Terwijl de diplomatie haar schimmenspel speelt, bereiden de Chinezen in de Britse kroonkolonie Hongkong zich voor op de terugkeer onder Chinees gezag. Het ?Sluitingsuur? is 1 juli 1997.
...

Terwijl de diplomatie haar schimmenspel speelt, bereiden de Chinezen in de Britse kroonkolonie Hongkong zich voor op de terugkeer onder Chinees gezag. Het ?Sluitingsuur? is 1 juli 1997. DE SEZ (Speciale Economische Zone) van Shenzhen ligt als een bufferzone benoorden Hongkong (de toekomstige SAR of Speciale Administratieve Regio). Die Speciale Economische Zones werden bij de opening van de Volksrepubliek, in de jaren tachtig, opgericht om er winstgevende fabrieken te kunnen inplanten met een hogere productiviteit en andere loon- en sociale structuren dan in de rest van China. Shenzhen was speciaal belangrijk omdat Hongkong daar zijn fabrieken kwam neerpoten. Sindsdien is het een slechte plaats geworden, een soort industrieel niemandsland. Een Borinage van de eenentwintigste eeuw, waar onderbetaalde arbeiders na hun werk samenklitten bij slaapzalen of de straten afschuimen op zoek naar vrouwen die er dan ook zijn, in alle prijsklassen, met één of met meer pooiers. De simpelste en snelste manier om uit Hongkong in de Volksrepubliek te geraken, is de trein te nemen naar Shenzhen, samen met de gastarbeiders uit Hongkong (algemeen genomen, levert China de arbeiders voor die fabrieken, en Hongkong het kaderpersoneel), en daar de grens over te gaan. Het is een leerzame ervaring. Alles loopt gestroomlijnd en op rolletjes als in een roestvrijstalen systeem zolang men in Hongkong blijft. Het is bij het naderen van de eerste Chinese beambten paspoortencontrole dat de stroom blokkeert. Trein na trein spuit zijn reizigers in de lange gang, waar het aanschuiven is. Eén, of twee Volksrepublikeinse agenten bladeren in paspoorten, babbelen, laten valse files ontstaan, zaaien verwarring, blaffen mensen af. En aan de andere kant worden listen verzonnen en strategieën uitgetest om toch maar door die menigte te raken, waar Chinese mannen in de blauwe pakken van de maoïstische bureaucratie trouwens doorheen glijden alsof hier niets dan zuivere lucht aanwezig was. LOYAL.Zodat de reiziger zijn eerste les in Chinese manieren en ritme al gehad heeft voor de Chinese stempel in zijn paspoort staat. En de vraag onontkoombaar wordt : hoe kan dit in godsnaam werken in een plek als Hongkong ? En het antwoord even onontwijkbaar : het kan niet werken. Niemand weet dit beter dan de Chinezen van Hongkong, gewoon omdat de meesten van hen van hier gekomen zijn, of er toch familie hebben. Een van de belangrijkste en onmogelijkste taken van de Hongkongse politie is het buitenhouden van II's, Illegale Immigranten, en het jacht maken op degenen die al binnenzijn. Volgens goed geïnformeerde bronnen, in een vlaag van misplaatste oprechtheid, moeten het er miljoenen zijn. Met het naderen van het Sluitingsuur nu nog maar een goed jaar weg neemt de druk merkbaar toe. De druk aan de grens het wordt steeds moeilijker de groeiende aantallen illegale immigranten in spe tegen te houden , en de druk in Hongkong zelf : werkloosheid, armoede, misdaad zijn in opmars en er zijn weer symptomen van corruptie. Bootjes met sterke buitenboordmotoren komen de Parelrivier afgevaren, hun slag slaan in Hongkong (een Mercedes stelen, smokkelwaar afzetten), en verdwijnen weer in de nacht. De triaden, bekend met naam en toenaam, werken vanuit Kanton of nog verder, maar hebben activiteiten in Hongkong in de drugs, de prostitutie in de ?bars? en ?karaoke-tenten? achter de gele uithangborden. Dit is allemaal reëel, maar het wil niet zeggen dat de politie van Hongkong daarom zenuwachtig wordt : het belang ervan wordt grotendeels bepaald door de sfeer van stress die soms overslaat in paniek, bij de burgerij die denkt aan het Sluitingsuur. Het mooiste voorbeeld daarvan is wellicht het probleem dat een stuk van de Hongkongse elite zo'n kopzorgen baart. Tal van oude, gerenommeerde, traditionele en selecte instellingen in de oude Britse kroonkolonie dragen trots het woord Royal in hun naam : de Royal Yacht Club, Royal Jockey Club, Royal Golf Club en wat er verder nog aan koninklijke Cricketclubs bestaat. Dat is zeer lang goed en mooi geweest, maar wat zullen de Chinezen van de Volksrepubliek daarvan denken ? Sommige clubs hebben hun koninklijke titel al laten vallen, andere aarzelen nog, misschien zouden ze het woord Royal gewoon in Loyal kunnen veranderen ? Natuurlijk is de vraag altijd dezelfde : wat zullen de Chinezen doen ? Ze hebben beloofd dat ze niet zullen binnenkomen, maar wat als ze wel binnenkomen ? Zullen ze de bestaande grenzen in ere houden zoals ze beloofd hebben, of zullen ze oogluikend toelaten dat honderdduizenden illegale immigranten Hongkong overspoelen ? Of zullen ze dat zelfs aanmoedigen ? De ?prinsjes? van Peking (vaak de kroost van de grote nationale leiders) hebben hotels en ondernemingen in Hongkong het grootste deel van Hongkong is al in Chinese handen , en ze hebben daar dus iets te verliezen. Maar zal dat opwegen tegen de neiging van velen om hier gauw de goudzoeker te komen spelen ? In Shenzhen, iedereen weet het nu stilaan al wel, gaat de corruptie tot in het hart van het officiële apparaat. Als de Chinezen komen, zullen ze hun corruptie meebrengen ? MOEILIJK.Twintig, vijfentwintig jaar geleden, vertelt commissaris Michael Leung van ICAC de Independent Commission Against Corruption , was Hongkong net zo corrupt. De ICAC werd opgericht om daar een eind aan te maken. Het is geen echte politie, aangezien ze totaal onafhankelijk werkt en alleen aan de gouverneur zelf verantwoording moet afleggen. Ze heeft hard gewerkt op alle denkbare niveaus (1.200 man) onderzoek, voorlichting, preventie en sinds enkele jaren is Hongkong relatief zuiver. De mensen hebben er vertrouwen in de regering, haar ambtenaren, en haar politie. Die toenemende corruptie uit China, is er momenteel nog niet, al bestaat ze wel in de angstdromen van de middenklasse. En als ze komt, zegt Leung, dan zal ICAC een onderzoek instellen, en de eventuele schuldigen voor de rechtbank brengen. De discrepantie, weer, tussen de officiële nuchterheid, het underacting van Michael Leung, en de fantasie van het publiek in de chique shopping-centers. Natuurlijk bestaan er ook echte problemen. De verbale oorlog tussen Londen en Peking voorspelt niets goeds. Vooral omdat al te zien is dat Hongkongers het slachtoffer worden van de door China gehuldigde regel ?wie niet voor mij is, is tegen mij?, en vanwege het onvermogen van Peking om mensen onafhankelijk en kritisch te laten denken. Hongkongers zijn er zich ineens pijnlijk van bewust geworden dat zij het verkeerde Chinees spreken : het ?Algemeen Beschaafd Chinees? van de Volksrepubliek is het Putonghua, wat vroeger Mandarijns heette, en de taal van Hongkong is Kantonees Chinees. Tussen die twee is er een verschil van meer dan tweeduizend kilometer : ze verstaan elkaar gewoon niet. Dus zijn duizenden Hongkongers Mandarijns beginnen leren, en in de scholen worden speciale cursussen ingelegd om ook de leerlingen klaar te stomen. En wat met de geschiedenis ? De geschiedenis van Hongkong volgens Peking is helemaal anders dan die volgens Londen en de waarheid zal nog wel een derde versie zijn. Dus worden leerboeken aangepast, lessen veranderd, termen omgedraaid, de ?Sino-Britse oorlog? wordt weer de ?Opiumoorlog? of omgekeerd, de overeenkomsten van dit of dat worden de ?onbillijke verdragen? (waardoor Hongkong aan Engeland werd afgestaan). SINGAPORE.Maar dat alles zijn details. Wat met het recht ? Het Hongkongse recht werkt volgens het Britse systeem van de common law, dat met precedenten werkt. Het Chinese rechtssysteem is samengesteld uit componenten uit verschillende era's (de verschillende dynastieën van het keizerrijk, de republiek, de maoïstische fase, de volksrepubliek), die alleszins gemeen hebben dat ze niét volgens de common law werken. Als Peking woord houdt, moet Hongkong in de komende halve eeuw niet zoveel met Chinees recht te maken krijgen (hoewel er nu al disputen lopen, over zakenconflicten) maar wat indien niet ? Een eerste botsing is er al geweest over het Court of Final Appeal, dat volgens de common law onafhankelijk moet zijn, maar waar Peking zijn wil heeft opgedrongen, zodat het niet meer onafhankelijk is (in China is nu eenmaal niets, en niemand, onafhankelijk). En dat is natuurlijk een filosofie die lijnrecht indruist tegen wat de Hongkongse elite geleerd meent te hebben. Zij gelooft dat talent en werk en het nodige geluk een individu onafhankelijk moéten kunnen maken. En de basis van Hongkong, de armen, tot op de bodem van bedelaars en buitenslapers, geloven hetzelfde waarom zijn ze anders absoluut uit het grote China naar hier willen komen ? Maar, zegt aan de rechtenfaculteit van de Universiteit van Hongkong professor Peter Wesley-Smith, misschien is dat wereldbeeld, zeker in Oost-Azië, een aflopende zaak. Als de paternalistisch-autoritaire strekking zoals in Singapore succes blijft boeken, met haar pseudoconfucianistische schutkleuren, in een omgeving die nu internationaal erkend wordt als de nieuwe economische locomotief op wereldvlak en de leiders in Peking moeten daar wel oren naar hebben ?dan is waar wij hier mee bezig zijn misschien niet meer dan een achterhoedegevecht?. Of zoals een collega van hem het zou gezegd hebben : ?dan zijn de bemoeienissen om individuele rechten en mensenrechten, waar het Westen warm voor loopt, weldra wellicht achterhaald door de notie dat de staat bepaalt wat recht is en wat mensenrechten.?De gedachte dat Singapore zou kunnen winnen, niet alleen met geld maar ook in de ideeën, zou schromelijk overdreven en idioot kunnen klinken. Maar in China en in Vietnam, en zelfs in Hongkong hoort de aandachtige bezoeker voor het overige ernstige mensen naar Singapore verwijzen als het na te volgen model helaas misschien een onbereikbaar. In die ideeënstrijd zullen de als illegale immigranten aangekomen Hongkongers wellicht nog een belangrijke rol te spelen krijgen. ZONDAG.Want in Hongkong heerst, een jaar van het Sluitingsuur, een vreemde sfeer van rebellie. In de zo conformistische, op snelle winst georiënteerde, de middenweg bewandelende, rekenende maar nooit nadenkende stad (drie boekhandels voor zes miljoen inwoners), zijn figuren als Shanghai Tang het klimaat aan het bepalen. De designer en modeman heeft de China-club ingericht, met nieuwe art deco en moderne schilderkunst uit China (sociaal-realistische maar ook popversies van Mao Zedong en ander cultbeelden). Hij heeft een winkel die kleren en voorwerpen verkoopt die uitdrukkelijk verwijzen naar prerevolutionair Shanghai vaak met het label made by Chinese, omdat, zegt Tang, made in China de klanten zou afstoten. Want de klanten zijn koning, behalve op zondag. Op zondag hebben de tweehonderdduizend Filippijnse meiden die in Hongkong werken hun vrije dag. Die komen dan naar Hongkong Central, in de parkjes en straten rond het parlementsgebouw, bijpraten met de vriendinnen, naar huis telefoneren (honderd meter aanschuiven voor de telefoon), picknicken en de dag door leuteren tot het weer avond is en de vrije dag voorbij. Enkele jaren geleden was het verschijnsel al merkbaar, en amusant of ontroerend naarmate men zich al dan niet in de schoenen van een Filippijnse in Hongkong kon verplaatsen. Maar nu zet de politie de straten rond het parlementsgebouw af voor de bijeenkomst begint, en tot 's avonds als het donker is zitten daar honderdduizend of meer vrouwen, meestal jonge, te babbelen en te kwetteren als parkieten in een ontzaglijke volière. Het is een bij uitstek vredig schouwspel, er is geen agressiviteit. Er is wel veel papier, en plastic van meeneemmaaltijden. In de nacht komen speciale ploegen van de Hongkongse reinigingsdienst die met vrachtwagens ophalen. En komt de politie de hekken wegnemen die de straten afsluiten. Een teken van de tijd is, dat er bij de Filippijnsen sprake van is, naar het schijnt, een vakbond op te richten. Sus van ElzenDe auto van de gouverneur : een symbool op zichzelf.Bijlessen in Mandarijnchinees op school.Aan de Chinese grens : uitkijken naar illegale immigranten.Etalage van Shanghai Tang : Made by Chinese. De Filippijnse meiden willen een vakbond oprichten.Power to the people. Het verzet is nog klein, maar het groeit. Jimmy Lai : Als een ijsblokje naast een hete ovenmond.