Als we de leunstoelstrategen mogen geloven, zal de Amerikaanse president George W. Bush over enkele weken officieel aankondigen dat hij de Iraakse dictator Saddam Hoessein wil uitschakelen. Meteen na die aankondiging, zo beweert The Observer, volgt een Brits diplomatiek offensief om voor deze militaire onderneming een mandaat te verkrijgen van de Verenigde Naties.
...

Als we de leunstoelstrategen mogen geloven, zal de Amerikaanse president George W. Bush over enkele weken officieel aankondigen dat hij de Iraakse dictator Saddam Hoessein wil uitschakelen. Meteen na die aankondiging, zo beweert The Observer, volgt een Brits diplomatiek offensief om voor deze militaire onderneming een mandaat te verkrijgen van de Verenigde Naties. In het beste geval kan nog vóór de aanvang van de winter een nieuwe Golfoorlog beginnen en kamperen Amerikaanse troepen met Kerstmis in Bagdad. Anderen zien de campagne pas in 2003 op gang komen. Intussen steunt zestig procent van de Amerikanen de aanval op Irak. Bij CNN hebben ze wellicht al een pakkende titel verzonnen bij de komende verslagen van aan het front. Volgens president Bush zijn er een viertal goede redenen om naar Irak op te stomen. Vooreerst zit Saddam Hoessein, die onderdak verschaft aan de terroristen van al-Qaeda, op een gevaarlijke voorraad biologische, chemische en nucleaire wapens. Duitse inlichtingendiensten menen te weten dat Irak tegen 2005 over voldoende uranium zal kunnen beschikken voor de aanmaak van ten minste drie atoombommen. Saddam Hoessein weigerde ook de wapeninspecteurs van de Verenigde Naties op zijn grondgebied toe te laten. Het aanbod van de Iraakse dictator verleden week om de VN-controleurs alsnog toe te laten, vermocht het niet de doorgaans bedaagde minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell te vermurwen. Saddams optreden was hoe dan ook in strijd met de modaliteiten uitgewerkt bij het staakt-het-vuren in 1991, klinkt het in Washington. Tenslotte, doceren de adviseurs van Bush, zijn de Verenigde Staten juridisch bekeken nog in oorlog met Irak. Want in 1991 maakte alleen een staakt-het-vuren een einde aan het wapengekletter in het Golfgebied. Wat let de VS dus, na al Saddams overtredingen, de vijandelijkheden te hernemen? De schimmenoorlog, die is intussen al begonnen. Wie dat wil, kan de progressie van de Amerikaanse plannen voor de aanval op Irak als het ware rechtstreeks volgen via de webstek van The New York Times. Het eerste geheime plan, dat begin juli in die krant uitgebreid uit de doeken werd gedaan, heette in het Pentagon-jargon Desert Storm Lite - ' Lite' omdat in dit Kriegsspiel maar half zoveel manschappen worden ingezet als in 1991. Maar dat plan zou op last van de Pentagon-top zijn gelekt, omdat stafgeneraal Tommy Franks, een Vietnam-veteraan, geen fiducie heeft in die onderneming. Vorige week dan kreeg The New York Times een nieuw plan toegeschoven - Inside-Out, heette het nu. Dit keer zouden medewerkers van defensieminister Donald Rumsfeld aan de oorsprong van het lek hebben gelegen. Inside-Out is een blitzoperatie met een kleine troepenmacht, niet meer dan 50.000 tot 70.000 manschappen, die de volledige Iraakse commandostructuur en de strategische plekken moet innemen. Waarna de strijders achteroverleunen en wachten tot het regime van Saddam Hoessein voor hun ogen in elkaar klapt. Daarnaast zijn er nog de CIA-optie, een coup tegen Saddam Hoessein, en het Afghaanse Model, dat naar het voorbeeld van de Noordelijke Alliantie nu de Koerden inzet tegen de Iraakse militaire macht. Aan militaire plannen ontbreekt het niet. Nu nog een geloofwaardige casus belli. Want dat van die medeplichtigheid van de Irakezen aan de aanslag van 11 september 2001 op de Twin Towers in New York is nooit bewezen. Het Britse parlement vraagt al maanden naar het bezwarende dossier dat premier Tony Blair in de lente heeft beloofd. Maar de totnogtoe verschafte informatie bleek aan de magere kant. Buitendien beweren de Israëliërs, altijd goed geïnformeerd over wat in het Midden-Oosten reilt en zeilt, dat niet Irak maar wel Iran hand- en spandiensten verleent aan het internationale terrorisme. En hoe het na de uitschakeling van Saddam Hoessein met Irak verder moet, is evenmin duidelijk. In kringen van de Iraakse oppositie, die de vorming van een federaal Irak voorstaat waarin Koerden, sjiieten en soennieten vreedzaam samenleven, wordt gevreesd dat de CIA de overgelopen generaal Nizar Al-Khazraji klaarstoomt om de macht in Badgad over te nemen. Die Nizar Al-Khazraji behoorde tot de legerstaf toen Irak in 1990 Koeweit binnenviel. Hij zou zich na de Golfoorlog onderscheiden door een aantal Koerdische troepen uit te moorden. Intussen staren, op Tony Blair na, de meeste Europese leiders bedremmeld naar de punt van hun schoenen. Alleen de Duitse kanselier Gerhard Schröder en de Franse president Jacques Chirac mompelden al eens iets over een VN-mandaat dat noodzakelijk is voor de aanval op Irak. Maar daar bleef het bij. Het Europese buitenlands beleid geeft de jongste tijd echt geen zelfverzekerde indruk. Enkele weken geleden nog moest zelfs de hulp van Colin Powell worden ingeroepen om te bemiddelen in het geschil tussen Spanje en Marokko over het godverlaten Peterselie-eiland, een barre rotsklomp in de Straat van Gibraltar. Wellicht hadden ze het bij de Europese Commissie op dat moment te druk met de uitschakeling van accountant Marta Andreasen. Had dat mens toch wel de schimmigheid van de EU-rekeningen aangeklaagd zeker! Rik Van Cauwelaert