De voorbije jaren hebben de meeste Vlaamse politici zich vlot aangepast aan de formats die in de media opgang maken. Daartoe hebben ze zelfs in korte citaten leren spreken. Al gaat dat de ene beter af dan de andere. Dat schrijft Peter Van Aelst, politicoloog aan de Universiteit Antwerpen, in zijn boek De mediatisering van de politiek. 'Natuurlijk zouden politici liever meer spreektijd krijgen, maar de regels zijn nu eenmaal veranderd en dat hebben ze ondertussen aanvaar...

De voorbije jaren hebben de meeste Vlaamse politici zich vlot aangepast aan de formats die in de media opgang maken. Daartoe hebben ze zelfs in korte citaten leren spreken. Al gaat dat de ene beter af dan de andere. Dat schrijft Peter Van Aelst, politicoloog aan de Universiteit Antwerpen, in zijn boek De mediatisering van de politiek. 'Natuurlijk zouden politici liever meer spreektijd krijgen, maar de regels zijn nu eenmaal veranderd en dat hebben ze ondertussen aanvaard', zegt Van Aelst. 'Niet dat ze journalisten blindelings gehoorzamen. Ze hebben veeleer geleerd journalisten te gebruiken: de politiek is voor een stuk een strategisch spel en de media maken daar deel van uit.' De impact die de media op de politiek hebben, is volgens Van Aelst dan ook veel kleiner dan politici graag beweren. Berichtgeving in kranten en op televisie inspireert parlementsleden wel om bepaalde thema's aan te kaarten en er vragen over te stellen maar heeft amper invloed op de wetsontwerpen die aan het parlement worden voorgelegd. Volgens hem zijn het ook niet de media die politici maken of kraken. Meestal versterken ze alleen de bestaande machtsverhoudingen binnen een politieke partij: ministers en partijvoorzitters krijgen de meeste spreektijd terwijl parlementsleden amper aan bod komen. 'Partijen houden wel rekening met het mediapotentieel van een kandidaat, maar als iemand eenmaal een belangrijke functie heeft, komt die vanzelf veel in de kranten en op televisie', zegt Van Aelst. Dat is natuurlijk slecht nieuws voor backbenchers, die de ene parlementaire vraag na de andere stellen, de hele tijd persberichten versturen en toch niet in het nieuws geraken. Doordat ze niet erg mediageniek zijn, komen ze meestal niet in aanmerking voor een topfunctie en dus zijn ze niet erg begeerd door de media. Het is weinigen gegund om die vicieuze cirkel te doorbreken. 'Daarom zou het een goed idee zijn om het aantal parlementsleden in dit land te verminderen maar hen wel beter te omringen, zowel inhoudelijk als op het vlak van communicatie', bedenkt Van Aelst. 'Dan zouden journalisten misschien wél geneigd zijn om hen in artikels en programma's op te voeren.' Peter Van Aelst, De mediatisering van de Vlaamse politiek, uitgeverij Acco, 128 blz., 19,95 euro. Ann Peuteman'Als iemand een belangrijke functie heeft, komt die vanzelf veel in de kranten en op televisie.'