Van terreur, wraak, oorlog en alle emoties die daartoe leiden, gaat een hypnotiserende, bedwelmende, zuigende kracht uit. Ze slorpen alle aandacht op, alsof niets anders nog belang zou hebben. De pluraliteit en de vele kleurvarianten, de twijfels ook, de peper en het zout van het dagelijkse leven, verschrompelen tot eenvoudige zwart-wittegenstellingen. Zoals een chaos van ijzervijlsel zich moet schikken rond de twee polen van een magneet. Of zoals de Amerikaanse president George Bush zei: wie niet met ons is, is met de terroristen.
...

Van terreur, wraak, oorlog en alle emoties die daartoe leiden, gaat een hypnotiserende, bedwelmende, zuigende kracht uit. Ze slorpen alle aandacht op, alsof niets anders nog belang zou hebben. De pluraliteit en de vele kleurvarianten, de twijfels ook, de peper en het zout van het dagelijkse leven, verschrompelen tot eenvoudige zwart-wittegenstellingen. Zoals een chaos van ijzervijlsel zich moet schikken rond de twee polen van een magneet. Of zoals de Amerikaanse president George Bush zei: wie niet met ons is, is met de terroristen.Wat natuurlijk niet waar kan zijn. Het is op die manier dat de terreur wint. Daar was het de terroristen om te doen, die vreselijke zwarte dinsdag van 11 september. Terreur in zijn meest brute, elementaire vorm: de aanslagen werden niet eens opgeëist, laat staan dat er grieven, eisen of ultimatums werden geformuleerd. De hoofdverdachte gaat niet eens prat op zijn onmenselijke misdaad, al was die in zijn genre wel een meesterwerk. Integendeel, hij ontkent koudweg elke betrokkenheid. Zo blijven wij speculeren, als blinden rondtasten in de duisternis van angst, onzekerheid en onveiligheid, waarin geen plaats meer is voor mededogen, troost, nuance of verheldering. Of voor de waarheid, die altijd the first casualty van de oorlog is, zoals Phillip Knightley betoogde. Het tweede slachtoffer van de oorlog is de intellectuele of zelfs emotionele pluraliteit. Daarom wordt op de Amerikaanse radio het liedje What a Wonderful World van Louis Armstrong als ongepast beschouwd. Omdat het een hinder is voor de mobilisatie, die alle geesten op één lijn wil brengen. Meteen zijn wij nu al krijgsgevangenen, gegijzeld door oorlog en terreur - en dan is het inderdaad geen wonderful world meer. Alles wat niet met de oorlog te maken heeft, verzinkt in futiliteit, lijkt naast de kwestie. Of nog erger: de terreur wordt het voorwendsel voor een binnenlandse oorlog. De reactionaire dominee Jerry Falwell stelde de terreur voor als het verdiende loon van het liberale Amerika, de wraak van God op een tolerante en pluriforme samenleving. In een paginagrote advertentie in The Washington Post vorige week heette het zelfs dat de grootste vijand van de VS niet het islam-fundamentalisme is, maar het inlandse 'multiculturalisme' dat waarschuwt tegen onbezonnenheid en pleit voor begrip. Er stond ook bij waar het eigenlijk om te doen is: de olie van het Midden-Oosten. Want, aldus die advertentie, die mag niet de eigendom zijn van de landen en bevolkingen uit wier ondergrond de petroleum opspuit, maar ze 'behoort rechtmatig toe aan hen in het Westen wier wetenschap, technologie en kapitaal de ontdekking en het gebruik ervan mogelijk hebben gemaakt'. In al zijn grofheid is het wel eerlijk. En toch. De terreur moet krachtig worden bestreden, dat spreekt vanzelf. Daar heeft een democratie professionals voor. Maar ondertussen moeten de planten water krijgen. De schriftjes van de kinderen moeten worden gekaft. Ambities en verliefdheden gekoesterd. De herfstzon opgezocht. Al lijkt dat alles dan tot de banaliteit gedegradeerd, druppels in oceanen van terreur. Maar dat betekent wel dat elk moment dat toch aan futiliteiten wordt besteed, een overwinning op de oorlog is. Het dagelijkse leven laten doorgaan, is de beste manier om de terreur niet te laten winnen.Marc Reynebeau