n Mijnheer Claes, premier Guy Verhofstadt (VLD) wil streng optreden tegen de politie-observatiepatrouilles van Abou Jahjah en zijn Arabisch-Europese Liga.
...

n Mijnheer Claes, premier Guy Verhofstadt (VLD) wil streng optreden tegen de politie-observatiepatrouilles van Abou Jahjah en zijn Arabisch-Europese Liga.WILLY CLAES: De premier wil terecht een einde stellen aan misplaatste en provocerende acties van kleine groepjes, die in de kaart spelen van extremisten die het niet goed voor hebben met de democratie. De openbare orde is een zaak van openbare strijdkrachten, en niet van privémilities. De strijdkrachten zélf moeten dan ook gecontroleerd worden door het openbaar gezag: de regering, het parlement en de wettelijk bevoegde controle-instanties. Die moeten er op toezien dat de nieuwe politie handelt volgens de voorgeschreven regels, zonder discriminatie. Abou Jahjah loopt naast zijn schoenen en is met zijn AEL steeds meer de objectieve partner van het Vlaams Blok. CLAES: De EU heeft de vrije concurrentie al te eenzijdig verheven tot hét te respecteren dogma. Dat is bovendien hypocriet, want inzake landbouw geldt die vrije concurrentie plotseling niet meer. Ik heb vroeger in een onbewaakt moment eens gezegd dat het landbouwbeleid van de EU het beste voorbeeld is voor een communistische planeconomie. En het gaat om een sector die veertig procent van de Europese begroting inneemt. Vandaag nog zegt men aan elk land en voor elk product hoeveel er mag worden geproduceerd. Méér: men zegt tegen welke prijs er moet worden verkocht en als die prijs niet wordt gehaald, past de EU het verschil bij. Zo deden ze het ook in de Sovjet-Unie. Ook voor de zo noodzakelijke harmonisering van de fiscaliteit gelden de liberale principes niet, en vindt men altijd wel een voorwendsel tot uitstel. De EU moet eindelijk stoppen met de maximalisering van de winst centraal te zetten. Ik zou liever de mens centraal zien staan, zoals bijvoorbeeld in een beleid dat probeert om langdurig werklozen weer aan de slag te krijgen. Ik ben het dus grotendeels eens met Vande Lanotte, maar hij mag het kind niet met het badwater weggooien. We moeten blijven ijveren voor een federaal Europa, maar dan een dat ook zijn sociale en politieke verantwoordelijkheden opneemt. Op dat punt ben ik trouwens pessimistisch. Ik vrees dat wij er niet zullen in slagen om de EU-structuren tijdig klaar te maken voor de nu toch zeer nabije uitbreiding. En dan zullen de conservatieve tegenstanders van Europa hun doel hebben bereikt: een totaal verwaterde unie die gereduceerd is tot een vrije markt zonder meer. Als ik de Conventie bezig zie, ben ik ongerust. Er zijn maar weinig landen bereid af te stappen van de unanimiteit in de ministerraad als het gaat over de tweede en derde pijler van het Verdrag van Maastricht, met name het buitenlandse beleid, het veiligheidsbeleid, en het juridische beleid. Als we niet bereid zijn om dat deel van de nationale soevereiniteit te transfereren naar een supranationaal Europa, dan zal de EU in de wereldpolitiek een tweederangsrol blijven spelen. CLAES: Het is tragikomisch een Europese Unie te laten besturen door een Commissie met 25 leden. Die inflatie moet leiden tot inefficiëntie. Zeker als er in een groot aantal domeinen ook nog unanimiteit moet zijn. Ik denk zelfs dat de Conventie niet eens tot het advies zal komen om die unanimiteit op te heffen. Dat zou alles zeggen. Ik ben er niet tegen dat men in Kopenhagen de uitbreiding oostwaarts vastlegt, dat is onze historische plicht zoals al in '93 toevallig ook in Kopenhagen is gesteld. Maar dat moet gebeuren in transparante en efficiënte condities, en die zijn niet vervuld. Claes: Ik heb in 1995 in een berucht interview gewaarschuwd tegen terroristische aanslagen, en met wat we inmiddels weten, beweer ik opnieuw dat de NAVO alleen nog zin heeft als ze haar doelstellingen herziet, en haar verantwoordelijkheid opneemt in de strijd tegen het internationale terrorisme en tegen de proliferatie van de massavernietigingswapens. De alliantie moet helemaal worden omgebouwd en gereorganiseerd. Eigenlijk is daartoe in Praag de basis gelegd. Gezien de uitbreiding zal men in een eerste fase vooral de communicatie- en commandostructuren van de NAVO aanpassen, maar belangrijker dan dat is het Amerikaanse voorstel om een NATO Response Force op de been te brengen. Een kleine maar zeer gespecialiseerde mobiele en hoogtechnologisch uitgeruste eenheid van zo'n twintigduizend manschappen, die in ultrakorte tijd kan worden gemobiliseerd en waar ook ter wereld kan worden ingezet. Dat is een heel nieuwe manier van opereren, die forse budgettaire inspanningen vergt. We evolueren naar twee soorten NAVO-leden. Aan de ene kant de landen die de geavanceerde technologie en de essentiële taken nog aankunnen, aan de andere kant de veelal kleinere landen die, zoals men beleefd zegt, verantwoordelijk zijn voor de niche capabilities, zoals transport, medische verzorging en bescherming tegen biologische of chemische bedreigingen. Maar ik vraag me af of ook de grote Europese landen nog wel de nodige budgettaire inspanningen kunnen leveren. En ik weet niet of de kleine landen voldoende beseffen dat ze ook voor hún taken veel meer geld aan defensie moeten besteden. De technologische kloof tussen beide kanten van de Atlantische Oceaan is zo immens dat gezamenlijke acties met de Amerikanen irrelevant en zelfs gevaarlijk dreigen te worden. We hebben het in Kosovo al ondervonden, onze troepen kunnen de Amerikanen niet meer volgen. Zelfs indien de Rapid Reaction Force van de EU er zou komen, is ook zij vandaag de dag niet bij machte om een grote peacekeeping-operatie zoals in Bosnië op eigen kracht uit te voeren. Ik denk dat over dat wezenlijke probleem in Praag niet ten gronde gedebatteerd is, en dat ook een ander essentieel punt niet is uitgeklaard: stel dat die Response Force er komt, wie beslist dan waar en wanneer en met welke opdracht ze wordt ingezet? De Amerikanen gaan er wellicht van uit dat de NAVO dat beslist, maar naar mijn bescheiden mening kan het alleen met een uitdrukkelijk mandaat van de Veiligheidsraad. CLAES: Ik denk dat ze sinds de Golfoorlog wel geleerd hebben dat de NAVO interessante voordelen biedt. Het gebruik van ons luchtruim, van ons communicatiestelsel en van de militaire basissen in Europa is van groot strategisch nut voor de Amerikaanse belangen in het Midden-Oosten en de Kaukasus. In de Golfoorlog, waarin ze militair van niemand hulp nodig hadden maar toch graag politieke rugdekking kregen, hebben ze bovendien vastgesteld dat de westerse bondgenoten allemaal te hulp zijn gekomen. Al was het soms met een bescheiden bijdrage, zoals de Belgen met hun mijnenjagers. Maar van hun Aziatische vrienden hebben ze niemand gezien. Laten we ook niet vergeten dat de helft van alle buitenlandse economische investeringen van de VS zich in Europa situeren. Ze hebben er dus alle belang bij dat Europa aan hun kant blijft, en daartoe is de NAVO een goed instrument. De Amerikanen zullen de NAVO niet opgeven, en als wij willen vermijden dat we binnen de alliantie helemaal de Amerikaanse wet moeten ondergaan, zullen we er dringend voor moeten zorgen dat we militair sterker worden. CLAES: Dat verwacht ik niet, zo hoog is het vertrouwen tussen Washington en Moskou niet. Maar de structuren zijn al wel zo aangepast dat er nauw en permanent overleg is tussen de NAVO en Rusland. En inzake de strijd tegen het terrorisme en de massavernietigingswapens moet er zelfs eerst een consensus met Rusland zijn. Ik kan me ook niet ontdoen van de indruk dat Rusland ruim vergoed is voor zijn toegeeflijkheid bij deze uitbreiding. President Vladimir Poetin is lid geworden van de G-7, nu de G-8, men wendt de blik ootmoedig af van Tsjetsjenië, en er zijn nog tal van pasmunten voorradig zoals bijvoorbeeld de toetreding van Rusland tot de Wereld Handels Organisatie. Het verklaart mede waarom Poetin ook het eenzijdig opzeggen door de Amerikanen van het Anti Ballistic Missile Treaty geslikt heeft. CLAES: Het is goed dat men voet bij stuk heeft gehouden en de Amerikanen heeft doen aanvaarden dat er eerst opnieuw inspecteurs moesten worden gezonden. Anders zouden we een gevaarlijke stap in de internationale betrekkingen hebben gezet. We zouden zijn overgegaan tot de pre-emptive strike, de preventieve militaire actie. Een nieuwigheid die te allen prijze moet worden vermeden. Als de Amerikanen dat zonder goedkeuring van de VN hadden gedaan, was het een precedent geweest voor India om Pakistan binnen te vallen, voor China om Taiwan onder de voet te lopen, en ga maar door. Dan wordt de wereld totaal oncontroleerbaar. Niettemin blijft het gevoel dat de Verenigde Staten al beslist hebben om af te rekenen met Saddam Hoessein, en dat we moeten rekening houden met een militaire interventie. CLAES: We leven in een industrieel georganiseerde maatschappij, en dus moet je industriële risico's aanvaarden. Maar die moet je tot een minimum beperken, en om dat te doen, moet je ingaan tegen de algemene trend van deregulering die vandaag in de EU heerst. Je moet regels opleggen en de toepassing ervan streng controleren. We moeten absoluut afrekenen met de schandelijke praktijk van het invlaggen in goedkope 'gedooglanden' als Panama of de Bahama's. Schepen krijgen daar vaak een vergunning zonder dat ze voldoen aan de minimale veiligheidsnormen. En het lijdt geen twijfel dat om redenen van domme concurrentie in de havens te weinig controle wordt verricht en te veel door de vingers wordt gekeken. Men zou dus ook bijzonder strenge sancties moeten voorzien voor havenautoriteiten die zee-onwaardige schepen laten vertrekken. De EU kan makkelijk bepalen dat schepen die niet aan de normen voldoen geen enkele EU-haven meer binnen mogen. Dat men eindelijk eens een regeling treft over de fameuze schuilhavens, en dat de petroleumtankers die nu nog gebouwd worden inderdaad dubbele wanden hebben. Dan is het risico voor een groot deel uitgeschakeld. De fundamentele ideologische vraag is: verplichten wij onze transporteurs om meer te investeren voor milieuveiligheid? Maar de wereld is voorlopig niet bereid die vraag te beantwoorden. Toch hoop ik dat de EU op korte termijn drastische maatregelen neemt. Koen MeulenaereWilly Claes: 'Het landbouwbeleid van de EU is een voorbeeld voor een communistische planeconomie.'