De allerbeste toneelstukken van het voorbije seizoen: u kunt ze volgende week op het Theaterfestival nog eens gaan bekijken. Maar dit jaarlijkse feest wil niet enkel de theatersector paaien. 'We geven graag een paar cadeaus', zegt Roel Verniers (28), die voor de tweede keer het parallelprogramma, zeg maar de sfeer, programmeert en coördineert. "Liever negrospirituals dan een mis in het Latijn".
...

De allerbeste toneelstukken van het voorbije seizoen: u kunt ze volgende week op het Theaterfestival nog eens gaan bekijken. Maar dit jaarlijkse feest wil niet enkel de theatersector paaien. 'We geven graag een paar cadeaus', zegt Roel Verniers (28), die voor de tweede keer het parallelprogramma, zeg maar de sfeer, programmeert en coördineert. "Liever negrospirituals dan een mis in het Latijn". Met Roel Verniers, op het moment van afspraak nog altijd recensent kinder- en jeugdtheater voor De Standaard, vallen makkelijk bomen op te zetten. Over de foto op de festivalbrochure en ûaffiche, bijvoorbeeld: een man met een zwart masker in de vorm van een hertenkop, als gewei twee skihandschoenen. 'Een beeld van een student uit een kunstschool in Lausanne. Ik vond dat er wel beweging in zat. Toch grappig? Er is niet meteen een verband met de geselecteerde stukken, nee. En het moest allemaal weer snel gaan. Maar het is toch een aanzet om het Theaterfestival na vijftien jaar een nieuwe look te geven.'Het festival neemt voor het tweede opeenvolgende jaar ook stukken voor kinderen en jongeren op. Het installeert daarvoor een aparte jury. En daarmee is Verniers niet zo gelukkig. Met de Nederlandse kompanen, onder wie Arthur Sonnen, sleutelt hij aan een nieuwe selectieformule, waarbij liefst één jury alle stukken uitkiest. Maar goed, welke nieuwe wind waait er al op dit festival? Roel Verniers: We hebben gesprekken gehad met als inzet: wat nemen we mee uit vijftien jaar festivalgeschiedenis en welke richting willen we uit? De kerntaak blijft de keuze van de jury. Daar kan je moeilijk op ingrijpen en dat hoeft ook niet. Die jury werkt hard en selecteert naar eer en geweten wat zij belangrijk vindt. Maar we mogen ook niet blind zijn voor het feit dat dit festival scleroseert. We willen het dus graag een aantrekkingskracht geven die verder gaat dan in het verleden. En dat kan door het parallelprogramma anders op te vatten. Verniers: Ik vind het goed dat het publiek zo staat tegenover een selectie. De sector zelf bekijkt het natuurlijk heel anders. Als ze erbij zijn, vinden ze het festival fantastisch; als ze er niet bij zijn, vinden ze het kut. Het festival heeft dus een dubbele relatie met de sector. Wie geselecteerd wordt, zet het op de promotieflyer: 'geselecteerd voor het Theaterfestival'. Dan is het een kwaliteitslabel. Wie er niet bij is, zegt: de jury is blind, ziet geen kwaliteit, ziet niks. Die reacties onderstrepen evenwel het belang ervan voor de sector. Er zijn voorstellingen die ik er ook liever in zou zien. Ik ben bijvoorbeeld fan van Het Barre Land en van Clara (Vanden Broek, zijn vrouw). Maar als je de jury vertrouwt, geef je het uit handen en moet je dat oké vinden. Dirk Tanghe en Midzomernachtsdroom werden besproken, er werd over gestemd en ze zitten er niet bij. Op een gegeven moment moet de jury kiezen wat zij echt wil. En je kan moeilijk zeggen dat zij gekozen heeft om iedereen tevreden te stellen. Dus: bravo, goed gekozen. Echt. Je moet die maandelijkse gesprekken meemaken: eerst iemand die een voorstelling bepleit met een vurigheid die grenst aan puberale liefde, en dan iemand die zegt 'het is flauwekul'. Daaruit groeien passionele gesprekken. Op de slotvergadering wordt dan opnieuw gediscussieerd en kan het zijn dat er een consensus binnensluipt. Maar de juryleden blijven zich wel constant bewust van het eerste vuur waarmee ze de voorstellingen nomineerden. Als je een andere jury hebt, heb je een andere selectie. Die selectie is ook anders dan die van een programmator, het gaat om verschillende metingen. Naar mijn gevoel, en dat merk je ook als je de verslagen van al die jaren doorneemt, meet een festivaljury het landschap meer in de diepte. Verniers: Het Theaterfestival Vlaanderen vzw - dus Kaaitheater, deSingel en Vooruit - stelde vast dat die coördinatoren altijd moesten herbeginnen. Wie voor verscheidene jaren is aangesteld, neemt dingen mee en kan een knowhow uitbouwen. Het duurt een tijd voor je het huis kent, de gevoeligheden, de situatie en verhouding ten opzichte van de stad. Als je begint van nul, verlies je tijd. Bijkomend voordeel is dat je met Nederland een hechtere relatie uitbouwt. Met Arthur Sonnen, die al die jaren ervaring heeft, heb ik nu dus gesprekken over het geheel van het festival. Verniers: (zucht, denkt na, glimlacht, wikt zijn woorden) Dé waarde zit toch in die selectie. Het publiek kijkt uit naar die vijftien voorstellingen en beschouwt die keuze als een kwaliteitsoordeel. Dit blijkt ook uit feit dat de voorstellingen snel uitverkocht zijn, ook al waren ze al eens te zien. Behalve die hernemingen hebben we in dat festival vooral activiteiten voor de sector. Het is het enige moment in het seizoen waarop de sector zo geconcentreerd kan bevraagd worden. Het Vlaams Theater Instituut (VTI) speelt daar een belangrijke rol in, de vereniging van theatercritici Thersites reikt een prijs uit, het Theaterfestival zelf zet debatten op. Dat de sector zich in die tien dagen over thema's buigt, is goed. Want anders gebeurt het niet, of enkel op café. In concreto proberen we de kracht die er was, te versterken. Dat betekent niet dat we elke dag een debatje moeten houden voor een handvol mensen. Wél dat we debatten moeten voeren die de moeite waard zijn. En dat we in de opzet van die debatten de cirkel verruimen. Een discussie over de kalligrafische kwaliteit van de manuscripten van Bertolt Brecht, zou wellicht minder relevant zijn dan het debat dat we nu willen opzetten over onderwijs en cultuur. Dit naar aanleiding van het protocol dat ondertekend is, en wetend dat er een aantal commissies bezig zijn die relatie uit te spitten. We proberen het onderwijs en de cultuursector in zo'n debat te betrekken en een studiedag te houden. Iets waaruit eventueel resultaat groeit, waaraan een besluit vast hangt, dat we meenemen na het festival. Het VTI werkt ook een studiedag uit rond de evaluatie van het decreet. We willen van die gesprekken graag een neerslag, iets dat niet vrijblijvend is. Waarmee ik niet wil zeggen dat het in het verleden altijd zo was. Toen ik vroeger naar het festival ging, had ik het gevoel dat daar een mis in het Latijn werd gezongen. Gregoriaanse muziek is natuurlijk mooi, maar het is toch wel mooier om een 'negermis' te brengen, negrospirituals: dat heeft iets meer sfeer. Vorig jaar slaagden we daar al in. Dit jaar proberen we nog meer activiteiten te organiseren in de richting van het evenementiële, evenwel niet zonder aanknopingspunten met de juryselectie. Vorig jaar hebben we geprobeerd om een stukkenmarkt te houden, vooral om een lans te breken voor theaterauteurs. Het was een beetje een verloren dag. Dit jaar cirkelen de hele openingsdag en het openingsfeest rond stukken en stukkenmakers, die elk een favoriete auteur vragen en in een soort van jamsessie eigen tekstmateriaal interpreteren. Heel het tekst- en auteursgegeven in de podiumkunsten willen we centraal stellen. En het moet vooral een plezante bedoening zijn. Studenten, auteurs en auteursorganisaties werken mee, en er komt ook een schrijversgids voor aankomende toneel- auteurs. Een ander evenement wordt het Scène aan de Seine op 31 augustus, aan de Akenkaai. Een soort markt voor boekhandels en gezelschappen wordt dat, waarbij we ook iets met brieven gaan doen. Zodat er hier rond het theater sfeer hangt, een feest is waar iedereen bij wil zijn. Met een programma dat er inhoudelijk ook staat. Verniers: Publieksverbreding vind ik een foute term. Je moet het eerst proberen te hebben over publieksmaximalisatie. Bij verbreding heb je het veeleer over participatie en dat soort actuele terminologie Zoiets in de trant van: 'Gij die er niks mee te maken hebt, komt hier'. Het tweede heet dat je het volledige potentiële publiek erbij probeert te betrekken. Die velen die misschien wel honger hebben, maar het niet weten of zich niet aangesproken voelen. Na die verruiming van het publiek kan je pas de tweede stap zetten. Doordat vele dingen gratis zijn, kan je publieksgegevens moeilijk bijhouden. Wel hebben we gemerkt dat de avondactiviteiten naast de voorstellingen, een eigen leven leiden. Anderzijds was er een vertelparcours rond jeugdtheater waar niet veel volk op afkwam en viel de stukkenmarkt ook wat tegen. Maar dat zijn initiatieven die tijd nodig hebben. Het publiek moet erin vallen, je moet er anders promotie rond voeren. We hebben nu Urbanmag (een webtijdschrift) gevraagd om over de festivalactiviteiten permanente verslaggeving te verzorgen. Die verslagen komen meteen op het web, en er is interactiemogelijkheid. De mensen van Urbanmag gaan ook een Page 3Ree doen, waarbij ze met performances, video's en muziek heel het Kaai inpalmen. Ze krijgen daarvoor carte blanche. Maar het publiek dat naar zo'n Page 3Ree komt, verschilt van het publiek dat de voorstellingen bijwoont. Dat zijn stappen die je moet durven zetten. Verniers: We hebben niet iets van: het Theaterfestival is nu iets voor kids. We willen er wel meer jongeren bij betrekken. De dingen die rond de voorstellingen hangen, blijven we dus ook organiseren: de voor- en nabesprekingen met eten bijvoorbeeld. Er is ook een reeks over globalisering en cultuur. Die spreekt misschien jongeren aan, maar ook een ruimer, ouder publiek. Ik hoop dat de vijftigers vooral komen naar Sprookjesbordeel. Dat is fantastisch, je wordt meteen weer achttien. Het is ook voor iedereen, een cadeau. Dat is het eigenlijk: we willen gewoon een paar cadeaus geven. Verniers: Elk huis heeft natuurlijk zijn eigenheid. Vooruit is een plek: gelijk wat er gebeurt, het café zit vol. Hier heb je de Sainctelettesquare, de KBC, het kanaal. Niet meteen een kruispunt van feestende geesten. Daarom is het belangrijk dat je op de Kaai iets probeert, de buurtwerking probeert te integreren. Je zit hier in Brussel ook met de meertaligheid. Het Sprookjesbordeel is meertalig, plus een aantal voorbesprekingen en één stuk, dat we in het Frans boventitelen. Het VTI brengt een programma voor Franstalige Belgen. We proberen alvast elke taalgroep erbij te betrekken. Ook de communicatie en promotie zijn immers drietalig. Naar samenwerking met andere theaterhuizen moet je maar streven als dat nodig is. Je hoeft niet per se met de Beursschouwburg én met de KVS én met Bronks iets te doen. Eens je een activiteit in je hoofd hebt, kan je wel met partners gaan praten. Die participatie van Bronks is goed: we geven aan jongeren een introductie van tien dagen. Verniers: Ik ga, ook om andere redenen, stoppen met recenseren. Al valt de combinatie wel mee. Ik probeer hier vooral inhoudelijk wat voorzetten te geven, mee te denken met een huis, een aantal activiteiten te ontwikkelen, een feestje te bouwen. Ik selecteer ook geen voorstellingen waarover ik geschreven heb. In die zin vind ik het allemaal nog netjes. Bovendien: de strikte deontologie van de recensent die zich ver weg houdt van de praktijk, is flauwekul. Geen enkele recensent die zich langer dan een jaar in deze kleine wereld van het theater begeeft, is clean. Al was het maar omdat hij mentaal zijn voorkeuren heeft. Ik ben geen grote deontoloog. Ik probeer wel dingen van elkaar te scheiden en kan dat ook. Deontologie moet vooral iets in het hoofd zijn. Het gevaar is dat de mensen uit de sector het tegen jou gebruiken: 'je bent niet deontologisch juist'. Maar dat valt in mijn geval best mee. Een van de redenen is ook dat ik vader word. Ik wil tijd hebben voor dat kindje. Al zal ik het schrijven missen. Maar ach, ik kan andere dingen schrijven. Boodschappenlijstjes of zo. Annelies De Waele'We brengen liever negrospirituals dan een mis in het Latijn.''De jury heeft niet gekozen om iedereen tevreden te stellen. Bravo.'