Afghanistan mag dan ver van de Kaspische Zee lijken, het blijft daar, in de bergen van de Hindoe Koesh, dat de sleutel voor grote Kaspische fortuinen gezocht wordt. Om maar met de deur in huis te vallen, het verhaal zal over aardolie en gas gaan, en pijpleidingen uit het noorden en het oosten naar het westen en het zuiden - en omdat het over veel olie en gas gaat, ook over het aanblazen en dempen van oorlogen, het erkennen of niet van rare regimes en zwarte baronieën, en over het herzien van een strategische fout. Beginnen we met Afghanistan, dat olie heeft noch gas, maar waar oorlog stilaan bij de strategische grondstoffen van het land is gaan horen.
...

Afghanistan mag dan ver van de Kaspische Zee lijken, het blijft daar, in de bergen van de Hindoe Koesh, dat de sleutel voor grote Kaspische fortuinen gezocht wordt. Om maar met de deur in huis te vallen, het verhaal zal over aardolie en gas gaan, en pijpleidingen uit het noorden en het oosten naar het westen en het zuiden - en omdat het over veel olie en gas gaat, ook over het aanblazen en dempen van oorlogen, het erkennen of niet van rare regimes en zwarte baronieën, en over het herzien van een strategische fout. Beginnen we met Afghanistan, dat olie heeft noch gas, maar waar oorlog stilaan bij de strategische grondstoffen van het land is gaan horen. Vroeger waren de Verenigde Staten nauw betrokken bij wat gebeurde in Afghanistan, toen het erom ging de Russen te pesten die daar traditioneel geopolitieke ijzers in het vuur hadden, en het land uiteindelijk ook binnenvielen om met een bezetting het oprukkende islamisme te stuiten. Dat was een jaar of wat nadat de sjiïetische islamitische revolutie in Iran, het meest westelijke buurland van Afghanistan, de sjah van de troon verjaagd had en de westerse belangen - meer in het bijzonder de Amerikaanse waren geviseerd - aan de deur gezet, na de traumatische bezetting van de Amerikaanse ambassade in Teheran, die de Amerikaanse president Jimmy Carter zijn herverkiezing kostte en de wereld acht jaar Ronald Reagan opleverde. Sindsdien staat Iran, samen met Libië, dat andere energieland, wegens wangedrag op de zwarte lijst van de VS en in het verdomhoekje van de internationale gemeenschap. Daaruit probeert het nu weg te komen, na bijna twintig jaar revolutionaire afzondering en een uitputtende, bijzonder moordende oorlog met het Irak van Saddam Hoessein, de lekenstaat die toen nog door Europa en de VS gesteund en bewapend werd om het islamistisch gevaar de pas af te snijden. Men herinnert zich dat daar ondertussen nog een tweede, en bijna een derde Golfoorlog, zoals dat heet, uit is voortgekomen. Ondertussen woedde in Afghanistan de oorlog die het Rode Leger op de knieën zou krijgen. Daar werden de Afghaanse moedjahedien van geld, wapens en publiciteit voorzien door de VS en de Iraanse mollahs tezamen, in hun strijd tegen Moskou (waardoor niet is uitgesloten dat er nu Amerikaanse Stinger-luchtdoelwapens, aangezien ze op de zwarte wapenmarkt vrij te koop zijn uit de Afghaanse arsenalen, in Iraanse wapenkelders liggen). De CIA was toen een geziene gast in het Afghanistan van de gelovigen. Toen de Russen zich terugtrokken, vochten de moedjahedien verder, en toen kwamen de Taliban.KORTSLUITING IN HET CONTACTTussen de Taliban en Iran wil het niet vlotten: de "studenten" zijn soennitische moslims, Iran blijft bij voorkeur de "Noordelijke Alliantie" bevoorraden, die ten dele ook sjiïetisch is, en doet dat, dank zij de ironie van de geschiedenis, samen met wat intussen weer Rusland heet. En niet alleen met Iran, ook met de rest van de wereld, uitgezonderd misschien Pakistan, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten, hebben de Taliban moeilijkheden, is het niet over hun op het Afghaanse dorp geïnspireerde politiek tegen de vrouwen (geen recht op werk, geen recht op onderwijs, met moeite geneeskunde, verplicht binnen te blijven of onder een doek als spoken rond te waren), dan wel over hun minachting voor mensenrechten meer in het algemeen. Deze kortsluiting in het contact met de wereld komt tot uiting in het onvermogen van de Taliban om, ook al controleren ze zestig tot zeventig procent van het grondgebied, zich door de Verenigde Naties als regering van Afghanistan te doen erkennen. Een erkenning die zij nodig hebben, en waar, afgezien van de oorlogsinspanning, haast heel hun buitenlandse politiek op gericht is. Nu zouden de Verenigde Staten daarbij wel willen helpen. Als uit het niets is daar immers het gigantische Unocal-project opgedoken, dat een dubbele pijpleiding wil trekken van Turkmenistan, ten noordwesten van Afghanistan, naar Pakistan in het zuiden - en daarna eventueel naar India -, waarmee de olie- en gasarme industrielanden van Oost-Azië van energie zouden worden voorzien. Die pijpleiding moet helemaal door het "bruikbare", dat wil zeggen, vlakke en door Taliban gecontroleerde deel van Afghanistan lopen. De enige voorwaarde die het begin van de investeringen en de bouw in de weg staat, is dat er vrede moet heersen en er een internationaal erkende regering moet zijn, die de contracten kan garanderen. Die door de VN erkend is. En in Unocal werken een Amerikaanse (Californische) oliemaatschappij en een Saudi-Arabische firma samen. De pijpleidingen zouden bij de twee miljard dollar per stuk kosten. Menigeen dacht dat dit de hoofdreden was waarom Bill Richardson, de VS-ambassadeur bij de Verenigde Naties, met een speciale opdracht naar Kaboel gestuurd werd. En ook dat het dit was waarom hij zo goed ontvangen werd - met een stortvloed van tapijten, zadeltassen en tulbanden, en zeer Afghaanse ceremoniën om bij te wonen. Zijn bezoek viel net in een periode waarin de Taliban in een open conflict met de VN-vertegenwoordiging geraakt waren, en UNDP en andere bureaus bezig waren zich uit Kandahar en andere plekken terug te trekken - aanleiding van het conflict tot op grote hoogte was de onaanvaardbare discriminatie van de vrouwen door de Taliban-autoriteiten, en de discussie over de blokkade van de met hongersnood bedreigde sjiïetische Hazarajat-regio door Taliban-milities. Maar onderhandelen met de Taliban is een vak op zichzelf, zoals de VN-mensen ondervonden hadden, en Richardson nu kon leren. Hij kwam na een zeer kort verblijf, en zonder de Taliban-paus Mollah Omar in Kandahar gezien te hebben, met het voor velen verrassende resultaat dat er in Islamabad vredesonderhandelingen gingen georganiseerd worden tussen de Afghaanse strijdende partijen. Die partijen en hun waarnemers geloofden daar zelf niets van, maar de tv-camera's werden toch maar klaargezet. Het resultaat was, zoals bekend, dat de vredesgesprekken afbraken nog voor ze feitelijk begonnen waren. Alles was immers een spektakel te meer geweest voor de Amerikaanse gast. Maar Richardson was toen al weg. De vraag, voor sceptische waarnemers, was dan wat hij daar in de eerste plaats eigenlijk was gaan doen. DE WEG LEIDDE NAAR TEHERANEen deel van het antwoord staat deze week in de kranten: president Bill Clinton wil zijn minister van Energie vervangen, en Bill Richardson staat bovenaan de lijst van kanshebbers voor de post. Een ander deel van het antwoord zit in Teheran. Door vrede te willen stichten in Afghanistan, en de Taliban-woede tegen onder andere de sjiïeten daar af te leiden, zitten de VS voor het eerst in lange tijd aan hetzelfde eind van de tafel als Iran, waar de nieuwe "gematigde" president, Mohammed Khatami vredelievende signalen in de richting van Washington gegeven heeft. Er zijn tekenen dat in Iran een modernere vleugel het middeleeuwse isolement beu is dat het land door de ayatollahs opgelegd wordt. Het gros van de Iraanse technici en intellectuelen was twintig jaar geleden afkomstig van Amerikaanse universiteiten. Voor hun kennis en hun relaties helemaal onbruikbaar geworden zijn, willen die misschien nog iets proberen. En in een regio waar de strategische opstellingen en bondgenootschappen zeer snel wijzigen, zien de Amerikanen wellicht ook wel iets in het weer aanknopen bij een oeroude vriendschap met Iran. Heeft Turkije geen economisch en militair bondgenootschap gesloten met Israël? Sinds de top van de Organisatie van Islamitische Landen, die onlangs in Teheran gehouden werd, en waar niet de VS, maar wel Saudi-Arabië vertegenwoordigd was, is er een diplomatieke opening tussen Teheran en Riyad. Het Midden-Oosten wordt hertekend, de beslissing gaat vallen in wie z'n profijt. De inzet is de olie en het gas van de Kaspische Zee en de verder gelegen velden van Midden-Azië tot Siberië, en niet zozeer de olie zelf, als wel de pijpleidingen die gebouwd moeten worden, en langs waar de energie naar de industriële wereld moet geleid worden. Verschillende pijpleidingen staan op papier, en niet allemaal vertrekken ze in Turkmenistan. De Afghaanse optie is niet de enige, al beseffen de Taliban dat misschien nog niet, die denken Bill Richardson voor aap te mogen zetten. Een veel goedkopere optie loopt bijna rechtstreeks naar het westen, en kan door Turkije gaan, maar ook door Iran. Dat Iraanse traject, staat natuurlijk hoog bovenaan de Amerikaanse lijst van verboden projecten, vanwege de boycot van revolutionair Iran, maar dat hoeft niet echt lang meer te blijven duren. Er is nu al heel officieel sprake van dat de Verenigde Staten de sancties tegen Europese oliefirma's die zaken doen met Iran zouden laten vallen. En meteen die met Libië misschien ook maar. Natuurlijk hangt dit helemaal samen met een verdere dooi in het regime van de Iraanse ayatollahs, waar de president nog altijd de strijd kan verliezen tegen de religieuze hardliners die achter's lands "geestelijke leider", ayatollah Khamenei staan. En zelfs als de dooi aanhoudt, kan het nog een hele tijd duren voor het land begaanbaar is. Maar de principiële beslissingen moeten dan al lang genomen zijn. Sus van Elzen