'Hoe meer je van de andere houdt, hoe meer die andere jou kan kwetsen', zegt voorzitter Herwig Jorissen van ABVV-Metaal over de verhouding van zijn vakbond met de SP.A. Bij het ABVV menen ze dat de 'kameraden' van de partij meer van het Generatiepact hadden kunnen maken. De ontgoocheling van de socialistische vakbond en zijn verzet tegen het pact stellen de relatie met de 'kameraden' van de SP.A zwaar op de proef. De partij ondervindt daar op haar beurt in kiesintentiepeilingen de negatieve gevolgen van.
...

'Hoe meer je van de andere houdt, hoe meer die andere jou kan kwetsen', zegt voorzitter Herwig Jorissen van ABVV-Metaal over de verhouding van zijn vakbond met de SP.A. Bij het ABVV menen ze dat de 'kameraden' van de partij meer van het Generatiepact hadden kunnen maken. De ontgoocheling van de socialistische vakbond en zijn verzet tegen het pact stellen de relatie met de 'kameraden' van de SP.A zwaar op de proef. De partij ondervindt daar op haar beurt in kiesintentiepeilingen de negatieve gevolgen van. 'Als voorloper van de SP.A is de Belgische Werkliedenpartij gegroeid uit de socialistische arbeidersbeweging. De band tussen vakbond en partij is altijd innig geweest en heeft ook vorm gekregen binnen de socialistische gemeenschappelijke actie. Hoewel er door partijpolitieke en maatschappelijke ontwikkelingen een verwijdering is, hebben ze dezelfde ideologie. Daarom is er steeds een lijn gebleven tussen de kameraden in het parlement, in de bedrijven en op straat', zegt politicoloog Carl Devos van de Universiteit Gent. 'De spanning tussen SP.A en ABVV moet dan ook niet overdreven worden. De vakbond heeft kritiek op de partij, maar gaat duidelijk niet all the way. Er is geen radicale breuk. Aan beide zijden weten ze dat de leden elkaar nodig hebben. Tegelijk is er het besef dat er geen winnaars zijn: de SP.A loopt politieke averij op, het ABVV wordt aan de onderhandelingstafel minder ernstig genomen. Beide zullen uit de botsing door het Generatiepact lessen trekken, want partij en vakbond weten dat ze verder moeten.' Het optreden van de christelijke vakbond ACV en de liberale ACLVB in verband met het Generatiepact heeft dan weer nauwelijks of geen uitlopers naar de partijpolitiek. 'Voor het ACV had het op federaal vlak geen zin om zich tot CD&V te richten, want die partij zit daar in de oppositie en is bovendien heel weinig op de voorgrond getreden in verband met het pact. Het ACV moest dus wel met Paars aan tafel', aldus Tineke Boucké, die binnen de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent werkt aan een doctoraalscriptie over de vakbonden. In tegenstelling tot het ABVV (Xavier Verboven is lid van het SP.A-partijbureau), heeft het ACV geen vertegenwoordiger in het partijbestuur van CD&V. De contacten tussen vakbond en partij lopen bij de christendemocraten via de koepel van de christelijke werknemersbeweging, het ACW, en zijn 'bevriende' CD&V'ers. Devos: 'CD&V is weliswaar geen standenpartij meer, maar het ACW is nog altijd heel belangrijk voor en binnen CD&V. Een verschil met de socialisten is ook dat bij CD&V niet iedereen de ideologische standpunten van het ACW deelt. Mensen zoals Leo Delcroix hebben duidelijk andere sociaal-economische ideeën.'De ACLVB heeft geen structurele banden met de VLD. Devos: 'De invloed van de kleinste vakbond is beperkt en bij de VLD zo goed als onbestaande. Ik denk dat ze binnen de VLD een liberale vakbond sowieso een curiosum vinden. Nu die partij onder invloed van haar nieuwe communicatieadviseur, Fons Van Dyck, de hardwerkende Vlaming ontdekt heeft, zal ze haar oren trouwens ook niet veel laten hangen naar de vakbonden.'