Goed nieuws: de kust is veilig. U hebt het misschien nog niet gemerkt, maar u loopt vandaag de dag heel wat minder gevaar dan tien jaar geleden. Volgens de huidige misdaadcijfers was 2012 een van de veiligste jaren van het laatste decennium. Er werd in België de voorbije jaren nooit minder gemoord, verkracht of gecarjackt. Nooit waren er de voorbije vijf jaar minder handtas-, auto-, fiets- of bromfietsdiefstallen, steekpartijen, gewapende diefstallen en groepsverkrachtingen. Er zijn wel enkele fenomenen waar de cijfers de voorbije jaren toenemen (zoals woninginbraken en metaaldiefstallen), maar over de laatste tien jaar is de trend vrijwel overal dalende.
...

Goed nieuws: de kust is veilig. U hebt het misschien nog niet gemerkt, maar u loopt vandaag de dag heel wat minder gevaar dan tien jaar geleden. Volgens de huidige misdaadcijfers was 2012 een van de veiligste jaren van het laatste decennium. Er werd in België de voorbije jaren nooit minder gemoord, verkracht of gecarjackt. Nooit waren er de voorbije vijf jaar minder handtas-, auto-, fiets- of bromfietsdiefstallen, steekpartijen, gewapende diefstallen en groepsverkrachtingen. Er zijn wel enkele fenomenen waar de cijfers de voorbije jaren toenemen (zoals woninginbraken en metaaldiefstallen), maar over de laatste tien jaar is de trend vrijwel overal dalende. Het fenomeen beperkt zich niet tot ons kleine koninkrijk. Ook in de overige West-Europese landen liep het aantal geregistreerde misdaden fors terug. Volgens gegevens van Eurostat, het cijferbureau van de Europese Unie, nam het aantal gewapende overvallen, moorden en gauwdiefstallen niet alleen in West-Europa af, maar zelfs in de meeste recenter toegetreden lidstaten. Ook in de grootsteden - die in de criminaliteitscijfers traditioneel rood kleuren - werd het de laatste jaren veiliger. Zo liep ondanks de onophoudelijk stijgende inwonersaantallen het aantal moorden sinds 2001 in bijna alle EU-hoofdsteden terug. Enkel in het door crisis geteisterde Athene - en in mindere mate in Dublin - nam het aantal moorden toe. Het aantal politieagenten per 100.000 inwoners bleef in de meeste West-Europese landen nochtans min of meer gelijk. Buiten Europa zien we eenzelfde fenomeen terugkeren, onder andere in Canada, de Verenigde Staten, Australië en Japan. De Belgische cijfers staan dus niet op zich. De wereldwijde crime drop begon in Noord-Amerika, waar de misdaadcijfers in de tweede helft van de jaren negentig de dieperik in gingen. De collectieve daling is opvallend, omdat de criminaliteit in de verschillende landen op zeer verschillende manieren wordt aangepakt. Terwijl New York in de jaren negentig de beruchte zero tolerance hanteerde, organiseerde Nederland een extreem liberaal drugsbeleid. En toch resulteerden beide beleidsopties in een gevoelige daling. 'Een eenduidige verklaring voor dat fenomeen is zeer moeilijk te vinden', beaamt de Nederlandse hoogleraar victimologie Jan van Dijk (Universiteit Tilburg), die het fenomeen uitgebreid bestudeerde. Van Dijk, een van Europa's vooraanstaande criminologen, kreeg voor zijn onderzoek de Stockholmprijs, de meest prestigieuze onderscheiding in zijn vakgebied. Hij verklaart de universele daling vooral door betere beveiliging. 'Burgers en bedrijven zijn zich vanaf eind jaren negentig beter gaan beveiligen', vertelt Van Dijk aan de telefoon. 'Dat was aanvankelijk een soort spontane tegenactie vanaf de basis, maar het is daarna opgepikt door de overheden.' Die beveiliging manifesteert zich op veel manieren, aldus Van Dijk. 'Er zijn meer en betere alarmsystemen. Er hangen overal bewakingscamera's. Bovendien loopt iedereen tegenwoordig met mobieltjes rond, waardoor de politie sneller gewaarschuwd kan worden. Daarnaast zijn de meeste overheden de beveiliging ook gaan aanmoedigen.' Als voornaamste voorbeeld haalt Van Dijk de startonderbreker aan, die sinds 1999 verplicht werd in alle nieuwe wagens. 'De gelegenheid maakt de dief, en er is tegenwoordig gewoon minder gelegenheid. Veel dingen zijn vandaag gewoon moeilijker te stelen.' Naast de betere beveiligingstechnieken noemt Van Dijk ook de vergrijzing en de betere organisatie van de politie een belangrijke factor. Zo zijn de ordediensten in alle West- Europese landen aan hot spot policing gaan doen, waarbij problematische plekken en wijken extra aandacht krijgen. 'Dat heeft een onmiskenbaar effect gehad', zegt Van Dijk. 'Als je zo'n hot spot aanpakt, boek je sowieso winst. Er is natuurlijk altijd een deel van de criminaliteit dat zich verplaatst, maar de stad wordt wel veiliger. Er zijn altijd criminelen die er door die geconcentreerde aanpak mee ophouden.' En ja, ook België surft dus mee op die internationale trend. Zo is het aantal moorden het afgelopen decennium serieus gedaald. In 2012 werden in ons land 'slechts' 173 mensen vermoord. Dat lijkt best veel, maar het aantal lag aan de vooravond van de 21e eeuw nog een stuk hoger. Ter vergelijking: in 2000 werden nog 284 moorden opgetekend. Bovendien schatten criminologen dat bijna de helft van de moorden afrekeningen binnen het misdaadmilieu zijn, waar u en ik dus - hopelijk - nooit mee te maken krijgen. Opvallend is wel dat het aantal doodslagen in de statistieken spectaculair toeneemt. In 2000 registreerde de federale politie nog 396 doodslagen. Anno 2012 lag het aantal op 832, hoewel de wettelijke definitie van doodslag sindsdien nochtans niet gewijzigd werd. Toch betekent die plotse stijging niet dat de situatie onveiliger is geworden. Het is een registratie-effect, sust criminoloog Lieven Pauwels (Universiteit Gent), die de evolutie van de criminaliteitscijfers wereldwijd opvolgt. 'In de statistieken worden bovendien ook de pogingen tot doodslag verrekend, waardoor het aantal snel oploopt. In 2000, toen de politiehervorming van kracht werd, stond die registratie nog niet helemaal op punt.' Pauwels schat dat de pogingen tot doodslag zowat tachtig procent van de statistieken uitmaken. Dat de totaalsom van moord en doodslag de voorbije jaren lichtjes toeneemt, betekent dus niet dat we als maatschappij agressiever worden. 'Bovendien zijn moord en doodslag twee totaal verschillende misdrijven', verklaart Pauwels. 'Iemand die een kind doodrijdt, komt in de statistieken terecht onder "doodslag". Hoe tragisch dat ook moge zijn: het is echt iets anders dan moord.' Uiteraard is de daling in de misdaadcijfers niet algemeen. Zo schiet het aantal woninginbraken sinds 2009 juist omhoog. En nee, dat is geen statistische spitsvondigheid: er zijn gewoon meer woninginbraken. 'De stijging in het aantal woninginbraken is vrijwel volledig toe te schrijven aan het fenomeen van de rondtrekkende daderbewegingen', zegt veiligheidsexpert Brice De Ruyver (Universiteit Gent). 'Het gaat vooral om hypergespecialiseerde Oost-Europese bendes, die zowel rekruteren in de landen van herkomst als onder onze eigen migrantengemeenschap. Het zijn doorgaans ook veelplegers, die met beperkte mankracht wel een groot aantal feiten plegen.' Ook De Ruyver tekent het nodige voorbehoud aan bij het al te letterlijke gebruik van criminaliteitscijfers. 'Om een globaal beeld te krijgen van de criminaliteit in België zijn die cijfers eigenlijk nutteloos. Je moet die cijfers vooral gebruiken om de prioriteiten van je beleid te evalueren. Als Bart De Wever zegt dat hij als burgemeester het drugsprobleem in Antwerpen wil aanpakken, kan je er zeker van zijn dat het aantal drugsdelicten in de cijfers fors de hoogte in zal gaan. Dat betekent uiteraard niet dat het drugsgebruik in Antwerpen plotseling toeneemt. Het geeft alleen weer dat er door de verscherpte aandacht van politie en gerecht gewoon meer inbreuken worden vastgesteld.' Bovendien betekent niet iedere statistische knik een reële daling. Zoals de grote toogfilosoof Homer Simpson het ooit verwoordde: 'Met statistieken kun je alles bewijzen. Dat weet veertig procent van alle mensen.' 'Bij het gebruik van criminaliteitsstatistieken is inderdaad de nodige voorzichtigheid geboden' zegt Patrizia Klinckhamers, diensthoofd beleidsgegevens bij de federale politie. 'Het is zinloos om het totale aantal misdrijven per jaar op te tellen en dan te concluderen dat het aantal misdaden daalt. Zo'n cijfer zegt niet veel, omdat het om een optelsom van eerder lichte feiten tot zeer ernstige feiten gaat, zoals bijvoorbeeld moord. Veel hangt af van de meldingsbereidheid van een misdrijf: hoe geneigd zijn mensen om met het misdrijf naar de politie te stappen?' En dus zijn sommige statistieken betrouwbaarder dan andere. Bepaalde misdaden worden immers zelden aangegeven, waardoor de cijfers een zeer vertekend beeld kunnen geven. Criminologen schatten dat minstens vijftig procent van de misdaden de statistieken niet haalt. Alles hangt af van de meldingsbereidheid, en die kan grondig verschillen. Zo is de aangiftegevoeligheid bij moorden zeer groot, maar ligt die voor fietsendiefstal een stuk lager. Met andere woorden: het aantal moorden in de statistieken is accuraat, omdat zowat iedereen een moord onmiddellijk aan de politie zal melden. Voor pakweg fietsendiefstallen ligt het dark number hoger, omdat een gestolen fiets in een studentenstad niet altijd een aanleiding is om naar de politie te gaan. 'Bovendien kan de aangiftebereidheid over de jaren heen toenemen', vervolgt Klinckhamers. 'Als een bepaald fenomeen veel media-aandacht krijgt, zal vaak ook het aantal aangiften toenemen. Dat zien we bijvoorbeeld bij de cybercriminaliteit, die in de statistieken de voorbije jaren enorm toeneemt. Dat is voor een deel een reële stijging, maar er worden tegenwoordig ook gewoon meer gevallen bij de politie aangegeven.' Misdaadcijfers liggen politiek gevoelig. Dat is ook begrijpelijk, vindt Klinckhamers. 'De statistieken zijn nu eenmaal een belangrijke bron voor het beleid. Eigenlijk kun je de cijfers enkel interpreteren als je ook rekening houdt met de aangiftebereidheid, die we onderzoeken in de Veiligheidsmonitor.' Dat de laatste Veiligheidsmonitor door besparingen alweer dateert van het jaar 2008-2009, noemt Klinckhamers 'een spijtige zaak'. Bovendien zorgt ook de proliferatie van de GAS-boetes ongewild voor een uitdijende blinde vlek in de gegevens. Veel misdrijven die vroeger wel in de nationale gegevensbank terechtkwamen, blijven nu geblokkeerd, omdat ze niet meer door de lokale politie worden doorgegeven. 'Dat is momenteel inderdaad een probleem', bevestigt Klinkhamers. 'Daardoor hebben we vandaag geen volledig beeld op fenomenen als overlast. We moeten ervoor opletten dat die manier van werken de beeldvorming niet vertroebelt.' Of we nu agressiever of juist vredelievender worden, veiliger gaan we er ons niet door voelen. Volgens de laatste editie van de Veiligheidsmonitor van de federale politie ligt het onveiligheidsgevoel in België op 36,1 procent. Het onveiligheidsgevoel is de nogal lineaire optelsom van het aantal mensen dat in een enquête aangeeft zich 'altijd', 'vaak' en 'soms' onveilig te voelen. U merkt zelf dat we daar eigenlijk weinig mee weten, zegt criminoloog Diederik Cops (KU Leuven), die specifiek onderzoek doet naar gevoelens van onveiligheid. 'Eigenlijk heeft het onveiligheidsgevoel weinig met criminaliteit te maken. Nederlands onderzoek heeft uitgewezen dat het onveiligheidsgevoel in Europa de voorbije twintig jaar nauwelijks is geëvolueerd. Het heeft meer te maken met de attitudes van de ondervraagden. Hoe staan zij in het leven? Welke maatschappijvisie hebben zij? Hoe staan ze tegenover multiculturaliteit? Vaak is het onveiligheidsgevoel dat uit zulke enquêtes blijkt eerder een uiting van maatschappelijk onbehagen.' Als we ons onveilig voelen, ligt dat volgens Cops eerder aan een bepaalde situatie, zoals een slecht verlichte steeg of een park met hangjongeren. Eventuele nare ervaringen met criminaliteit hebben niet noodzakelijk invloed. Concreet: het is niet omdat u eens bestolen bent, dat u zich noodzakelijk onveiliger gaat voelen. Er spelen ook rolpatronen: mannen zullen niet snel toegeven dat ze zich onveilig voelen. De invloed van de media is dan weer eerder beperkt, vervolgt Cops. 'Alles hangt af van je mentaliteit. Mensen die zich onveilig voelen, hechten doorgaans geen geloof aan positieve misdaadcijfers. Ze interpreteren de werkelijkheid aan de hand van hun gevoelens.' Misschien is de balans wel doorgeslagen. Of het nu over voedsel, banken of internet gaat: we zijn geobsedeerd door veiligheid. Sinds de opgang van het Vlaams Blok in de jaren negentig is het bij zowat elke verkiezing een thema. Het is een onvermijdelijk gevolg van de ontzuiling, denkt Cops. 'Vroeger wisten mensen bij wijze van spreken van in de wieg hoe ze moesten leven en denken. Dat normatieve kader is nu weggevallen. We moeten zelf onze beslissingen nemen, en dat zorgt voor onzekerheid. Vrijheid en veiligheid zijn nu eenmaal niet verenigbaar. Om veilig te zijn, moet je altijd een deel van je vrijheid prijsgeven. Als we veilig een vliegtuig willen nemen, moeten we accepteren dat we strenger gecontroleerd worden op de luchthaven.' En toch hebben we dus steeds minder redenen om bang te zijn. Al schuilt daarin ook een risico. 'De misdaadloze maatschappij bestaat immers niet,' stelt Van Dijk. 'In de Verenigde Staten zijn de criminaliteitsstatistieken ondertussen weer lichtjes aan het stijgen. Het zou me niets verbazen als er binnenkort ook in Europa een eind komt aan de daling. Vooral de cybercriminaliteit zou wel eens snel kunnen toenemen, omdat veel mensen daarin veel achtelozer zijn. Zoals ik al zei: de gelegenheid maakt de dief.' Ook Brice De Ruyver ziet bepaalde misdaadcijfers in de toekomst opnieuw stijgen. Hij wijst erop dat in het totaalbeeld ook maatschappelijke evoluties spelen waar een politiemacht geen vat op heeft. 'De economische crisis heeft zonder enige twijfel een onmiddellijk effect op het aantal gepleegde feiten. Door de verslechterde economische situatie komen er bij wijze van spreken meer spelers op de markt, omdat meer mensen bereid zijn mee te doen met criminele activiteiten. Je merkt ook dat het er in veel sectoren harder toegaat, omdat de concurrentie vergroot.' Ook internationale ontwikkelingen waarmee België op het eerste gezicht weinig uit te staan heeft, hebben een onmiskenbare invloed op de statistieken. 'Ik hou mijn hart vast voor de ontwikkelingen in Afghanistan', geeft De Ruyver toe. 'Als de situatie daar opnieuw evolueert naar een burgeroorlog, geef ik u op een blaadje dat we weldra weer overspoeld worden door goedkope heroïne. Tegenover zulke fenomenen sta je vrijwel machteloos.'DOOR JEROEN ZUALLAERTBepaalde misdaden worden zelden aangegeven, waardoor de cijfers een zeer vertekend beeld kunnen geven. 'De economische crisis heeft zonder enige twijfel een onmiddellijk effect op het aantal gepleegde feiten.'