Fotografen, zo wil het cliché, zijn gemankeerde schilders: Faux peintre, faux tographe. Maar al zijn compositie en lijnenspel bij Patrick de Spiegelaere even belangrijk als bij de door hem zo bewonderde Léon Spilliaert, met schilderkunst heeft hij niets van doen. Hij is niet alleen geen schilder, hij is zelfs niet eens een fotograaf, zegt zijn reisgenoot Gerry De Mol, met wie hij voor Vredeseilanden Afrika en Latijns-Amerika bezocht. Patrick de Spiegelaere maakt immers geen foto's, maar beelden. Die beelden zitten in zijn hoofd, en om ze vorm te geven, gebruikt hij stukjes realiteit. De Mol noemt hem een beeldbaron.
...

Fotografen, zo wil het cliché, zijn gemankeerde schilders: Faux peintre, faux tographe. Maar al zijn compositie en lijnenspel bij Patrick de Spiegelaere even belangrijk als bij de door hem zo bewonderde Léon Spilliaert, met schilderkunst heeft hij niets van doen. Hij is niet alleen geen schilder, hij is zelfs niet eens een fotograaf, zegt zijn reisgenoot Gerry De Mol, met wie hij voor Vredeseilanden Afrika en Latijns-Amerika bezocht. Patrick de Spiegelaere maakt immers geen foto's, maar beelden. Die beelden zitten in zijn hoofd, en om ze vorm te geven, gebruikt hij stukjes realiteit. De Mol noemt hem een beeldbaron. Dat is een aardige theorie, maar ik heb er nog een andere. Die ontleen ik aan wijlen Herman de Coninck. In zijn essay Intimiteit onder de melkweg schreef Herman de Coninck dat poëzie en fotografie vergelijkbare dingen zijn. 'Een roman en een film gaan over concrete personages in een concreet land, over Paul en Marie, in 1970, in Brussel. Poëzie en fotografie gaan over iedereen, altijd, overal. Vergeleken bij roman en film abstraheren ze, veralgemenen ze, maken ze tijdloos. Journaalbeelden van oorlog gaan over deze ene oorlog. Een goeie oorlogsfoto kan over 25 oorlogen gaan, vat ze allemaal samen in één beeld.' Patrick de Spiegelaere is een dichter _ al zal hij dat zelf niet beseffen. Probeer maar eens een verhaal te vertellen bij een foto van Patrick. Zijn foto's zijn zelden of nooit anekdotisch. Ze geven de werkelijkheid die ze verbeelden een toegevoegde waarde. En die toegevoegde waarde laat zich nog het best omschrijven als Schoonheid. De camera van Patrick zet de dingen stil, hij stopt de tijd. En daarmee is meteen de gelijkenis tussen Patrick de Spiegelaere en een Stella aangetoond. SCHARMINKELIG PAARDDe foto's van Patrick zijn wars van effectbejag. Daarover bestaat een gedicht van Herman de Coninck:Kleurenfoto's van Patrick de Spiegelaere: Zeegezichten. Ik vraag hem naar zijn trucs.Geen, zegt hij. Wachten tot tien uur 's avonds,Dan krijg je dit soort licht.Wachten tot je vijftigste. Dan krijg je dit soort gedicht.Maar hoe moet dat als je naar de tropen reist? Om tien uur 's avonds is het daar al lang donker, de schemering _ als die er al is _ duurt maar een paar minuten. Simpel, zegt Patrick, je zoekt de schaduw op. Veel derdewereldfotografie verzandt in kitsch, maar de beelden van Patrick zijn niet gemaakt om compassie op te wekken: er is niets zieligs aan de mensen die hij fotografeert. Hij slaagt er telkens weer in de valstrik te vermijden van wat de cineast Joris Ivens ooit exotic dirt noemde: armoede, gezien door de zonnebril van een toerist of de lens van een fotograaf, dreigt algauw iets pittoresks te krijgen. Maar Patrick ziet de schoonheid van de lelijkheid, van een vuilnisbelt of een scharminkelig paard. Misschien wel de allermooiste foto naar mijn smaak is in Nicaragua genomen. Het is een gedroomde foto, dat wil zeggen: een foto zoals de fotograaf die gedroomd heeft. Op de voorgrond zien we een steen. Niet de Steen der Wijzen waar de alchemisten naar zochten, maar gewoon een steen. Hij ligt daar en hij weet niet beter. Hij had daar niet níét kunnen liggen. En op de achtergrond zien we een soort beeldrijm, misschien een vulkaan, misschien ook niet. Het doet er niet toe. Niets is wat het lijkt te zijn.Kijken _ dat is natuurlijk waar het in fotografie over gaat. Zoals op de foto van dat kleine meisje in Senegal dat naar het vogeltje kijkt en bijgevolg naar de kijker, die terugkijkt. Ze zal een jaar of zeven zijn. En ze ziet, ze ziet wat wij niet zien. Piet PirynsDe tentoonstelling is nog te zien tot 14 december in Kapel Romaanse Poort, Leuven. Van 15 tot 20 december in het cultureel centrum van Hasselt, van 21 december tot 7 januari in de Kortrijkse schouwburg en van 10 tot 20 januari in De Warande in Turnhout.