Van de Graaf: Er zijn drie zaken die vooral spelen. Ten eerste het Iran-dossier. Iran mag nog steeds geen olie leveren. De VS treffen ook financiële sancties tegen alle landen die Iraanse olie zouden kopen en ook tegen bedrijven die hun olietankers willen verzekeren voor het vervoer van Iraanse olie. Als al die sancties zouden worden opgeheven, komt er plots veel meer olie op de markt en dat zal een duidelijk prijseffect hebben. Ten tweede verwacht m...

Van de Graaf: Er zijn drie zaken die vooral spelen. Ten eerste het Iran-dossier. Iran mag nog steeds geen olie leveren. De VS treffen ook financiële sancties tegen alle landen die Iraanse olie zouden kopen en ook tegen bedrijven die hun olietankers willen verzekeren voor het vervoer van Iraanse olie. Als al die sancties zouden worden opgeheven, komt er plots veel meer olie op de markt en dat zal een duidelijk prijseffect hebben. Ten tweede verwacht men de komende vijf jaar een verhoogde olieproductie in de VS, dankzij nieuwe winningstechnieken en schalieolie. Ook dat kan de prijs drukken. Ten derde is er de situatie in Irak, dat over grote oliereserves beschikt. Door oorlogen, sancties en een onstabiele situatie wordt de olie maar weinig opgepompt. Wat zal daar gebeuren? De olieprijs zal de komende jaren door die drie elementen beïnvloed worden. Van de Graaf: Op korte termijn is er geen sprake van minder vraag naar dure olie: als de olieprijs stijgt, passen we ons gedrag niet zo vlug aan, maar betalen we gewoon wat meer. Op langere termijn doet de hoge olieprijs de vraag wel dalen. Auto's zijn bijvoorbeeld duidelijk energiezuiniger geworden en de vraag naar aardolie door de industrielanden is merkbaar verminderd, maar de vraag vanuit de opkomende industrielanden is dan weer sterk gestegen, zodat de nettovraag naar aardolie nog steeds stijgt. Van de Graaf: Daar spelen weer drie elementen een belangrijke rol. Eén: aangezien de prijs van een vat olie in dollar wordt uit-gedrukt maar wij in euro betalen, is die prijs afhankelijk van de wisselkoers dollar/euro. Twee: als consument hebben we geen ruwe aardolie nodig maar wel verwerkte aardolie, en dan speelt mee of de aardolieraffinaderijen op volle toeren kunnen draaien of een tijd moeten stilliggen voor bijvoorbeeld een onderhoud en of ze veel geraffineerde olie in stock hebben. Drie: meer dan de helft van de prijs van benzine aan de pomp bestaat uit belastingen en accijnzen. Als de prijs van een vat ruwe olie 10 procent daalt, dan zal de prijs van benzine in het tankstation daardoor minder dan 5 procent dalen. Voor mazout daalt de prijs dan 7 procent. Dat mes snijdt aan de twee kanten: als de prijs van een vat ruwe olie stijgt, klimt de prijs aan de pomp ook niet zo snel. Ewald Pironet