Zwitsers staan bekend als ernstige lieden. Dat strenge profiel verhindert hen echter niet om nu en dan flink uit de bol te gaan. Daarvan getuigen de vele carnavalsverenigingen, die zowel in de steden als in de bergdorpen welig tieren. Elk jaar staan die groepen in voor uitbundige, soms dagenlange carnavalsvieringen. Samuel Glotz, de eerste conservator van het Musée International du Carnaval et du Masque in Binche, wist dat ...

Zwitsers staan bekend als ernstige lieden. Dat strenge profiel verhindert hen echter niet om nu en dan flink uit de bol te gaan. Daarvan getuigen de vele carnavalsverenigingen, die zowel in de steden als in de bergdorpen welig tieren. Elk jaar staan die groepen in voor uitbundige, soms dagenlange carnavalsvieringen. Samuel Glotz, de eerste conservator van het Musée International du Carnaval et du Masque in Binche, wist dat en in de jaren 1977-'78 zocht hij contact met de carnavalsgroepen van Basel. Zo slaagde hij erin heel wat kostuums en maskers te verwerven. In 1979 resulteerde dat al in een eerste expositie rond het carnaval in Basel. Intussen zijn de contacten toegenomen en werd de "Zwitserse" collectie van het museum flink aangevuld. Vele voorwerpen werden geschonken, een aantal maskers werden bij de houtsnijders zelf gekocht en enkele oudere maskers (ca 1900) werden bij gelegenheid aangekocht. Met dat alles werd een nieuwe en fraaie expositie gemaakt. Het leeuwendeel ervan wordt gevormd door een evocatie van de "Basler Fasnacht" (vastenavond), met de maskers, verklede figuren en reusachtige beschilderde lampions van de "Morgestraich", de optocht die om vier uur 's nachts begint. Op de achtergrond is permanent het geluid te horen van de trommels en de schrille fijfels (dwarsfluitjes). Ook de "clique Breo", een van de groepen van de dagstoet, komt uitgebreid aan bod. In 1998 was het thema van die stoet de financiële speculatie. Het museum heeft al de kostuums cadeau gekregen. Voorts zijn er heel wat maskers en kostuums te zien uit de bergdorpen, zoals de "Silversterkläuse" (eindejaar) uit het Appenzellerland. Indrukwekkend zijn de "Naturkläuse", figuren bekleed met slakkenschelpen, mos, dennentakken en dennenappels. In Schwyz komt dan weer de "Blätz" voor, een figuur met een kostuum van zo'n 2500 vilten lapjes en een masker in was. Zo heeft elke gemeenschap haar eigen figuren om de spoken van de donkere wintermaanden te verjagen. Ten slotte zijn er ook enkele oude houten maskers, grofgesneden, met grote neuzen en oren. Zij leggen het verband met tradities uit het verleden."Traditionele maskers uit Zwitserland", in het Musée International du Carnaval et du Masque in Binche. Tot 18/4. Elke dag van 9 u.30 tot 12 u.30 en van 13 u.30 tot 18 u. Gesloten op vrijdag, zaterdagmorgen en aswoensdag.Paul Dossche