt. Dat is alleen zo als iemand heel veel moeite moet doen om zijn emoties te verbergen. Het geldt zeker niet voor iedereen dat je de hele tijd moet lachen, huilen of stampvoeten, om gezond te blijven. Maar in het algemeen gesproken, is het tonen van gevoelens wel degelijk gezond. Waarom moeten we lachen als iemand uitglijdt ? Ik heb me laten vertellen dat het een oud jachtinstinct is. Je maakt je tanden bloot omdat de prooi al op de grond ligt... BERGSMA : Ik geloof er niets van, al is het een mooie theorie. Iemand die glimlacht, heeft geen kwaad in de zin. Als iemand begint te lachen, is de kans groot dat de mensen rond hem ook gaan lachen. Een leuke film is twee keer zo leuk als je hem in goed gezelschap kunt bekijken. Als je lacht, wordt er geen diep jachtinstinct in je wakker. Het is veeleer andersom : lachen stopt agressie. Degene die zelf lacht, heeft ook niet meer zo'n controle over zijn spieren. Als die ander op de grond ligt en jij ligt dubbel van het lachen, kan je niet eens meer zijn portemonnee uit zijn zak halen. Je bent ontspannen, je geeft je over aan het lachen en dat maakt je machteloos. Lachen is letterlijk ontwapenend. Bent u iemand die steeds zit te kijken hoe iemand zich gedraagt ? BERGSMA : Ik heb net een eerste zoontje. Ik zit echt naar zijn gezicht te kijken en vraag me af wat zijn uitdrukkingen zouden kunnen betekenen. Ik kan zien of hij tevreden is of niet. Ik dacht dat hij al na twee dagen een glimlach vertoonde, al komt de sociale glimlach normaal zes weken na de geboorte. Als je met het gezichtsuitdrukkingen bezig bent, sluipt het toch wel in je systeem om steeds na te gaan welke indruk iemand maakt, of die indruk te maken heeft met zijn gezicht, zijn kapsel of nog iets anders. Ik denk nochtans niet dat ik de mensen op hun uiterlijk beoordeel, althans dat is de theorie. Maar ik betrap me er zelf op dat iemand die er leuk uitziet en vriendelijk naar me lacht, gemakkelijker een potje bij mij mag breken. Die mag zich wat meer veroorloven dan iemand die lelijk is en nors kijkt. Levert de kennis van al die feiten voordelen op in het gewone leven ? BERGSMA : Misschien zou het wel wat helpen als ik in een kroeg iemand zou willen versieren. Je moet eerst oogcontact maken. Als dat beantwoord wordt, betekent dit dat de andere partij nogal enthousiast is en dat je je nu wat meer kan veroorloven. Dat is een basisschema. Maar je moet zoveel dingen tegelijk doen dat je er op de duur niet meer aan denkt wat je zou moeten doen. Het gaat automatisch. Het is zelfs vrij moeilijk om na te gaan hoe mensen dingen doen. Alleen bij autistische mensen gaat het veel moeilijker omdat ze aan alles wat ze doen, bewust moeten denken. Als er iemand op bezoek komt, moet ik hem een hand geven, een stoel aanbieden, koffie zetten en ga maar door. Maar zelfs een autist met een buitengewone intelligentie die zijn uiterste best doet om het allemaal goed te doen, en die in theorie ook goed weet hoe het moet, lukt het in de praktijk nooit om het allemaal netjes uit te voeren. We hebben in Nederland een weervrouw die altijd heel erg met haar ogen knippert, wel negentig keer per minuut. Ze hebben haar wel gezegd dat ze er moet op letten minder met de ogen te knipperen. En dat kon ze ook wel een paar uitzendingen volhouden, maar toen ging ze zeer ongelukkig kijken. Er gebeuren dus zoveel dingen tegelijk dat je het met je verstand alleen niet kunt bijhouden of organiseren. Doorgaans weet je al na een kwartier of je het met iemand met wie je pas kennis hebt gemaakt, zou kunnen vinden of niet. Of je er drie weken mee op vakantie kunt gaan of niet. In de praktijk blijken die eerste indrukken ook meestal te kloppen. Hoe je dat voor elkaar krijgt, zou ik niet weten, maar ik weet wel dat je dat niet allemaal met alleen maar je verstand kunt doen. Oogcontact is heel belangrijk in de sociale omgang. U noemt het oog ook het enige zichtbare deel van de hersenen. Vijf seconden oogcontact is ofwel vechten ofwel seks... BERGSMA : Zo'n uitspraak is te leuk om niet op te nemen, maar helemaal onwaar is ze natuurlijk ook niet. Je moet maar eens op een kruispunt aan een stoplicht een chauffeur fixeren die naast je staat. Je moet er niet eens vervaarlijk uitzien, maar de mensen die aangekeken worden, worden onrustig en zijn twee keer zo snel weg als andere bestuurders wanneer het licht op groen springt. Oogcontact is een vorm van belangstelling, en die kan goed- of kwaadaardig zijn. Maar niemand wordt graag gefixeerd, zeker niet door een onbekende. Vraag maar eens in een klas aan een jongen en een meisje die geen stelletje vormen om elkaar gedurende zes seconden in de ogen te kijken. Ze slaan aan het giechelen en raken van streek. Hoe is uw belangstelling voor dit onderwerp gewekt ? BERGSMA : Ik geloof niet in boekjes die uit iemands voorkomen of gelaatsuitdrukking conclusies trekken over diens karakter. Dat vond ik altijd zo raar. Het is zoals met astrologie, wat ook te maken heeft met sinds lang overgeleverde wijsheden. Vaak is het klinkklare onzin, en dat geldt ook voor het gezicht. Nochtans zijn er juist heel veel leuke en zinnige dingen over het gezicht te vertellen, zonder dat je je aan speculaties hoeft over te geven. Het is flauwekul te beweren dat iemand intelligent is omdat hij spitse oren heeft. Het gezicht wordt juist een heel boeiend onderwerp als je er een beetje serieus mee omgaat. Piet de Moor Jeroen Kuypers Ad Bergsma, ?Het gezicht het visitekaartje van de ziel.? Uitgeverij Veen, 189 p., 600 fr. De vele gezichten van psycholoog Ad Bergsma : Een mens mag veel emoties tonen, maar wel met zelfbeheersing. De mooie man krijgt een veel beter startsalaris dan de mooie vrouw.