De Navo-oorlog tegen Joegoslavië maakt van de Servische provincie Kosovo het kardinale punt op de Balkan. Serviërs en Kosovaarse Albanezen vechten er om een gebied van 10.000 vierkante kilometer, waar tot voor de "etnische zuiveringen" twee miljoen mensen woonden. Maar ondertussen staan ook elders in Zuidoost-Europa volksgroepen mekaar naar het leven omwille van macht over territorium. In Bosnië-Herzegovina houdt de Sfor-vredesmacht van 26.000 man Bosnjakken (moslims), Serviërs en Kroaten in een houdgreep. Als ze die greep lost, breekt de hel weer los. In Macedonië stijgt de spanning tussen de Slavische meerderheid en de Albanezen gestaag naar een staatsbedreigend peil. Montenegro met zijn 650.000 ingezetenen neigt ertoe de federale republiek Joegoslavië te verlaten, uit onvrede met de dictatuur van president Slobodan Milosevic in Belgrado. De deelstaat was tot voor kort bewoond door zeer met elkaar verwante Montenegrijnen en Serviërs plus 40.000 Albanezen. Hij verstikt nu onder de Albanese vluchtelingen uit Kosovo, die al 20 procent uitmaken van al het volk waarvoor te zorgen valt. Het proces van staatsverkruimeling en staatsopbouw is lang niet afgelopen in de regio. Etnische zuiveringen zullen het wereldgeweten nog een hele tijd beroeren. Etnisch nationalisme beheerst immers politiek en gemoederen. En waar het overkookt, zullen mensen worden vermoord en verdreven.
...

De Navo-oorlog tegen Joegoslavië maakt van de Servische provincie Kosovo het kardinale punt op de Balkan. Serviërs en Kosovaarse Albanezen vechten er om een gebied van 10.000 vierkante kilometer, waar tot voor de "etnische zuiveringen" twee miljoen mensen woonden. Maar ondertussen staan ook elders in Zuidoost-Europa volksgroepen mekaar naar het leven omwille van macht over territorium. In Bosnië-Herzegovina houdt de Sfor-vredesmacht van 26.000 man Bosnjakken (moslims), Serviërs en Kroaten in een houdgreep. Als ze die greep lost, breekt de hel weer los. In Macedonië stijgt de spanning tussen de Slavische meerderheid en de Albanezen gestaag naar een staatsbedreigend peil. Montenegro met zijn 650.000 ingezetenen neigt ertoe de federale republiek Joegoslavië te verlaten, uit onvrede met de dictatuur van president Slobodan Milosevic in Belgrado. De deelstaat was tot voor kort bewoond door zeer met elkaar verwante Montenegrijnen en Serviërs plus 40.000 Albanezen. Hij verstikt nu onder de Albanese vluchtelingen uit Kosovo, die al 20 procent uitmaken van al het volk waarvoor te zorgen valt. Het proces van staatsverkruimeling en staatsopbouw is lang niet afgelopen in de regio. Etnische zuiveringen zullen het wereldgeweten nog een hele tijd beroeren. Etnisch nationalisme beheerst immers politiek en gemoederen. En waar het overkookt, zullen mensen worden vermoord en verdreven. Etnische schoonmaak is ook niet nieuw in de Balkan. Na de ontbinding van het Osmaanse rijk en veel krijgsgeweld, organiseerde de Vrede van Lausanne (1923) zelfs een bevolkingsruil tussen Griekenland, Bulgarije en Turkije. Zo'n 1,2 miljoen Grieken en 400.000 Bulgaren en Turken werden uit plekken waar ze onuitstaanbaar waren geworden, naar hun stamland geloosd. Eigenlijk ligt een soortgelijke volksverhuizing vervat in een plan uit de la van Milosevic. Het deelt Kosovo in twee. Het noorden voor de Serviërs, het zuiden voor de Albanezen. Nu leven beide etnieën vervreemd tussen mekaar in een explosieve verhouding: minder dan 10 procent Serviërs tegen 90 procent volksalbanezen die worden gedreven door onafhankelijkheidsdrang. Het delingsplan zou ze geografisch scheiden. Het noorden blijft territoriaal dus een deel Servië; het zuiden kan zich later verenigen met Albanië, wat aansluit bij het Albanese streven naar een grotere, etnisch homogene staat. Op het eerste gezicht een plausibele oplossing om de kruitdamp te laten optrekken. Maar is ze politiek haalbaar?EEN UITGANG VOOR SFORAls een deel van Kosovo bij Albanië wordt gevoegd, waarom dan ook geen stuk van Macedonië? In Macedonië leven 22 à 40 procent volksalbanezen. Het eerste cijfer komt uit Slavisch-Macedonische bron, het tweede ligt in de mond in het volksalbanese bastion Tetovo. Hoewel etnisch homogenere staten meer rust zou kunnen brengen in de Balkan, verwerpen de Slavische Macedoniërs unaniem de gedachte van gebiedsafstand. Niet met ons! Vorig jaar stemden ze hun nationalistische VMRO naar 59 parlementszetels op 120. Het hoge kindertal in volksalbanese gezinnen en de toestroom van vluchtelingen uit Kosovo bezorgt ze angstzweet. Want de snelle aanwas van moslimvolk bedreigt hun meerderheid van orthodoxe signatuur (67 procent). Wie de ene etnie vereniging gunt in één staat, kan dat bezwaarlijk het andere volk onzeggen. Na Groot-Albanië dus Groot-Servië? Het thema brengt direct de Republika Srpska in beeld, de Servische deelstaat in Bosnië-Herzegovina. Hem toewijzen aan Servië zou de Sfor-vredesmacht overbodig maken en een voortdurend oprispend vraagstuk uit de wereld helpen. Als in de lijn van dezelfde logica het volkskroatische Herzegovina dan ook nog bij Kroatië wordt gevoegd, zou een mini-Bosnië overblijven voor de moslims. Sarcastisch genoeg valt Bosnië-Herzegovina nu makkelijker staatkundig te verbouwen dan vroeger, als gevolg van de etnische zuiveringen tijdens de oorlog (1992-1995) die door VN en Navo is stilgelegd. Tevoren, in de tijd van de multi-etnische Socialistische Federale Republiek Joegoslavië, leefden Moslims (een "nationaliteit"), Serviërs en Kroaten vreedzaam door mekaar in de deelstaat Bosnië-Herzegovina. De gemengde huwelijken waren er niet te tellen. Drie jaar etnische oorlog leverde een compleet nieuwe toestand op. Het gros van de drie volksgroepen bevindt zich nu op gehomogeniseerde kluiten. De denkoefening over landherschikking in ex-Joegoslavië geeft aan waar de leidraad van het ultranationalisme heen loopt. Een staatsgrens hertekenen, in het voorliggende geval ter wille van de Kosovaarse Albanezen, roept op de hele Balkan spoken wakker. Albanië vergroten is nochtans wat te gebeuren staat. Of al dan niet wordt vastgehouden aan het vredesplan van Rambouillet maakt weinig verschil uit. Rambouillet voorziet over drie jaar in een referendum dat Kosovo uit Servië zal lichten. Maar ook zonder dat vredesplan is er geen weg terug: de Albanese familie zal zich in een grotere staat verenigen.GELOOF TEKENT MENSENUit Slavisch-orthodoxe hoek klinkt het verwijt dat de Verenigde Staten bij hun bemoeienissen in de Balkanconflicten altijd het kamp van de moslims kiezen. In Bosnië, waar ze de onhoudbare vredesregeling van Dayton opdrongen die vooral tegemoetkomt aan de moslimverzuchtingen. En nu in Kosovo, waar de weg wordt gebaand naar Groot-Albanië. De Amerikanen riposteerden telkens fors op bloedige etnische zuiveringen vanwege Serviërs, zo luidt het. Maar ze pakten de katholieke Kroaten niet aan die zich in hun afscheidingsoorlog (1991 - 1995) aan dezelfde schande te buiten gingen in de Krajina's, gebieden waar volksserviërs een eigen republiek hadden uitgeroepen. Onder de etnische conflicten in oud-Joegoslavisch gebied schuilt het ingrediënt religie als verschilmaker. De Bosnjakken, Serviërs en Kroaten in Bosnië spreken dezelfde taal: het Servokroatisch, dat nu Bosnisch heet. Ze onderscheiden zich alleen van mekaar in privé-gedrag dat door het cultureel aanleunen bij een religie is bepaald. Hun namen verschillen, de plek waar ze worden begraven of een eredienst bijwonen, de kleren van vrouwen op het platteland (maar het alcoholgebruik nauwelijks). Bosnië en het overgrote stuk van de Balkan maakten ruim vier eeuwen deel uit van het Osmaanse rijk. Het Osmaanse bewind hield geen rekening met volkstoebehoren, wel met geloof. De orthodoxe gemeenschappen konden tot op een zekere hoogte hun eigen boontjes doppen. Veel Albanezen bekeerden zich tot de religie van de heersers. Daardoor werden en bleven ze in de ogen van Serviërs "Turken", "collaborateurs" en vijanden. Slovenen en Kroaten zijn van katholieken huize. Ze leefden sinds de Middeleeuwen in het Oostenrijkse veelvolkerenrijk. Een imperium met een belangrijke Slavische en Hongaarse component, dat bij de opgang van het nationalisme "gevangenis van volkeren" ging heten. Midden vorige eeuw dwongen de Hongaren autonomie af en ontstond de dubbelconstructie Oostenrijk-Hongarije. De Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand had zich voorgenomen het wankele keizerrijk te stutten op een derde, Slavische poot. Maar hij werd het slachtoffer van het tijdsgewricht. De terreurbeweging Mlada Bosna, die hem in 1914 in Sarajevo ombracht, beijverde zich om Bosnië onder de vleugels van Servië te brengen. Ze werd gestuurd vanuit Belgrado. Kort na het oppakken van moordenaar Gavrilo Princip, een Bosnische Serviër, liet Wenen de regering in Belgrado een ultimatum bezorgen. Oostenrijk wou zelf in Servië uitzoeken wie het moordcomplot had opgezet. Het Servië stond op zijn soevereiniteit en vond dat niet kunnen. Een kettingreactie van ultimatums leidde vervolgens naar de Eerste Wereldoorlog. TURKEN KREGEN BESNIJDENISVERBODTerug naar Kosovo. Binnen de ex-Joegoslavische regio brengt de Albanese kwestie nationalisten op gedachten. In Bosnië dus, in Kroatië en in het Noord-Servische Vojvodina, waar 400.000 Hongaren wonen. Maar ook in de rest van de Balkan dreigen tal van minderheden vereniging, of hereniging, met hun stamland te eisen. Zoals de ruim anderhalf miljoen Hongaren in Roemenië. De meesten leven in Transilvanië, waar ze meer dan 40 procent van de bevolking uitmaken. Het gebied grenst aan Hongarije, waarvan het onder de Habsburgse dubbelmonarchie een deel was. Het vredesverdrag van Trianon (1920) kende Transilvanië aan Roemenië toe. In de loop der jaren liep de temperatuur herhaaldelijk op tussen Roemenen en Hongaren en tussen Boekarest en Boedapest. Het is best mogelijk dat de Hongaren het "dictaat van Trianon" weer ter tafel brengen. Het loont ook de moeite om even stil te staan bij Bulgarije. Daar heerste vooral in de jaren tachtig een schoonmaakwoede. In 1989, kort voor de val van het communistische regime, kregen Turken die zich niet wensten te laten Bulgariseren het bevel het land te verlaten. Een vloed spoelde naar Turkije en elders. Honderden werden op transport gezet met een treinticket Sofia - Belgrado - Wenen, enkele reis. Jaren tevoren was begonnen met een campagne om de moslims te dwingen een Bulgaarse naam aan te nemen. Scholen controleerden of de Turkse gezinnen het besnijdenisverbod naleefden. Nadat eind 1989 president Todor Zivkov aan de dijk was gezet, keerden de uitgewezenen terug. Het kwartmiljoen Pomakken in Bulgarije maakte gemene zaak met de 800.000 Turken. Pomakken zijn Bulgaarssprekende moslims. Die toenadering rond religieuze verwantschap luidde de verturksing van de Pomakken in. Nog eens: godsdienst weegt op de Balkan sterker door dan taal. Het Bulgaars verbindt Bulgaren en Pomakken even weinig als het Servokroatisch Serviërs en Kroaten in mekaars armen drijft. Ook de betogingen van de jongste weken in Turkije en Griekenland illustreren hoe de rangen, aan moslimkant en aan orthodoxe zijde, worden gesloten. De Grieken demonstreren tegen de Navo-aanvallen en steunen de Serviërs. De Turken keuren de bombardementen op Joegoslavië goed. En: "Wij, Turken, verbroederen met de Albanezen", zei premier Bülent Ecevit op de televisie. EEN ONVERWACHT GESCHENKRecentelijk schonk Bulgarije 150 tanks en 140 stuks geschut aan buurland Macedonië. Dat baarde opzien, want Sofia en Skopje plegen niet op de vriendschappelijkste manier met mekaar om te gaan. Bulgarije beschouwt het Macedonisch als een Bulgaars dialect en weigert het bestaan van een "Macedonische natie" te erkennen. Kortom: Macedonië hoort eigenlijk bij Bulgarije. Maar nu moet verstandhouding blijken. Met de gift van tanks en geschut wil Bulgarije de uitrusting van het Macedonisch leger helpen bijspijkeren. Toen de Joegoslavische militairen zich in 1991, zonder een schot te lossen, terugtrokken uit het nieuwe land, lieten ze welgeteld vier tanks achter in Macedonië. Het leger telt er nu 15.000 koppen. In slagkracht kan het echter niet tippen aan het Navo-grondleger van meer dan 10.000 man dat in Macedonië is gestationeerd. Om naar plan op te treden in Kosovo moet de talsterkte van die Navo-macht tot 28.000 worden opgevoerd. Wat de gram van de Macedonische Slaven tegenover de westerse alliantie nog zou verhogen. Alleen wijsheid en economische ontwikkeling kan op termijn de Balkan uit het moeras van het etnisch nationalisme redden. In de Verenigde Staten wordt de bouw bestudeerd van een pijpleiding die Kaspische olie via Burgas (Bulgarije) en Macedonië naar de Adriatische haven Vlorë (Albanië) brengt. De uitvoering van zo'n project vergt pacificatie in de regio. Of de passies die richting uitgaan, valt te betwijfelen.Frans Vuga