Toen koning Boudewijn in 1975 een kwarteeuw op de troon zat, ging hij akkoord met de oprichting van een stichting, die zijn naam zou dragen en die gefinancierd zou worden met giften van particulieren en bedrijven. De Koning Boudewijnstichting moest de armoede bestrijden, aandacht hebben voor de leefomgeving en de burgerzin aanwakkeren. In 1988 werd in de schoot van de stichting ook een programma opgezet dat ijvert voor de bescherming en het behoud van het ...

Toen koning Boudewijn in 1975 een kwarteeuw op de troon zat, ging hij akkoord met de oprichting van een stichting, die zijn naam zou dragen en die gefinancierd zou worden met giften van particulieren en bedrijven. De Koning Boudewijnstichting moest de armoede bestrijden, aandacht hebben voor de leefomgeving en de burgerzin aanwakkeren. In 1988 werd in de schoot van de stichting ook een programma opgezet dat ijvert voor de bescherming en het behoud van het "Roerend cultureel erfgoed". De verhuis van de "Intrede van Christus in Brussel" van James Ensor naar een museum in de Verenigde Staten en de dreigende verkoop van werken uit de erfenis van René Magritte, hadden bij velen een belletje doen rinkelen. Een stevige jaarlijkse dotatie van de Nationale Loterij zou als financiële basis voor het programma dienen. In tien jaar tijd werd zowat 300 miljoen frank besteed aan de aankoop en de restauratie van kunstwerken en archivalia in verval. Vijf SOS-campagnes werden uitgevoerd, waarbij wandtapijten, schilderijen op doek en op hout, en polychrome beelden en affiches uit de belle époque van onder het stof en het vuil werden gehaald. Tien jaar werking wordt nu geïllustreerd met de tentoonstelling "Schatten voor allen" in het Jubelpark in Brussel. "Allen" moet letterlijk worden genomen. De Nationale Loterij wordt immers gespijsd met geld van iedereen die wel eens een gokje waagt. Bovendien werden de aangekochte werken ook "openbaar kunstbezit". Er zijn bekende werken bij. Het "Portret van Mar guerite" van Fernand Khnopff bijvoorbeeld, dat uit een Amerikaanse privé-collectie werd teruggekocht, een van de eerste "Geraamten" van James Ensor en de "De dame met de ledenpop" van Félicien Rops. Voorts een hele reeks Antwerpse tekeningen uit de 16de tot de 19de eeuw, stukken uit het Goffinet-archief ( Leopold I en II), archivalia in verband met de Luikse industrialisatie en een reeks terracotta-sculpturen van onder meer Walter Pompe en Lucas Faydherbe. In het midden van de expositie is een kamer ingericht met meubels en decoratieve voorwerpen uit de 18de eeuw, die via een legaat bij de Koning Boudewijnstichting terechtkwamen. "Schatten voor allen. Koning Boudewijnstichting 10 jaar actief voor het Roerend cultureel erfgoed", in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel. Tot 10/5.Paul Dossche