De media laten zich steeds vaker misbruiken in de aanloop naar en tijdens een proces. Zo worden zij procedureel niet voorziene partijen-in-zake. De advocaten van de slachtoffers en van de betichten weten dat maar al te goed. Journalisten vergeten echter vlug dat advocaten betaald worden om de versie van hun cliënten te verdedigen, maar dat die voor de rechtbank weerlegbaar moet zijn.
...

De media laten zich steeds vaker misbruiken in de aanloop naar en tijdens een proces. Zo worden zij procedureel niet voorziene partijen-in-zake. De advocaten van de slachtoffers en van de betichten weten dat maar al te goed. Journalisten vergeten echter vlug dat advocaten betaald worden om de versie van hun cliënten te verdedigen, maar dat die voor de rechtbank weerlegbaar moet zijn. De grondwet, het strafwetboek en het gerechtelijk wetboek garanderen de advocaat een verregaande vrijheid in zijn betoog. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg gunt advocaten die vrijheid ook buiten de rechtszaal. Maar zij worden wel verondersteld hun ambt uit te oefenen ?ter verdediging van het recht en van de waarheid? (artikel 444, Gerechtelijk Wet-boek). Tijdens het pedofilieproces van vier leerkrachten en twee gewezen directeurs van het Collège Saint-Pierre in Ukkel hebben enkele advocaten en journalisten noch de waarheid noch het recht gediend. Niettegenstaande alle mogelijke weerleggingen ter zitting (zelfs van de openbare aanklager en van de onderzoeksrechter) blijven sommige media bij de complottheorie van de Brusselse advocaat Jean-Paul Tieleman. Zij beweren dat dit gerechtelijk onderzoek van meet af aan gedwarsboomd werd door Brusselse topmagistraten. Om dit te bewijzen, pakken ze uit met brieven van procureur-generaal André Van Oudenhove en van procureur des konings Benoît Dejemeppe, respectievelijk aan de voorzitter van de raad van bestuur van het Collège Saint-Pierre en aan de advocaat van de school. De brief van de procureur-generaal in het kader van een mogelijke tuchtprocedure binnen dat college mag dan al opvallend mild zijn voor een van de betichten, iedere journalist kan weten dat brieven als die van de procureur des konings onvermijdelijk zijn, indien het Openbaar Ministerie het verwijt wil ontlopen de betrokken instanties niet te informeren. Om Tielemans complottheorie kracht bij te zetten, schreef De Morgen op 9 maart (het weekend voor het proces begon) dat ?een schoonzus van procureur Dejemeppe lerares is in het college?. En op 2 april (zes dagen na de laatste terechtzitting) mocht advocaat Tieleman er in een interview in Humo nog een schepje bovenop doen: ?Isabelle Ri-gaux, aangetrouwde familie van hem (procureur Dejemeppe; nvdr.) is er lerares. En zijn schoonzus maakte deel uit van de Inrichtende Macht. Het is pro-fondément malsain.? De feiten zijn anders. Geneviève Ri-gaux, de schoonzus van procureur Dejemeppe, is geen lerares maar advocate en trad nooit op voor het Collège Saint-Pierre of zijn inrichtende macht. Isabelle Rigaux gaf er nooit les, want zij maakt al twintig jaar carrière als componiste. Ze schreef onder meer de musical ?Thyl Ulenspiegel?. Ook dat kon elke journalist natrekken. Frank De Moor