Wie had gehoopt dat de regering-Leterme herboren uit de zomervakantie zou terugkeren, kwam bedrogen uit. Het eerste dossier dat op de tafel van het kernkabinet lag, was de herbenoeming van Belgacomtopman Didier Bellens. Het werd op de ondertussen voor deze regering kenmerkende wijze aangepakt: onbeholpen, tegen de deadline aanbotsend, gevolgd door een onduidelijke non-oplossing. Terwijl de overheid 53,5 procent van de aandelen heeft in het telecombedrijf, werd pijnlijk duidelijk dat de regering geen enkele visie heeft over waar het met dat bedrijf naartoe moet. Het debat over het al dan niet aanblijven van Bellens werd verengd tot een loonkwestie - dat scoort electoraal nu eenmaal go...

Wie had gehoopt dat de regering-Leterme herboren uit de zomervakantie zou terugkeren, kwam bedrogen uit. Het eerste dossier dat op de tafel van het kernkabinet lag, was de herbenoeming van Belgacomtopman Didier Bellens. Het werd op de ondertussen voor deze regering kenmerkende wijze aangepakt: onbeholpen, tegen de deadline aanbotsend, gevolgd door een onduidelijke non-oplossing. Terwijl de overheid 53,5 procent van de aandelen heeft in het telecombedrijf, werd pijnlijk duidelijk dat de regering geen enkele visie heeft over waar het met dat bedrijf naartoe moet. Het debat over het al dan niet aanblijven van Bellens werd verengd tot een loonkwestie - dat scoort electoraal nu eenmaal goed. De discussie over het loon van Bellens wordt op een onkiese manier gevoerd. Bellens wordt afgeschilderd als een geldwolf, omdat hij inderdaad geld als slijk verdiende: in 2007 1,8 miljoen euro, plus 900.000 euro voor een aanvullend pen-sioenplan en een ontslagvergoeding van drie jaarlonen. Vergeten wordt dat iemand daarmee heeft ingestemd, in casu de bevoegde minister Rik Daems (Open VLD). In 2003, toen Bellens de overleden John Goossens bij Belgacom opvolgde, bestond er nog geen transparantie over de toplonen, maar Daems liet wel optekenen: 'Voor zijn loon zijn we overeengekomen dat we binnen de grenzen van het contract van Goossens blijven.' De recente discussie over de herbenoeming van Bellens had erover moeten gaan of hij de juiste man is om de strategie van Belgacom ten uitvoer te brengen. En vooral: welke strategie? Daar heerst vandaag de grootste onduidelijkheid over. Een meerderheid in de raad van bestuur vindt dat Bellens te weinig ambitieus is en dat Belgacom ook in het buitenland actief moet worden, Bellens wil vooral de aandeelhouders te vriend houden en een mooi dividend blijven storten. Jaarlijks stort Belgacom tientallen miljoenen euro'sin de schatkist, daar zijn vele politiciniet ongevoelig voor. Tegelijkertijd woedt een machtsstrijd tussen Bellens en de raad van bestuur: wie heeft wat te zeggen? De strategie van het telecombedrijf en de bevoegdheden van de top zijn allesbehalve transparant. Belgacom is een stuurloos schip, op een woelige zee. De internationale concurrentie wacht niet tot deze levensbelangrijke knopen voor Belgacom doorgehakt zijn. Bellens noch de leden van de raad van bestuur hebben constructief bijgedragen tot een oplossing, integendeel. Bellens communiceerde slecht, werkte knappe managers de deur uit en zag de interne steun verschrompelen. De politiek benoemde leden van de raad van bestuur toonden weinig verantwoordelijkheidszin toen ze een achterbakse lastercampagne in de pers voerden tegen Bellens. De sfeer bij Belgacom is verziekt en daar zijn zowel Bellens als de bestuurders verantwoordelijk voor. En ook de politici, die uiteindelijk niets gedaan hebben om Belgacom uit die impasse te halen. Bellens kan volgens de nieuwe afspraken nog maximaal 2,05 miljoen euro per jaar verdienen en zijn ontslagvergoeding bedraagt nu één jaar basissalaris of 775.000 euro. Dat is in overeenstemming met wat hier en in het buitenland voor zo'n job wordt betaald: de gemiddelde totale jaarvergoeding van de ceo van een Bel20-bedrijf is 2,1 miljoen euro. Dat de politici het nu voorstellen alsof er na de nieuwe loonafspraken met Bellens één toploon minder is in dit land, is echter totaal ongepast. Het illustreert hoever ze van de realiteit staan en hoezeer ze de mensen onderschatten. door Ewald Pironet