Het was wel eerlijk van Jan Loones om te zeggen dat hij liever het Lambermontakkoord opofferde dan dat hij ervoor zijn Volksunie in ruzie uit elkaar zag vallen. Maar het klonk ook wat gek. Een partij is niet voor de eeuwigheid bedoeld. Ze hoort zichzelf net overbodig te maken door haar programma te realiseren. (En Loones heeft nu geen van beide: géén eendrachtige VU en géén Lambermont.)
...

Het was wel eerlijk van Jan Loones om te zeggen dat hij liever het Lambermontakkoord opofferde dan dat hij ervoor zijn Volksunie in ruzie uit elkaar zag vallen. Maar het klonk ook wat gek. Een partij is niet voor de eeuwigheid bedoeld. Ze hoort zichzelf net overbodig te maken door haar programma te realiseren. (En Loones heeft nu geen van beide: géén eendrachtige VU en géén Lambermont.) Ze zijn zo goed in psychodrama, de Vlaams-nationalisten. Hun probleem is dat ze, net als andere politieke strekkingen die zich beroepen op abstracties (of dat nu 'het volk' dan wel een 'evangelische boodschap' is), altijd in de problemen komen wanneer ze die concreet moeten maken. En dat moet, want de politiek doet niet aan abstractie. De politiek kiest, trancheert in erg praktische kwesties. Zeker wanneer ook nog eens compromissen nodig zijn, heet dat bij hen die zich te goed achten voor het kleine politieke werk: de handen vuilmaken. Wie dat weigert en de anderen verraders noemt, kan rustig op zijn abstractie blijven teren. Hij hangt zijn brevet van goed Vlamingschap aan de muur en beroemt zich op trouw en zuiverheid en op zijn door de praktijk onbevlekte handen. Zo iemand soigneert wel zijn eigendunk, maar brengt weinig tot stand. Zo iemand doet aan liturgie, niet aan politiek. Het Vlaams-nationalisme maakt dat al mee zolang het bestaat. Aan de ene kant kamperen de zuiveren in het eigen gelijk. Met minder dan de utopie nemen ze geen genoegen. Aan de andere kant staan zij die vinden dat een utopie zinledig is wanneer daar geen begin mee gemaakt wordt. (Op meer kwalijke momenten in het verleden, tijdens de twee wereldoorlogen, bleken sommigen zo zuiver dat ze alleen de zuivere macht bedoelden, maar soit.) De VU maakte het mee na het Egmontfiasco (1978), toen de onbevlekten de partij verlieten en het Vlaams Blok oprichtten. Maar hoe zuiver waren die eigenlijk, als blijkt dat hun partij niet alleen radicaal Vlaams, maar tegelijk ook autoritair en asociaal en xenofoob et cetera is? Zij hebben, ondanks hun voorgewende zuiverheid, politiek wel degelijk gekozen. En hun handen, al was het maar door de zonde van de geest, wel heel erg vuilgemaakt. De VU leeft sindsdien met de vrees nog meer aan haar rechterflank af te kalven. Ook onder het voorzitterschap van Bert Anciaux deed ze er alles aan om keuzen te vermijden, bijvoorbeeld tussen wat vroeger nog links en rechts heette. Anciaux koos uiteindelijk toch, maar niet in de VU, wel ernaast, in ID21. Zo hield de partij de verlammende illusie van de zuiverheid in stand. Ze betaalt daar nu de prijs voor, met het Lambermontakkoord niet als inzet, maar als voorwendsel. Vandaag zegt Geert Bourgeois dus dat het links-liberalisme van Anciaux niet de enige richting is die de VU uit kan. Dat is een stelling die niets met zuiverheid in de Vlaams-nationalistische leer te maken heeft. Ze gaat wel over een maatschappijkeuze. Daarover kan worden gediscussieerd. Prima toch? Over zuiverheid kan dat niet en over het geslacht van de engelen al evenmin. In de natuur komen de perfecte cirkel of de perfecte rechte lijn niet voor. Ze bestaan alleen in de abstractie van de wiskunde. Zo ook is het verlangen naar zuiverheid een per definitie onmenselijk streven.Marc Reynebeau