Tot begin jaren negentig kon een goed woordje van de pastoor wonderen doen. Wie bij Interelectra wilde werken, moest immers aankloppen bij de naar verluidt erg katholieke personeelschef. De in Limburg oppermachtige CVP leverde ook altijd de voorzitter van de zuivere, door de provincie Limburg gedomineerde intercommunale (destijds 80 procent provincie, 20 procent gemeente; nu zijn de gemeenten de grootste aandeelhouder).
...

Tot begin jaren negentig kon een goed woordje van de pastoor wonderen doen. Wie bij Interelectra wilde werken, moest immers aankloppen bij de naar verluidt erg katholieke personeelschef. De in Limburg oppermachtige CVP leverde ook altijd de voorzitter van de zuivere, door de provincie Limburg gedomineerde intercommunale (destijds 80 procent provincie, 20 procent gemeente; nu zijn de gemeenten de grootste aandeelhouder).Interelectra verdeelde de elektriciteit en beheerde het kabelnet voor radio en televisie in een groot deel van Limburg. Het was een wat saai, voorspelbaar en betrekkelijk anoniem bedrijf. De bevolking kende Interelectra vooral van de man die de meterstand kwam opmeten en van de rekeningen die op geregelde tijden in de brievenbus ploften. Maar Interelectra was wel een zuivere intercommunale. Anders dan in een gemengd samenwerkingsverband zijn de producenten dus niet betrokken bij de distributie van elektriciteit (of gas). Provincie en gemeenten geven die opdracht aan een maatschappij die ze zelf beheren. De verkiezingen van 24 november 1991 brachten niet alleen de electorale doorbraak van het Vlaams Blok, ze waren ook een belangrijke stap naar paars-groen. Voor het eerst trad in Limburg een bestuur aan zonder de CVP. Socialisten, liberalen en Vlaams-nationalisten sloegen de handen in elkaar. Dat had ook gevolgen voor Interelectra. In zijn tweede ambtstermijn als bestendig afgevaardigde werd Steve Stevaert (SP) de eerste niet-CVP'er die het tot voorzitter bracht. Willy Claes, toen nog de grote baas van de Limburgse socialisten, had Stevaert liever met andere bevoegdheden gezien dan ruimtelijke ordening en leefmilieu. Dat zou ook andere bestuursfuncties opleveren. Bij de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij, bijvoorbeeld, om meer industrieterreinen aan te leggen. Stevaert wou niet en kwam bij Interelectra waar hij prompt de vorstelijke vergoeding voor het voorzitterschap afschafte. 'Toen begon zelfs mijn moeder aan mij te twijfelen', zegt de minister vandaag. Stevaert wist wat hij deed. Het voorzitterschap van Interelectra was meteen veel minder begeerd. De gewezen cafébaas had zijn positie versterkt. Dat was geen overbodige luxe, want met Stevaert kwam een tegenstander van nucleaire energie aan het hoofd van een bedrijf dat elektriciteit verkoopt. Samen met Stevaert kwam er een nieuwe directeur, de burgerlijk ingenieur Jo Geebelen. Die was ook schepen in het Bree van Jaak Gabriëls (toen nog VU-voorzitter, vandaag VLD-minister van Landbouw). Geebelen geldt als katholiek, conservatief en liberaal en is ook als technicus de antipode van de veel impulsievere socialist. Samen maakten zij Interelectra tot een begrip. Zelfs de CVP moppert vandaag niet meer. Met respect voor de lokale gevoeligheden wordt elk nieuw gebouw van Interelectra door de priester plechtig ingezegend.BESPAREN OP DE FEESTVERLICHTINGVanaf juli verzorgt Interelectra ook de verdeling van gas. Het oude Pligas, een gemengde intercommunale, stootte daartoe de privé-partner Electrabel af nadat een commissie van vier professoren de offertes van Electrabel en Interelectra had vergeleken. De openbare maatschappij deed het veel beter dan het privé-bedrijf. Pligas wordt de facto een onderdeel van Interelectra. 'Een mooie overwinning', zo noemt Jan Peumans (VU) dat. Peumans is burgemeester van Riemst en was als voorzitter van Pligas niet echt gecharmeerd van de privé-partner. 'Electrabel gebruikt de gemengde intercommunales als geldmachines. De gewone klant betaalt voor de blauwe baronnen in Brussel. Een zuivere intercommunale is financieel ook veel interessanter voor de gemeenten', vindt Peumans. 'We zijn veruit de grootste zuivere intercommunale van België', weet directeur Geebelen. 'Altijd lopen we voorop en leggen we in het energiedebat nieuwe en groene accenten. We beschouwen ons ook niet als een verkoper van elektriciteit, maar als een dienstenmaatschappij. Maar ondanks onze ecologische, sociale en ethische klemtonen maken wij meer winst dan onverschillig welke andere intercommunale.' Het beleid is origineel en succesvol. Toen destijds waterbesparende douchekoppen konden worden aangeschaft, rekende Interelectra op enkele duizenden klanten. Het werden er 50.000. Dat leverde een spectaculaire besparing op van water en energie. Interelectra kocht windturbines in Zeebrugge, verwarmt de wasinstallaties van Centerparcs met elektriciteit opgewekt door zonnepanelen, plaatst turbines op een sluis in Hasselt, en wil straks met Dredging en Turbowinds een groot windmolenpark bouwen in Zeebrugge (vijftig molens van telkens twee megawatt, kostprijs acht miljard). Soms zit de winst in de kleine dingen, weet Geebelen. 'We hebben de klassieke feestverlichting van alle Limburgse gemeenten ingenomen en vervangen door lampen die minder elektriciteit verbruiken', zegt de directeur. 'Dat kostte ons niets. Integendeel. In één kerstperiode hadden we onze investering eruit. We besparen namelijk veel energie in een piekperiode, waarin wij de energie duur moeten aankopen. Het is zoals Steve Stevaert zegt: Interelectra is als een kloosterorde. We willen arm zijn, maar worden altijd rijker.'GEEN RECLAME VOOR VERWARMINGToen Stevaert voorzitter werd, wilde hij dat Interelectra zich agressiever zou opstellen tegenover kernenergie en tegenover Electrabel. De Hasselaar bundelde zijn visie in een 'vijfkamp' rond economische, ecologische, ethische, sociale en culturele accenten. Maar bovenal moest Interelectra economisch performant zijn. Anders dan in andere soortgelijke bedrijven voerde Interelectra een spaarzaam personeelsbeleid. Nu werken er 640 mensen en bedraagt de omzet 14 miljard frank. 'We wilden geen volk aannemen om volk aan te nemen. Een Waalse zuivere intercommunale heeft verhoudingsgewijs twee keer zoveel personeel, een gemengde vijftig procent meer. De loonkosten per kilowattuur zijn dan ook de laagste van alle intercommunales, en dat in Limburg, waar de bevolking verspreid woont', zegt Stevaert. Om economisch goed te draaien, moesten de gaten in het net worden gedicht. Alle gemeenten zijn intussen aangesloten en kabel-, gas- en elektriciteitsdistributie zitten straks in één hand. Dat drukt de overheadkosten en maakt synergieën mogelijk. Als de kabel voor de elektriciteit moet worden vervangen, kan bij wijze van spreken meteen werk worden gemaakt van de gasaansluiting. De Limburger betaalt daardoor minder dan zijn landgenoten voor de kabelaansluiting en zijn elektriciteit. De gemeenten van hun kant ontvangen een hoger ristorno (één frank per kWh, tegenover 55 à 60 centiem bij de gemengde verenigingen van gemeenten). Stevaert beweert dat de gemeenten anders eenderde meer belastingen zouden moeten innen. Interelectra werd vooral bekend wegens zijn ecologische en sociale accenten. Het was de eerste maatschappij die wanbetalers niet van het elektriciteitsnet koppelde, maar hen met een stroombegrenzer van zes ampère het minimum minimorum bezorgde. Werknemers kregen als eerste in Vlaanderen een vergoeding als ze met de fiets naar het werk kwamen. De aankoop van windmolens in Zeebrugge werd op hoongelach onthaald, maar straks moeten alle verdelers drie en later vijf procent groene stroom leveren, of een boete betalen. Daar zorgt Stevaert wel zelf voor, nu hij minister is. Toen Stevaert wilde dat de intercommunale minder elektriciteit zou verkopen, konden de ingenieurs van Interelectra niet goed volgen. Helemaal onbegrijpbaar was dat Stevaert verbood om reclame te maken voor elektrische verwarming. Want zo maakte hij uiteindelijk publiciteit voor de toenmalige concurrent van Pligas. Dat probleem is nu van de baan, want Interelectra verdeelt vanaf juli ook gas en wil het gasnet uitbreiden. Zeventigduizend nieuwe abonnees, dat is de doelstelling.P.R.