'Zonder baard geen werk, daarom laat ik hem altijd staan', vertelt Haj Nacer. Hij woont in het Marokkaanse stadje Ouarzazate en verdient zijn brood als figurant. Melkverkoper in de film Gladiator van Ridley Scott, rabbijn in de Bijbelvertelling van Mozes, apostel in een andere Bijbelvertelling en Tibetaan in de film Kundun van Martin Scorsese. Met een grote glimlach toont Nacer, zestig jaar oud, zijn fotoalbums met tientallen films waarin hij heeft gefigureerd.
...

'Zonder baard geen werk, daarom laat ik hem altijd staan', vertelt Haj Nacer. Hij woont in het Marokkaanse stadje Ouarzazate en verdient zijn brood als figurant. Melkverkoper in de film Gladiator van Ridley Scott, rabbijn in de Bijbelvertelling van Mozes, apostel in een andere Bijbelvertelling en Tibetaan in de film Kundun van Martin Scorsese. Met een grote glimlach toont Nacer, zestig jaar oud, zijn fotoalbums met tientallen films waarin hij heeft gefigureerd. Ouarzazate, gelegen op een hoogvlakte aan het begin van de woestijn, werd in 1928 ten tijde van het Franse protectoraat opgericht als garnizoenstad. Van hieruit onderwierp het Franse leger opstandige Berberstammen in de uitlopers van het Atlasgebergte. Nu is het de internationale filmindustrie die het ritme van het stadje van 40.000 inwoners bepaalt. Een internationale filmproductie als Kingdom of Heaven (2005), Babel (2006) of Asterix en de Olympische Spelen (2008) betekent werk en inkomsten. Haj Nacer zit op een vaal matras in zijn benauwde driekamerwoning zonder ramen en vertelt over zijn eerste filmopnames. 'Ik was de enige in de omgeving die Frans had geleerd. Mijn vader werkte in de mijnen van Tiouine en ik mocht samen met de kinderen van Franse ingenieurs naar school.' Hij herinnert zich de eerste opnames van Lawrence of Arabia in 1962, toen de meeste mensen film een vulgaire business vonden. Maar vooral zijn vriendschap met de Italiaanse regisseur Pier Paolo Pasolini die in 1967 Edipo Re ('Koning Oedipus') draaide, staat hem bij. 'Ik was zijn lijfwacht, droeg zijn koffers en hielp hem bij het vinden van figuranten', vertelt Nacer vol trots. 'Iedereen op de set respecteerde me.' De tijden zijn veranderd. Nacer toont op zijn kleine televisie de documentaire Ouarzazate movie. Op het televisieschermpje verschijnen honderden mensen, gezeten op de tribunes van het lokale voetbalstadion, wachtend in de felle zon. 'Iedereen die geen baard heeft en niet blank is, heeft hier niets te zoeken. Kom morgen maar terug!' roept een man door een megafoon. 'Jij daar, sta eens op. Ja, kom maar!' roept hij vervolgens. De gekozene kan als figurant spelen in Asterix & Obelix: missie Cleopatra (2002). De rest blijft zitten, hopend op een paar dagen werk. 'Iedereen wil als figurant werken. Er is hier ook niks anders', zegt Nacer. De stad telt geen enkele fabriek en de omgeving is gortdroog. Als figurant verdient men 200 dirham (17 euro) per dag, een behoorlijk bedrag. (Het minimummaandloon in Marokko bedraagt 1800 dirham (150 euro)). Maar soms is er maanden geen werk. De Marokkaanse filmproducent Thami Hejaj kent de verhalen van figuranten die klagen over te weinig werk. 'Met de Italiaanse productie over de Bijbel, een serie voor televisie, was er jarenlang werk', vertelt hij. Een Italiaans productiebedrijf bouwde een studio in Ouarzazate en draaide tussen 1993 en 2000 elk jaar meerdere afleveringen over de Bijbel. Volgens hem was dit de ware lancering van Ouarzazate als filmstad. 'In het begin namen de Italianen zelf hun decorbouwers mee. Maar al snel leerden de mensen van hier de technieken', zegt Hejaj. Tegenwoordig vind je in Ouarzazate timmermannen, gipsbewerkers en zelfs staalbewerkers gespecialiseerd in het maken van helmen, schilden en zwaarden. De stad groeide mee. Er kwamen meer hotels, restaurants, drie nieuwe studio's, filmcateraars en zelfs professionele stuntmannen. Grote tenten, generatoren, kostuums, paarden en kamelen, alles is er voorhanden. Hejaj is op weg naar een set voor een Franse televisieserie die hij mede produceert. Hij rijdt zijn auto over een spoor, geen boom of huis in de weide omtrek. Plots doemt er uit het niets een enorm decor op: tussen de lemen huizen van een klein gehucht staan de resten van een Romeins paleis. Aan de buitenkant bij elkaar gehouden door metershoge stalen steigers, waant men zich binnen in Rome of Damascus. Hier en daar bladert verf van een pilaar en brokkelt er een trede af. Alles lijkt echt. Een conciërge houdt de wacht tot de volgende producent besluit het decor op te knappen voor een nieuwe filmopname. Het uitgestrekte woeste landschap met soms enorme okerrode rotspartijen is de ware aantrekkingskracht van Ouarzazate. Hejaj: 'De filmregisseurs komen hier voor dit natuurlijke decor. Hun films spelen in Afghanistan, Saudi-Arabië, Israël en zelfs Tibet.' Ook door het heldere zonlicht en de goedkope arbeid is Ouarzazate zeer aantrekkelijk voor internationale filmproducenten. Walt Disney gaat van juni tot september zijn nieuwste legende De Prins van Perziëopnemen. Het opknappen van oude decors is al in volle gang. Maar de filmindustrie floreert niet altijd. 'Net als toerisme is filmbusiness heel kwetsbaar als zich politieke spanningen voordoen', vertelt Hejaj. Na elf september 2001 en het uitbreken van de oorlog in Irak, bleef het een paar jaar stil in Ouarzazate. Buitenlandse verzekeraars verviervoudigden hun premies voor filmproducties, waardoor het te duur werd om in Marokko te filmen, aldus Hejaj. De Marokkaanse regering en naar verluidt zelfs de koning hebben er sindsdien alles aan gedaan om buitenlandse producenten gerust te stellen. Zo staat het leger niet alleen in voor de veiligheid, maar kunnen soldaten ook als figuranten worden ingezet. Het is ook mogelijk om tijdelijk echte wapens voor een filmset te importeren. En buitenlandse producenten worden vrijgesteld van btw op voorwaarde dat ze een Marokkaanse producent inhuren voor de uitvoerende productie. Na kilometers rijden komt achter een bergkam een klein gehucht tevoorschijn. Er staat een kleine lemen hoeve met uitzicht over een oase vol palmbomen, bloeiende amandelbomen en olijfbomen. De eigenaar van het huis kijkt blij. Zeven weken lang zal hier een Franse televisieserie worden gedraaid. Niet alleen zijn huis is opgeknapt, ook zal hij voor elke draaidag huur vangen. Zijn familie heeft nog nooit zoveel kunnen verdienen in zo'n korte tijd. 'De bewoners van dit soort gehuchten zijn het inmiddels gewend. Voor hen is de filmbusiness een normale bron van inkomsten, niet meer en niet minder', zegt Hejaj. Soms krijgt hij hoofdpijn van de dorpsbewoners: wanneer ze weigeren voor een redelijke prijs hun land te verhuren of doorgang te verlenen over hun grond om een filmlocatie te bereiken. Terug in Ouarzazate wordt castingdirecteur Hamid Ait Timaghrit op straat aangeklampt. 'Waarom heb je een foto van me gemaakt als je geen werk voor me hebt?' roept een man boos. Ait Timaghrit kent de kinnesinne maar al te goed. Als een regisseur aan de hand van zijn foto's een dame uitkiest voor een kleine bijrol, dan wordt al snel gezegd dat hij een profiteur is en met haar naar bed gaat. 'Er zijn mensen die me bellen en zeggen dat mijn kinderen binnenkort wees zijn', zegt hij. Een aantal figuranten was uitgekozen om de rol van apostel te spelen in een BBC-documentaire over de Bijbel. 'De BBC wou zo geld besparen', vertelt Ait Timaghrit. De eerste vier dagen ging het goed. Maar op draaidag vijf lag de hele filmset stil. De zeven apostelen waren in staking, ze eisten meer geld. 'Terwijl ze al redelijk verdienden, zo'n 1000 dirham ( 85 euro) per draaidag', vertelt hij. Uiteindelijk moest de Britse producent aangifte doen bij de politie voor sabotage, opdat de figuranten weer gingen spelen. 'Wat wil je met al die rijkdom', zegt Ait Timaghrit. Internationale sterren als Brad Pitt of Arnold Schwarzenegger die met een privéjet naar Ouarzazate vliegen, in de nieuwste Mercedes- of BMW-modellen rondrijden en bodyguards bij zich hebben, steken de lokale bewoners de ogen uit. De meesten van hen die geld verdienen in de filmindustrie verrichten vaak slechts hand- en spandiensten, als figurant, decorbouwer of simpele sjouwer en staan onder aan de loonlijst. De grimeurs, de camera-, geluid- en regieassistenten komen van elders uit Marokko of uit het buitenland. Van de miljoenen dollars die een internationale filmproductie ter beschikking heeft, komt erg weinig bij de lokale bewoners terecht. Slechts sporadisch zien zij zichzelf terug in een film, als een satellietzender toevallig een van de honderden films die hier zijn opgenomen uitzendt. Een echte bioscoop ontbreekt voorlopig, ook al heeft een Franse cinefiel vergevorderde plannen om een theater- en filmzaal te bouwen. Maar zonder filmindustrie zou de stad langzaam leeglo- pen. DOOR JULIE VAN TRAA/foto's alexandre dupeyron