Het gedistingeerde grijze haar van Jean-Marie Philips wapperde in de voorjaarswind. Het was 9 mei 2005, en trots als een pauw gaf de voorzitter van de Liga Beroepsvoetbal in een wat oubollig Nederlands de mare van de dag: 'De beheerraad van de Liga Beroepsvoetbal heeft beslist om al de loten van het voetbalcontract toe te wijzen aan Belgacom, onder de ontbindende voorwaarde van de resultaten van het onderzoek dat de Raad voor de Mededinging gemeld heeft te willen instellen.'
...

Het gedistingeerde grijze haar van Jean-Marie Philips wapperde in de voorjaarswind. Het was 9 mei 2005, en trots als een pauw gaf de voorzitter van de Liga Beroepsvoetbal in een wat oubollig Nederlands de mare van de dag: 'De beheerraad van de Liga Beroepsvoetbal heeft beslist om al de loten van het voetbalcontract toe te wijzen aan Belgacom, onder de ontbindende voorwaarde van de resultaten van het onderzoek dat de Raad voor de Mededinging gemeld heeft te willen instellen.'Het persbericht had de apotheose moeten worden van onderhandelingen die enkele weken eerder waren opgestart. Het had de triomftocht moeten worden van Jean-Marie Philips en zijn Profliga , die voor de komende drie voetbalseizoenen het ronde sommetje van 36 miljoen euro uit de brand hadden gesleept. Omgerekend meer dan het dubbele van wat het vorige contract had opgeleverd. Maar Philips triomfeerde niet, omdat er die dag rond een uur of twaalf een fax bij de Profliga was binnengelopen. 'De Raad voor de Mededinging', meldde hij, 'heeft ambtshalve besloten om een onderzoek in te stellen naar de procedure van toewijzing voor de televisierechten van het Belgische voetbal.' In de dagen vóór 29 april 2005, de uiterste dag waarop de kandidaten onder gesloten omslag konden bieden op de rechten voor voetbaluitzendingen op televisie, hadden Philips en zijn juristen nochtans de deur platgelopen bij de Raad voor de Mededinging, een administratief rechtscollege bij de Federale Overheidsdienst Economie dat overeenkomsten kan vernietigen die niet de regels van de concurrentie respecteren. Ze hadden advies gevraagd over de opdeling van het voetbalcontract in zes afzonderlijke loten, en ze hadden zich uitgebreid geïnformeerd over de finesses van de toewijzingsprocedure - allemaal om de Raad voor de Mededinging en de Europese Commissie toch maar niet voor het hoofd te stoten. Op dat moment was de jacht op de voetbalbeelden al de tweede fase ingetreden. De eerste was afgerond toen het informele gesnuffel tussen de Profliga en de voormalige rechtenhouders op het Belgische voetbal was opgehouden. Ter informatie: tot dit seizoen waren de rechten in handen van betaalzender Canal Plus en de Vlaamse Mediamaatschappij (VMMa), het moederbedrijf van VTM waarin ook Knack-uitgever Roularta participeert. In ronde twee werden de televisierechten op het Belgische voetbal verrassend in zes stukken opgedeeld: drie pakketten voor rechtstreekse uitzendingen en de pay per view-rechten voor de betaalzenders enerzijds, drie andere pakketten voor samenvattingen en magazines over eerste en tweede klasse, bestemd voor zenders die niet achter een (betaal)decoder verstopt zitten. 'De opdeling', zo schreef de Profliga aan alle kandidaat-bieders 'zal ons de mogelijkheid geven om verschillende rechten aan verschillende operatoren toe te kennen.' Amper vijf dagen na de deadline, op woensdag 4 mei 2005, gunde de Profliga de zes pakketten aan de telecomoperator Belgacom, die in de komende maanden met twee voeten vooruit in de ontluikende markt van de digitale televisie wil springen. Een Hemelvaartsweekend later maakte de Profliga haar keuze bij gebrek aan hoger bod definitief. Alleen onderzoeken en rechtszaken kunnen nog roet in het eten gooien. Telecomoperator Belgacom gelooft rotsvast in een triple play-strategie: tv-uitzendingen achter de decoder moeten ook bijkomende abonnees werven in telefonie en breedband. Het duurbetaalde Belgische voetbal geldt daarbij als een stevig verkoopargument. En toch zou Belgacom het voetbalcontract tot op het allerlaatste moment hebben uitgespeeld als pasmunt bij VTM-baas Christian Van Thillo. 'Wij bieden niet op het voetbal als u het VTM-signaal voor de ADSL-standaard decodeert', zou de boodschap hebben geluid. Een woordje uitleg: tot op vandaag is VTM de enige publiekszender in Europa die louter via de kabel te ontvangen is - en op dit moment dus uitsluitend via Telenet. Belgacom heeft daarom de medewerking van de VMMa nodig om VTM aan zijn kijkers te kunnen aanbieden. Van Thillo verzekert 'dat hij die onderhandelingen niet heeft gevoerd', maar hij geeft wel toe dat Belgacom wellicht anders over de voetbalrechten zou hebben gedacht als de VMMa akkoord was gegaan om het VTM-signaal door te sturen. 'We doen dat niet,' zegt hij, 'omdat we twijfels hebben over de kwaliteit van Belgacoms netwerk.' Dus weigerde de Vlaamse Mediamaatschappij de uitgestoken hand, en minuten vóór de deadline dwarrelde Belgacoms riante bod op de zes loten bij de voetbalbobo's binnen. Opmerkelijk feit: het pas opgerichte Belgacom TV heeft alleen een vergunning voor pay per view en voor het uitbaten van een tv-theek - een dienst waar u televisie à la carte zult kunnen bestellen. Niet voor een open publieksnet dus. De voor open net bestemde beelden zullen het brede publiek bereiken via een achterdeurtje in de kleine lettertjes van het contract: Belgacom wil een deel van de rechten verkopen aan de VRT en de VRT zal ze op haar beurt ten behoeve van de Franstalige kijkers aan de RTBF verpatsen. Een en ander stond vermeld in een intentieverklaring tussen de Belgacom-top en de leiding van de openbare omroep. Dat document legt de hoofdlijnen vast van de samenwerking tussen twee bedrijven. Over de modaliteiten zoals de prijs, of mogelijk onderliggende sponsorafspraken of productiedeals, worden later concrete afspraken gemaakt. Tot 4 mei wist niemand behalve de betrokkenen af van de afspraken tussen VRT-toplui Tony Mary en Aimé Van Hecke en de Belgacom-top. Zelfs niet de leden van de raad van bestuur, het orgaan dat bij de VRT de aandeelhouder - de Vlaamse regering - moet vertegenwoordigen. Ook de toplui van Telenet, die in april nog uitgebreid met de VRT-top hadden getafeld, vielen die vierde mei uit de lucht. Nochtans was Telenet ook door de VRT gepolst voor een strategische alliantie, zo liet Vlaams mediaminister Geert Bourgeois (N-VA) uitschijnen in de commissie Media van het Vlaams parlement. Telenet-topman Duco Sickinghe knikt gelaten: 'We hebben inderdaad met de VRT gepraat over de mogelijkheid voor strategische allianties. Het was helaas een eenzijdige liefdesverklaring van onze kant.'Over het waarom van die eenzijdigheid gonzen in de wandelgangen trouwens de wildste geruchten. En altijd weer duikt die ene naam op: Wouter Vandenhaute. Het is een publiek geheim dat de baas van Woestijnvis bij de VRT meer doet dan programma's maken. Directeur televisie Aimé Van Hecke heeft hem al meermaals als een bevoorrecht adviseur voorgesteld. Als sport aan de orde komt, geldt die bewering in het kwadraat: Mary en Van Hecke zijn sportleken, en ze beroepen zich naar verluidt wat graag op de expertise die Wouter Vandenhaute in het verleden in die sector heeft opgebouwd. Als journalist, maar ook als baas van het toen nog prille sportnet Canal Plus. 'Vandenhaute', zo beweren verschillende bronnen uit de marge van het dossier over de televisierechten, 'is de architect van de overeenkomst tussen Belgacom en de openbare omroep. Onder de vleugels van Belgacom kan hij eindelijk het sportnet uitrollen waar hij al jaren van droomt, zonder dat hij de kritische blikken moet dulden van de Canal Plus-experts of van Christian Van Thillo.' Vandenhaute zegt niet te willen reageren op geruchten. Maar mét of zonder de Woestijnvis-baas: er moeten nogal wat watertjes doorgezwommen worden vooraleer de alliantie tussen Belgacom en de VRT kan worden geconsumeerd. De vormelijkheden van de deal lagen onder vuur in de commissie Media van het Vlaams parlement, en wellicht heeft het kabinet-Bourgeois daar een pyrrusoverwinninkje op de VRT-top behaald. Een verregaand samenwerkingsverband moet voortaan ter beslissing aan de bestuurders worden voorgelegd, en de minister heeft duidelijk gezegd dat de VRT te ver gaat in zijn plannen om sportprogramma's te maken onder hetzelfde logo als Belgacom TV, zoals de intentieverklaring dat kennelijk bepaalt. Al blijft het opmerkelijk dat noch Bourgeois, noch Belgacoms voogdijminister Johan Vande Lanotte (SP.A) over een kopie van de intentieverklaring schijnen te beschikken. 'Dat is een zaak van het management, waar de minister zich niet in wenst te mengen', laat Vande Lanotte plechtig weten. En daarmee lijkt alvast de politieke klip voor een nieuw voetbalcontract genomen. De zakelijke klip, dat blijft voorlopig een ander paar mouwen. Volgens waarnemers valt niet uit te sluiten dat de interesse van Belgacom voor de Nederlandse breedbandexploitant Versatel de principes van zijn intentieverklaring met de VRT doorkruist. Versatel slaapt in Nederland namelijk in het televisiebed van producent John de Mol, die het persoonlijk én zakelijk uitstekend met Christian Van Thillo kan vinden. En er is een perfecte kruisbestuiving tussen beiden te verzinnen, bijvoorbeeld over bepaalde voetbalrechten die de VMMa voor België en De Mols Talpa-groep voor Nederland aanhoudt. Maar volgens Van Thillo is dat niet aan de orde: 'De oorlog gaat over telecom, niet over televisierechten.'En die oorlog, dat zijn ook de drie procedures die tegen de Profliga lopen. Op donderdag 16 juni kan de rechter in eerste aanleg in Brussel het hele voetbalcontract in kort geding vernietigen, als hij oordeelt dat het contractueel vastgelegde recht van hoger bod van de VMMa en Canal Plus niet werd gerespecteerd. Het recht op hoger bod stond in artikel 12 van het vorige voetbalcontract: als de VMMa of Canal Plus het winnende bod binnen de dertig dagen verhoogden met tien procent, zouden zij alsnog de rechten toegewezen krijgen. Maar Jean-Marie Philips verklaarde op 9 mei, al na vijf dagen dus, dat er geen hoger bod was uitgebracht, en dat hij de toewijzing daarom als definitief beschouwde. Maar volgens de juristen van Telenet zijn hun rechten geschonden: de periode van dertig dagen is niet verstreken, zeggen ze, en bij gebrek aan dossier weten ze niet wélk bod ze nu precies moeten overtreffen. 'Bovendien heeft Belgacom altijd de mogelijkheid gehad om nog meer te bieden', zegt Duco Sickinghe. 'De Profliga heeft dus geen recht van hoger bod gegeven, maar een veiling georganiseerd.'Nog voor de zomer moet de uitspraak volgen van de Raad voor de Mededinging. Die onderzoekt vooral de manier waarop de Profliga de verschillende biedingen tegen elkaar heeft afgewogen (zie ook tabel: Voetbal heeft zijn prijs). Telenet vindt dat er lot per lot geoordeeld had moeten worden, en dat de Profliga de toegelaten bonussen pro rata over de verschillende offertes had moeten verdelen. Als de cijfers kloppen (officieel zijn de offertes niet vrijgegeven), heeft de Profliga dat helemaal niet gedaan. Anders had Belgacom nooit de zes pakketten kunnen verwerven, en dus ook zijn bonus kunnen doorrekenen. De Raad voor de Mededinging onderzoekt of de bonussen en verborgen extraatjes, zoals reclamecontracten of overeenkomsten over de productie van de wedstrijden, de toewijzingsprocedure hebben verstoord. Later dit jaar zal wellicht ook het Arbitragehof zijn licht over dezelfde procedure laten schijnen. Als de Raad, de rechter noch het Arbitragehof inbreuken vaststellen, dreigen er moeilijke dagen voor Telenet en zijn dochterbedrijf, de betaalzender Canal Plus. Onderzoeken in Frankrijk wezen uit dat Canal Plus zonder de rechten op het Franse voetbal de helft van zijn abonnees zou verliezen. Volgens Sickinghe zal het in België niet zo'n vaart lopen, omdat in het slechtste geval 'één op de tien abonnees voor het Belgische competitievoetbal komt'. Maar dat is een optimistische schatting: in interne onderzoeken bij Canal Plus geeft één abonnee op drie het Belgische voetbal op als een belangrijk argument om een decoder te nemen. En dat is verontrustend genoeg voor de VMMa, die Canal Plus zou overnemen, maar nu wil terugkrabbelen - wat de betaalzender helemaal kopje onder kan duwen. Uiteindelijk worden de grootste slachtoffers van de situatie allicht de voetballiefhebbers zelf. In de opeenvolging van zakelijke twisten en rechtszaken dreigt de Belgische voetbalcompetitie half augustus van start te gaan zonder rechtstreekse voetbalbeelden. Of ze dreigt, als de berichten over de ADSL-technologie van Belgacom kloppen, in elk geval van start te gaan zonder kwalitatief hoogwaardige voetbalbeelden - al blijft de telecomoperator dat met klem ontkennen. Maar zelfs als de technologie zou werken, blijft Belgacom TV een netwerk zonder abonnees en met nauwelijks decoders in Belgische huiskamers. Waardoor de kijkdichtheid en de exposure van het Belgische voetbal zeker op de korte termijn fors dreigt terug te lopen. Tot en met bij de regionale televisiezenders, trouwens. In het vorige voetbalcontract hadden die een overeenkomst om met de rechtenhouders beelden uit te wisselen 'met gesloten beurzen'. Het nieuwe voetbalcontract dreigt hen niet alleen zwaar op kosten te jagen (naar schatting 350.000 euro op jaarbasis voor alle regionale omroepen samen) maar het dreigt bovendien de voor regionale zenders belangrijke beelden uit tweede klasse naar de dinsdag te verbannen, omdat de VRT tot maandagavond de exclusiviteit van Belgacom wil overkopen. Op woensdag 8 juni mogen de directeuren van de regionale omroepen hun gal over de gang van zaken spuwen op het kabinet-Bourgeois. Als er geen compromis uit de bus komt, volgt er wellicht een claim van de regionale zenders. 'Wij willen niet betalen voor rechten die de overheid al voor de VRT betaald heeft', zegt gedelegeerd bestuurder Dirk Van Hegen van de Regionale Mediamaatschappij, de koepel boven de West-Vlaamse regionale zenders WTV en Focus TV. 'Ofwel moeten er praktische afspraken komen, ofwel zullen de regionale zenders ook overheidssubsidies moeten vragen.' En alleen al in het licht van de krappe budgetten van de Vlaamse regering is die laatste oplossing wellicht geen goed idee. Door Frank Demets en Patrick Martens