Het laatste oordeel, dat leek het afgelopen maandag te zullen worden. Na de tientallen processen die Democraten en Republikeinen de voorbije vijf weken aanspanden, moest het Hooggerechtshof in Washington een definitief antwoord geven op die ene cruciale vraag: is de manuele hertelling van door de telcomputer niet geregistreerde stemmen grondwettelijk?
...

Het laatste oordeel, dat leek het afgelopen maandag te zullen worden. Na de tientallen processen die Democraten en Republikeinen de voorbije vijf weken aanspanden, moest het Hooggerechtshof in Washington een definitief antwoord geven op die ene cruciale vraag: is de manuele hertelling van door de telcomputer niet geregistreerde stemmen grondwettelijk? De Democraat Al Gore heeft sinds 8 november alles op alles gezet om zo'n manuele hertelling te laten uitvoeren. Een democratisch land moet zijn kiezers garanderen dat bij een verkiezing álle uitgebrachte stemmen werkelijk worden geteld, betoogde hij. Als de krakkemikkige telcomputers in Florida niet accuraat genoeg werkten, moest er dus maar met de hand worden nageteld. George Bush jr., die in de Sunshine State maar dik vijfhonderd stemmen méér behaalde dan zijn tegenspeler, zag de bui al hangen en verzette zich uit alle macht tegen iedere manuele hertelling. Zijn argumenten? Manuele hertellingen zijn ongrondwettelijk: aangezien er geen uniforme regels voor die procedure bestaan (wanneer moet een gaatje in de ponskaart als doorgeprikt worden beschouwd?) schendt zo'n hertelling het gelijkheidsbeginsel. Bovendien achtte hij het onaanvaardbaar dat, om de tijdrovende telling met de hand mogelijk te maken, bij wet vastgelegde deadlines zomaar werden verschoven - als het spel eens bezig is, kunnen de spelregels niet meer worden veranderd. Welgeteld negentig minuten kregen de advocaten maandag om voor het federale Hooggerechtshof hun argumenten in de zaak Bush v. Gore uiteen te zetten. Ontwikkelingen voorspellen durft geen zinnig mens meer in deze verkiezingsthriller. Maar Bush had bij de aanvang van de hoorzittingen duidelijk de beste kaarten in handen. Zijn tegenstrever heeft in de vele verwikkelingen van de voorbije 36 dagen maar één overwinning geboekt. Een overwinning van formaat, dat wel: vorige vrijdag beval het Hooggerechtshof van Florida dat in alle kiesdistricten van de staat de zogenaamde undervotes - stembiljetten die volgens de telcomputer blanco bleven - manueel moesten worden herteld. Het ging om meer dan 40.000 biljetten. Voor het eerst sinds Election Day leek het presidentschap voor Gore echt weer binnen handbereik. Zeker omdat diezelfde rechters ook hadden beslist dat eerdere partiële manuele hertellingen ook in rekening moesten worden gebracht. Daardoor was Bush' voorsprong tot nauwelijks 154 stemmen geslonken. In de ambtswoning van de vice-president werd vrijdagavond feest gevierd, het ploffen van de champagnekurken was tot op straat te horen. ONHERSTELBARE SCHADEGores vreugde was van korte duur. Nog geen etmaal na het historische vonnis van het Hooggerechtshof in Tallahassee, liet het federale Hooggerechtshof in Washington de manuele hertellingen weer stopzetten. De advocaten van Bush hadden in Washington beroep aangetekend en de negen rechters gevraagd 'voorlopige maatregelen' te nemen om te verhinderen dat hun cliënt 'onherstelbare schade' zou oplopen. En Amerika's hoogste rechtbank besloot met vijf stemmen tegen vier, conservatief tegen liberaal, op dit verzoek in te gaan. Volgens een van de conservatieve rechters, judge Antonin Scalia, mocht uit de beslissing om de hertellingen op te schorten worden afgeleid dat de eisende partij volgens het hof ook een ernstige kans maakt om de zaak ten gronde te winnen. Gore werd meteen weer zwaar in het defensief gedrongen. Maar zelfs als de vice-president maandag zijn slag nog zou thuishalen voor het hof, waren heksentoeren nodig om de deadline van 12 december te halen. De Amerikaanse grondwet bepaalt dat op die dag iedere staat zijn kiesmannen kenbaar moet maken, die dan op 18 december formeel de nieuwe president verkiezen. Als er in een staat op de twaalfde december nog steeds geen duidelijke winnaar is, heeft het parlement van die staat het recht om zelf kiesmannen aan te duiden. De door Republikeinen gedomineerde Kamer en Senaat in Tallahassee stonden eind vorige week al klaar om indien nodig in te grijpen. Bij het ter perse gaan van Knack leek het er dus sterk op dat Gore zijn nederlaag al zou hebben toegegeven op het moment dat de lezer dit artikel leest. Maar of het nu Tipper dan wel Laura wordt die het nieuwe behang voor het Oval Office zal uitkiezen, maakt het eigenlijk iets uit? Was het hoofdthema van de commentaren tijdens de verkiezingscampagne niet dat er nauwelijks inhoudelijke verschillen waren tussen beide kandidaten? Haastten Republikeinen en Democraten zich niet evenveel om iedere nieuwe opiniepeiling in een mooie verkiezingsbelofte te vertalen? De kiezers hebben niet alleen in de presidentsverkiezingen, maar ook in de verkiezingen voor de Senaat en het Huis van Afgevaardigden zo goed als fifty-fifty gestemd. Het Amerikaanse volk heeft dus geen duidelijke voorkeur. Is het paradoxaal dat zo'n lauwe verkiezingscampagne waarbij zo weinig op het spel leek te staan, is geëindigd in een vreselijk bitse tweekamp die voor de rechtbank werd uitgevochten? Zelfs het federale Hooggerechtshof, dat zich altijd boven de partijen weet te houden, raakte verscheurd. Of is een duel op het scherp van de snee juist niet te vermijden als een verkiezingsstrijd eigenlijk herleid kan worden tot de vraag wie van beide kandidaten het postje krijgt? Het postje is in dit geval natuurlijk ook iets meer dan pakweg het burgemeesterschap van Vilvoorde: het is het hoogste ambt ter wereld.C.A.