Als honderdduizend personen één maand onderweg zijn in een tropisch of subtropisch gebied, dan krijgt ruim de helft van hen af te rekenen met een of ander medisch probleem. Dat kan gaan om banale dingen, zoals obstipatie, zonnebrand, luchtwegeninfecties, maar evengoed om een ernstig probleem, hepatitis of malaria bijvoorbeeld.
...

Als honderdduizend personen één maand onderweg zijn in een tropisch of subtropisch gebied, dan krijgt ruim de helft van hen af te rekenen met een of ander medisch probleem. Dat kan gaan om banale dingen, zoals obstipatie, zonnebrand, luchtwegeninfecties, maar evengoed om een ernstig probleem, hepatitis of malaria bijvoorbeeld. De meest frequente reisziektes zijn infecties. 'Koploper is reizigersdiarree of turista: verantwoordelijk voor dertig tot tachtig procent van alle infecties die toeristen doormaken' stelt professor Fons Van Gompel van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen. 'De ernst van de diarree is variabel, maar voor mensen die een week vakantie hebben en daarvan een paar dagen het bed moeten houden, is het geen lachertje.' Turista kan meestal voorkomen worden met nauwgezette hygiënische maatregelen, maar die zijn op reis niet altijd makkelijk toe te passen. Op de tweede plaats komt malaria. Fons Van Gompel: 'Binnen de gebieden waar malaria voorkomt, krijgt naar schatting 1,5 tot 3 procent van de reizigers ermee te maken. Dat lijkt een laag cijfer. De attack rate kan echter hoog oplopen: in bepaalde reizigersgroepen krijgt 60 tot 70 procent van de mensen malaria.' Niet iedereen neemt plichtsgetrouw de aanbevolen malariapillen in. Daar komt nog bij dat in sommige gebieden resistente malariaparasieten voorkomen waarop de preventieve medicatie weinig vat heeft. 'Hoe dan ook, de bescherming met malariamedicijnen mag dan niet absoluut zijn, ze zal zeker het risico op de ziekte en op de ernstige en dodelijke vormen in het bijzonder reduceren', verzekert Fons Van Gompel. Na turista en malaria komen de door vaccinatie vermijdbare infecties, waarvan de lijst wordt aangevoerd door hepatitis A. Hepatitis A loopt men op door het eten van voedsel of het drinken van water dat met het hepatitis A-virus besmet is. Het risico is het grootst in landen met een gebrekkige hygiëne, ontwikkelingslanden bijvoorbeeld. Sinds de invoer van het vaccin tegen hepatitis A komt de ziekte al veel minder voor bij reizigers. Hepatitis B, een meer ernstige vorm van leverontsteking veroorzaakt door het hepatitis B-virus, treft vooral reizigers die seksueel contact hebben met de plaatselijke bevolking zonder condoomgebruik. Hepatitis B wordt hoofdzakelijk overgedragen via seksueel contact. Transmissie via bloedcontact of besmette naalden (opname in een primitief ziekenhuis) is evenwel ook mogelijk. Hepatitis B opent het rijtje van de seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) en wordt in frequentie gevolgd door syfilis en gonorroe (druiper). Condooms, het best gekocht op het thuisfront omdat de plaatselijke exemplaren niet altijd betrouwbaar zijn, vormen de beste preventie. Professor Van Gompel: 'Tuberculose is de volgende infectie in de lijst. Het is vooral een risico voor mensen die gedurende langere tijd in een subtropisch of tropisch gebied verblijven. De kans bedraagt drie per duizend per maand, en van deze mensen wordt een op de tien later ernstig ziek.' Heel wat exotischer klinkt de volgende in de rij: dengue of knokkelkoorts, een soort tropische griep veroorzaakt door een virus dat via muggen wordt overgedragen en vooral voorkomt in Zuidoost-Azië en de Cariben. De ziekte veroorzaakt hevige spier- en gewrichtspijnen en koorts, maar is zelden echt ernstig. 'De muggen steken overdag en zijn vooral actief in en vlak na de moessontijd. Er bestaat geen vaccin tegen dengue. Men dient zich te beschermen met insectenwerende middelen en bedekkende kleding.'Eerder uitzonderlijk, maar bijzonder gevaarlijk is rabiës of hondsdolheid. Fons Van Gompel: 'Vooral mensen die in gebieden gaan wonen waar de ziekte voorkomt, die trektochten maken of er langere tijd met kinderen verblijven, lopen risico. De kans op een dierenbeet wordt geschat op 1 per 1000 per maand. Zo'n beet is natuurlijk niet altijd besmet, maar veroorzaakt dan toch de angst op besmetting.' Er is een doeltreffend vaccin, maar de vaccinatie wordt soms over het hoofd gezien en het vaccin is ook niet overal beschikbaar. Men denkt er niet altijd aan. Professor Van Gompel: 'Af en toe duiken dramatische rapporten op. Zoals enige tijd geleden van een vrouw die kort na haar terugkeer uit India overleed, zonder dat men een doodsoorzaak vond. Haar organen werden getransplanteerd en de orgaanontvangers overleden aan rabiës. Dergelijke drama's zijn vermijdbaar met vaccinatie.'Ook uitzonderlijk, maar beter bekend en dus beter onder controle, is gele koorts. 'Gele koorts is nog aanwezig in tropisch Afrika en Zuid-Amerika. Ook aan deze ziekte bezwijken nog af en toe toeristen, nochtans kan ook dat perfect vermeden worden met vaccinatie.'Buiktyfus komt nog voor bij 30 gevallen per 100.000 voor reizigers naar India en bepaalde Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse landen. Buiktyfus is een bacteriële infectieziekte die men oploopt door het eten of drinken van besmet voedsel, melk of water. Symptomen zijn koorts, vage buikpijn, obstipatie en soms bloederige diarree. Zonder behandeling loopt de ziekte in een op de tien gevallen dodelijk af. Buiktyfus is grotendeels te vermijden met goede hygiënische maatregelen. Ook cholera, een andere bacteriële infectieziekte, treft nog één per 300.000 tot 500.000 toeristen in Zuid-Amerika en sommige delen van Afrika, met name in landen met slechte sanitaire voorzieningen. Waterige diarree, misselijkheid, braken en futloosheid zijn typische klachten en het gevaar van uitdroging is reëel. Fons Van Gompel: 'Er bestaat een goedwerkend oraal vaccin, maar doorgaans volstaan hygiënische maatregelen om de ziekte te voorkomen.'Ten slotte biedt op reis gaan een goede gelegenheid om de basisvaccinaties, de ziektes waartegen we ingeënt werden in de kindertijd, na te kijken. Polio-myelitis, difterie, tetanus en kinkhoest duiken hier en daar nog op. Van de immuniteit die we dankzij vaccinatie in de kindertijd opgebouwd hebben, blijft op volwassen leeftijd niet veel meer over. Daarom zijn herhalingsvaccinaties om de tien jaar wenselijk. 'We beschikken over combinatievaccins voor volwassenen die deze entstoffen in één injectie bevatten.'Marleen Finoulst