After Identity heette het boek waarmee Georgia Warnke in 2007 een algemeen groeiend besef vertolkte dat 'identificaties, net zoals interpretaties van teksten, onvermijdelijk contextueel, intentioneel en partieel' zijn. Geen wonder dat elke poging om ze te veralgemenen, leidt tot 'conflicten en vervelende situaties die nu ons publieke leven verpesten'. In welke categorieën mensen ook worden gestopt, van homo's, zwarten, vrouwen tot Vlamingen of Belgen, het gaat om identificaties die verdeeldheid zaaien en te simplistisch zijn om veel te betekenen voor de toekomst van een globale samenleving.
...

After Identity heette het boek waarmee Georgia Warnke in 2007 een algemeen groeiend besef vertolkte dat 'identificaties, net zoals interpretaties van teksten, onvermijdelijk contextueel, intentioneel en partieel' zijn. Geen wonder dat elke poging om ze te veralgemenen, leidt tot 'conflicten en vervelende situaties die nu ons publieke leven verpesten'. In welke categorieën mensen ook worden gestopt, van homo's, zwarten, vrouwen tot Vlamingen of Belgen, het gaat om identificaties die verdeeldheid zaaien en te simplistisch zijn om veel te betekenen voor de toekomst van een globale samenleving. Met hun gevoelige sensoren weten kunstenaars meestal te ontsnappen aan dat soort dooddoeners. Zeker de jongere generaties, die worden geconfronteerd met de toenemende verspreiding van rudimentaire identificaties, doen hun best om ze te relativeren en te vervangen door een ruimer assortiment, door meer complexe modellen van identiteitsbepaling. Met opvallend gemak wisselen ze van identiteit, kruipen ze in de huid van anderen zonder zichzelf kwijt te raken, en bedenken ze de meest fantastische varianten van het rollenspel. De 28 kunstenaars op de tentoonstelling Don't You Know Who I Am? steunen veelvuldig op de geschiedenis, die van hun eigen domein in het bijzonder. Dat bewijst hun maturiteit en de ernst van hun onderneming. Ook wanneer de ironie ervan afdruipt of wanneer de pretenties niet artistiek zijn. Anthea Hamilton dikt het cliché van de vrouw als lust- en marketingobject aan met supergeile en levensgevaarlijke leg chairs.Oleg Ustinov toont een video van zijn subversieve actie tegen de homofobie bij de Russische overheid, en tekeningen waarin het verlangen naar kinderlijke onbevangenheid doorschemert. Ze komen uit Londen, Manilla, Luanda, Johannesburg, Brussel, Moskou of Beijing, en verwaarlozen geen enkel beeldmiddel, traditioneel of hoogtechnologisch. Ze plukken uit bestaande genres en richtingen, niet alleen uit de beeldende kunst, maar evengoed uit het theater, film, muziek en literatuur. Hun beelden staan echter niet alleen, ze worden gedragen door een verhaal. Geen hermetisch discours voor een publiek van ingewijden. Klare taal, en onderwerpen die over de dingen van het leven gaan. Alleen: hoe meer ze je in staat stellen om door te dringen tot de kern van de zaak, hoe groter ook de vragen worden. En zo kom je uit bij de onopgeloste raadsels: mooi, tragisch, angstaanjagend soms. Diepgaand peilen maakt elke identificatie onnavolgbaar. 'Soms is niet alles weten ook een manier van leren', zegt Shilpa Gupta uit India. 'En wat voor mij telt, is net een balans tussen "alles weten" en "helemaal niet weten".' Gupta laat zich in het MuHKA van diverse kanten kennen. Vooreerst vermomd als een zware, donkere en erotische wolk, zoals goden weleens doen. De Singing Cloud, aan draden opgehangen en bestaande uit 4000 microfoons, heft tussen een hoop gemurmel een ijl gezongen lied van onvervulde liefde aan. Een klacht die elders in de zaal wordt voortgezet op een aankondigingsbord, met ratelende letters die behalve bestemmingen en vertrekuren ook persoonlijke boodschappen en herinneringen aan voorbije ontmoetingen oproepen. Geïncarneerd in dit wat kaduke bord, drukt Gupta het verlangen uit om te stoppen met tellen, en laat ze de letters verspringen (time runs edlnees), ten teken dat imperfectie een conditie van ware emotie is - zoals wanneer het MuHKA zichzelf steevast afficheert met een ontbrekende letter u (M HKA). Het evoceert het gevoel dat je op een luchthaven of in een museum in een tussenwereld bent, uitgebreid tot levensgevoel. Kunst is het medium bij uitstek voor intieme getuigenissen, maar niet elke auteur wil er door de buitenwereld mee geconfronteerd worden. Vaak om voor de hand liggende redenen, zoals Shilpa Gupta aangeeft in het tweeluik Someone Else. In het MuHKA etaleert ze omslagen in roestvrij staal van beroemde boeken. Titel en pseudoniem (of anoniem) zijn erin gegraveerd, naast de ware naam van de auteur en de reden waarom hij of zij een beroep deed op een schuilnaam. In de Permeke-bibliotheek staan diezelfde boeken met de bladzijden erbij geëxposeerd, en kunnen ze worden ontleend. Jane Eyre, Harry Potter and the Philosopher's Stone, Alice in Wonderland, Un suicide, The Spy Who Came in from the Cold of 1984: de echte namen van de auteurs zijn al lang vergeten. Gupta frist ons geheugen op. Heeft het ontbreken van grote ego's bij deze kunstenaars soms te maken met het feit dat ze het identiteitsbegrip relativeren, en het in een politieke, sociale, artistieke of psychologische context brengen? Op een fragiele en poëtische manier, als het even kan. Donna Kukama uit Zuid-Afrika hield een video over aan haar performance waarbij ze in een wit kleedje onder een viaduct in Johannesburg schommelde en af en toe een bankbiljet onder de joelende omstanders liet neerkomen (The Swing). Haar identificaties: een erotisch rococoschilderij uit de 18e eeuw, een vrouw als lustobject, een verpauperde zwarte gemeenschap. En, zoals ze tijdens een lezing uitlegde, ook het gevoel dat ze als kunstenaar voortdurend moet schommelen tussen de intieme wereld van haar kunstproductie en de presentatie op de kunstwereld. Ook Hedwig Houben schommelt tussen werelden. Wat old school-beeldhouwers verafschuwen, vormt een wezenlijk bestanddeel van haar kunst: een eigengereid psychoanalytisch onderzoek van haar sculpturale activiteit, eigenlijk boetseren in plasticine, en de videodocumentatie daarvan. Het resultaat kan best lichtvoetig zijn, zoals in Personal Matters and Matter of Fact (2011), een hilarische dialoog tussen de kunstenares, haar zelf geboetseerde kop en dito Rietveldstoel-met-gaten. Er zit een ernstige ondertoon van twijfel in, over de voorwaarden voor het realiseren van een beeld. Objectfetisjisme is een kluif voor psychologen die er een afwijking in zien, terwijl kunstenaars en verzamelaars er zonder complexen van genieten. Het duo Onkar Kular & Noam Toran spant de kroon met de multimedia-installatie I Cling to Virtue. Om de saga van een fictieve Joods-Indiase familie te vertellen, stallen ze 29 met een 3D-printer gemaakte, smetteloos witte en genummerde objecten uit, elk verbonden met een specifieke jeugdherinnering. Een kolfje naar de hand van Sigmund Freud. Kunstenaars identificeren zich graag met afgezonderde werelden. Ook op Don't You Know Who I Am? zijn ze niet ondervertegenwoordigd. Wu Tsang gebruikt onpersoonlijke spraaktechnologie om het beroemde manifest van de militante autiste Amanda Baggs, In My Language, opnieuw uit te spreken, maar de tranen biggelen van zijn wangen. Iets van de techniek en de figuratieve onschuld van oude Russische muurschilders schemert door in twee reeksen schilderijtjes van Maria Safronova. De figuren van wie ze het Dagschema op de voet volgt, lijken emotioneel bevroren, niet abnormaal voor volwassenen in een psychiatrische kliniek. Zorgwekkend wordt het wanneer ook kleine kinderen op school, zowel bij het spel als tijdens feestjes, dezelfde lege blik vertonen (Het spel van de algemene blik). Isolement kan leiden tot vreemde aandoeningen. Patrizio di Massimo stelt de leden van het knusse burgergezinnetje waaruit hij stamt, voor als onderdelen van het omringende kitschmeubilair (Me, Mum, Mister, Mad). Beroofd van een eigen wil, vieren de game- en gokverslaafden in Nadjezjda Grisjina's No-Go Machine hun lusten bot tot de perverse climax een inferno blijkt. Alleen in de noodopvangcentra en klinieken van onherbergzame gebieden, waar Massimo Grimaldi op fotoreportage trok, zorgen een warme blik en helder licht voor grote openingen waar de hoop op een menselijker wereld doorheen kan. Tot 14 september in het MuHKA, Leuvenstraat 32, AntwerpenDOOR JAN BRAETHoe meer de kunstwerken je tot de kern van de zaak laten doordringen, hoe groter ook de vragen worden.