Het is alweer tien jaar geleden dat Dirk Frimout als eerste Belg een ruimtevlucht maakte. Tussen 24 maart en 2 april 1992 bestudeerde hij aan boord van de Amerikaanse spaceshutt-le Atlantis uitvoerig de atmosfeer van de aarde.
...

Het is alweer tien jaar geleden dat Dirk Frimout als eerste Belg een ruimtevlucht maakte. Tussen 24 maart en 2 april 1992 bestudeerde hij aan boord van de Amerikaanse spaceshutt-le Atlantis uitvoerig de atmosfeer van de aarde. Nu wordt op de kosmodroom Bajkonoer in Kazachstan alles in gereedheid gebracht voor de lancering van een tweede landgenoot naar een baan om de aarde. Frank De Winne (°1961) was gevechts- en testpiloot en behaalde in 1984 een diploma burgerlijk ingenieur aan de Koninklijke Militaire School. Toen hij in april 1981 de lancering van de eerste Amerikaanse space-shuttle zag, wist De Winne dat hij astronaut wilde worden. Tien jaar later droeg de Belgische afvaardiging bij de Europese ruimtevaartorganisatie ESA hem voor als kandidaat-astronaut. In 1998 volgde de officiële nominatie als ESA-astronaut en in 2000 zijn opname in het Europese astronautenkorps in het Duitse Keulen. In de zomer van vorig jaar ging hij naar Zvjozdni Gorodok ('Sterrendorp') bij Moskou om er vertrouwd te raken met het International Space Station (ISS) en de Russische ruimtevaarttechnologie. In tegenstelling tot Dirk Frimout zal Frank De Winne dus niet van het 'comfort' van het Amerikaanse ruimteveer kunnen genieten. Hij zal, krap behuisd in een Russische Sojoez, samen met zijn twee Russische gezellen boordcommandant Sergej Zaljotin (°1962) en Joeri Lontsjakov (°1965) vanaf de steppen van Kazachstan de ruimte ingaan. Voor De Winne is dat echter geen probleem. 'Ik vlieg als boordingenieur mee aan boord van een nieuwe versie van het Sojoez-ruimteschip - de Sojoez TMA - en dat is voor een niet-Rus toch uniek', zegt hij. De Russen benaderen de zaken anders dan de Amerikanen. Die houden meer van nieuwe state-of-the-art technologie. In Rusland kiezen ze ervoor om bestaande systemen stapsgewijs te vernieuwen. Zo kreeg de Sojoez TMA een nieuw instrumentenpaneel en nieuwe computers, maar ook een aantal oude elementen bleven behouden. En er passen wat grotere ruimtevaarders in dan vroeger het geval was. Dat laatste heeft ook te maken met het belangrijkste doel van de missie: de vervanging van een ander Sojoez-ruimteschip dat momenteel is vastgekoppeld aan het internationale ruimtestation ISS en daar dienst doet als 'reddingssloep'. De Russen Valeri Korzoen en Sergej Tresjtsjev en de Amerikaanse Peggy Whitson, momenteel de vaste bemanning van het ruimtestation, kunnen ermee in geval van nood naar de aarde terugkeren. Twee keer per jaar moet de 'oude' Sojoez, die slechts een beperkte levensduur heeft, voor een nieuwe worden ingeruild. Dat gebeurt tijdens wat men ondertussen een 'taxi-missie' is gaan noemen. Bij zulke missies zijn er naast die van de Russische commandant altijd nog twee plaatsen beschikbaar. De Russen bieden die graag tegen forse betaling aan 'ruimtetoeristen' aan. Al twee keer vloog op die manier iemand met de Russen mee. Dat was ook nu de bedoeling, maar de 23-jarige 'N Sync-zanger Lance Bass kreeg de slordige 20 miljoen dollar sponsorgeld voor zijn trip niet tijdig bij elkaar en werd op de valreep vervangen door Joeri Lontsjakov. De Europese ruimtevaartorganisatie European Space Agency (ESA) sloot van zijn kant vorig jaar een overeenkomst met het Russische Rosavia-kosmos om tot 2006 regelmatig Europeanen aan boord van Sojoez-ruimteschepen te laten meevliegen. Europa, dat geen eigen bemand ruimteschip heeft, kan op die manier toch ervaring met bemande ruimtemissies opdoen in afwachting van de Europese laboratoriummodule Columbus die in 2004 aan het ISS wordt vastgemaakt. De vlucht van De Winne past in het kader van deze overeenkomst. Bij ESA wordt overigens met zeer lovende woorden over De Winne gesproken. De voorbereiding van zijn ruimtemissie heeft anderhalf jaar geduurd en was lang en zwaar. Zo moest hij al vorig jaar in de Zwarte Zee een landing op het water oefenen, niet overbodig want in 1976 kwam een Sojoez bij de terugkeer al eens in een meer terecht. Een van de grootste hinderpalen was Russisch leren, vier uur per dag, want alle training in Sterrendorp gebeurt in het Russisch en met Russische documenten. Maar eind vorig jaar legde de Belgische kosmonaut al zonder tolk en in het Russisch examens af. De Winne moest ook leren omgaan met twee verschillende types Sojoez-ruimteschepen. Hij zal immers met een nieuwe Sojoez TMA worden gelanceerd, maar terugkeren met een oude Sojoez TM. Zijn opleiding bracht hem verder nog naar België, de verschillende ESA-centra in Europa en de Verenigde Staten. Twee dagen na de lancering arriveert De Winne aan boord van het ISS en kan hij beginnen met de uitvoering van een twintigtal experimenten. Ze omvatten diverse domeinen van de wetenschap zoals de biologie, de cognitieve wetenschappen, de fysiologie, de materiaalwetenschappen, de vloeistoffenmechanica en een aantal educatieve activiteiten. De Winne zal daarbij zowel in het Amerikaanse als in het Russische deel van het station werken. Heel veel aandacht gaat naar hoe de mens in de ruimte functioneert, zowel fysiologisch als mentaal. 'Bijvoorbeeld hoe het beenderstelsel functioneert in microzwaartekracht, de toestand van zo-goed-als-gewichtloosheid die er in de ruimte heerst', aldus De Winne. 'Dat onderzoek heeft toepassingen op de aarde. Zo is bijvoorbeeld osteoporose een van de grote problemen van een verouderende bevolking. Astronauten hebben daar in de ruimte door de gewichtloosheid veel sneller last van. Deze experimenten proberen na te gaan wat er allemaal bij het verschijnsel meespeelt.'De meeste experimenten staan onder leiding van Belgische onderzoekers van overheidsinstellingen als het Studiecentrum voor Kernenergie in Mol, de Belgische Strijdkrachten en de Space Pole te Ukkel en van de universiteiten van Gent, Luik, Leuven en Louvain-la-Neuve. De Winne omschrijft zijn missie als 'Belgisch met een internationaal accent', want bij veel van de experimenten zijn ook onderzoekers uit andere Europese landen, de Verenigde Staten en Rusland betrokken. Vier experimenten zijn al op 25 september aan boord van een onbemande Progress-ruimtecargo naar het ruimtestation gestuurd. Ze zijn ontwikkeld door het Belgische bedrijf Verhaert in Kruibeke bij Antwerpen in een recordtijd van amper een half jaar. Normaal keert Frank De Winne na elf dagen in de ruimte naar de aarde terug. Hangend aan een parachute zal de landingscapsule van de Sojoez TM-34 hem samen met zijn twee Russische collega's in Kazachstan aan de grond zetten. Prins Filip zal naar verwachting de landing vanuit een helikopter volgen. Kost mensen de ruimte insturen niet te veel geld en heeft het allemaal wel zin? 'Een terechte vraag', stelt Frank De Winne. 'De bemande ruimtevaart moet op termijn inderdaad resultaten kunnen tonen. We moeten ons niet alleen met fundamenteel onderzoek bezighouden, maar uiteindelijk ook met industrieel onderzoek en industriële productie in de ruimte.'Maar het mag dan misschien een cliché zijn, ook voor De Winne is er nog zoiets als de verkenningsdrang van de mens. 'Nadat we de oceanen gingen bevaren, verkenden we het luchtruim. Nu hebben we de ruimte bereikt. We moeten nu de volgende stap durven zetten en het zonnestelsel verder verkennen.'Voor een bemande vlucht naar Mars zijn er echter nog geen concrete plannen. Of De Winne kandidaat zou willen zijn? 'Dat ligt momenteel vrij moeilijk, want ik heb nu verantwoordelijkheden naar mijn gezin toe en een vlucht naar Mars duurt algauw enkele jaren. Maar misschien kan het wel over een jaar of tien, vijftien.' Nieuwe ruimtemissies ziet hij wel zitten. 'Hopelijk kan ik later een langere vlucht uitvoeren en meerdere maanden aan boord van het ruimtestation blijven. Misschien wordt het mogelijk na de lancering van onze eigen Europese wetenschappelijke module Columbus naar het station in oktober 2004.'Benny Audenaert