Het logo van de nieuwe ruimtevlucht van Frank De Winne heeft de vorm van een waterdruppel. Ook de naam van de missie, voorgesteld door Gentenaar Jan Puylaert, verwijst naar het water dat zo noodzakelijk is voor alle leven op onze planeet: OasISS staat voor het ruimtestation en de aarde als 'oases' voor ruimtevaarders en de mens.
...

Het logo van de nieuwe ruimtevlucht van Frank De Winne heeft de vorm van een waterdruppel. Ook de naam van de missie, voorgesteld door Gentenaar Jan Puylaert, verwijst naar het water dat zo noodzakelijk is voor alle leven op onze planeet: OasISS staat voor het ruimtestation en de aarde als 'oases' voor ruimtevaarders en de mens. De Winne zal vanaf de 'kosmodroom' Bajkonoer in Kazachstan met het Russische ruimteschip Sojoez TMA-15 naar het ISS vliegen in het gezelschap van de Rus Roman Romanenko en de Canadees Robert Thirsk. Na Dirk Frimout met het ruimteveer Atlantis in 1992 en De Winne zelf in 2002 met de Sojoez TMA-1 is het de derde keer dat een Belg de ruimte in gaat. In 2002 werkte De Winne tijdens de missie OdISSea al tien dagen aan boord van het ISS, maar nu zal het station een halfjaar lang zijn thuis zijn. Ondertussen is het ISS uitgegroeid tot een enorm complex ter grootte van een voetbalveld. Het bestaat uit leefruimten, labs en andere modules. De bouw van het ISS begon in 1998 en moet tegen 2011 helemaal voltooid zijn. Daarna zal het nog minstens vijf jaar operationeel blijven. Het ISS is een gemeenschappelijk project van de Verenigde Staten, Rusland, Japan, Canada en Europa. In totaal zal het zo'n 100 miljard euro hebben gekost, waarvan Europa 8 miljard voor zijn rekening neemt. De Europese ruimtevaartorganisatie ESA maakte vorig jaar haar lab Columbus aan het ISS vast en stuurde ook met succes haar eerste onbemande vrachtruimteschip Jules Verne naar het station. In ruil mag de ESA om de twee jaar een van haar ruimtevaarders naar het ISS sturen voor een langdurige ruimtemissie. De Winne vliegt dan ook als lid van het Europese astronautenkorps naar het ruimtestation. Een ruimtereis van zes maanden is geen eenvoudige klus. Alleen al omdat je al die tijd moet leven en werken in een ruimte van nog geen 400 kubieke meter. De langdurige blootstelling aan gewichtloosheid eist ook haar tol en moet door minstens twee uur fysieke krachtinspanning per dag worden gecompenseerd. Maar De Winne is uitstekend voorbereid op zijn taak. Hij trainde maandenlang in ruimtevaartcentra in de Verenigde Staten, Rusland, Europa, Canada en Japan en is tot in de details vertrouwd met alle onderdelen van het station. Twee dagen na de lancering moeten De Winne en zijn twee gezellen in het ISS arriveren. Met het daar aanwezige trio - een Rus, een Amerikaan en een Japanner - zullen ze de eerste zeskoppige vaste bemanning van het ISS vormen. Het ruimtestation zal dan op volle capaciteit kunnen draaien. 'Een mijlpaal', aldus De Winne. Goed organiseren is daarbij heel belangrijk, want zeker in de ruimte betekent tijd geld. De Winne zal in het ISS een heel pakket experimenten uitvoeren. Daar zijn ook Belgische onderzoekers bij betrokken, onder meer bij proeven op het vlak van de werking van de hersenfuncties, de neurowetenschappen, de cel- en moleculaire biologie, de vloeistoffenfysica en materiaalonderzoek. De Belgische astronaut wil vanuit een baan om de aarde ook de jeugd warm maken voor wetenschap en technologie. In augustus komt zijn Zweedse ESA-collega Christer Fuglesang met het ruimteveer Discovery elf dagen op bezoek. En als alles volgens plan verloopt, zal De Winne in de herfst ook het eerste onbemande Japanse ruimtevrachtschip H-II Transfer Vehicle (HTV) met behulp van een robotarm aan het ISS helpen aanmeren. In oktober volgt De Winne de Rus Gennadi Padalka op als gezagvoerder van de ISS-expeditie . Zoals de kapitein op een schip zal hij erover waken dat zijn bemanning goed functioneert. 'De samenwerking moet dus feilloos verlopen', verklaart hij. En in allerhoogste nood staat de redding van het ruimtestation voorop. DOOR BENNY AUDENAERT