De Martini-toren wordt bedreigd.
...

De Martini-toren wordt bedreigd. Eind van de jaren vijftig is Brussel in de greep van de ?ontmoeting met de wereld?, de Wereldtentoonstelling van 1958. Het is ook het startsein voor de modernisering van de stad, nieuwe tunnels, bruggen en de eerste torens : het ?Internationaal Centrum Rogier? in de nabijheid van het Noordstation (1958-1960) en de P&S kantoortoren aan de Kruidtuin. De toren aan het Rogierplein werd in de volksmond de ?Martini-toren? door de grote neonbekroning bovenaan. Terwijl de P&S-toren onlangs oordeelkundig werd gerenoveerd, is de toekomst van het Rogiercomplex uiterst onzeker. Enkel door de hardnekkigheid van de laatste bewoner, die weigert zijn appartement te verlaten, wordt de naderende afbraak uitgesteld. Met haar vele kwalitatieve aspecten is het Rogiercomplex veruit het interessantste grootschalig project sinds 1945 in Brussel. Het is geen banale, nonfunctionele bureautoren, het is een complex waar een veelheid van functies werd samengebracht. De sokkel van het gebouw omvat een riante galerij waarmee de schaal van het plein wordt gedimensioneerd. Hierin bevinden zich horecazaken, winkels, expositieruimtes en het Théatre National. De slanke toren bevat naast burelen maar liefst 150 appartementen. Bovenaan voorzag architect Jacques Cuisinier een afzonderlijk volume voor de exclusieve Martini-club en een restaurant met panoramisch uitzicht. Door deze veelheid aan functies is het gebouw net een stad in de stad. De dynamiek vertaalt zich ook in de volumewerking, vanuit alle richtingen toont het gebouw zich op een andere manier. Het gebouw drukt niet enkel de euforie van '58 uit, maar ook het geloof in de stad. In het kader van het derde kunstenFESTIVALdesArts loopt in de Beursschouwburg (tot 1/6) een expositie om het publiek te sensibiliseren, een laatste reddingspoging. Het tijdschrift Vlees en Beton brengt een hommage aan dit bedreigd complex en de uitgeverij Yang-Kritak-Sun publiceert een boek met prachtige foto's van Marie-Françoise Plissart. In beide publicaties benadrukt Bruno De Mulder het unieke van deze creatie, een uitzonderlijk hoogtepunt van de Belgische architectuur, een modernistisch toonbeeld van stedelijkheid. Terwijl iedereen pleit om het wonen in de stad te behouden, wil de promotor (een Zweedse Staatsonderneming) uitgerekend nu huisvesting vervangen door meer winstgevende kantooroppervlakte. In andere Europese steden wordt de multifunctionaliteit van de hoogbouw gestimuleerd, in Brussel wil men het voorbeeld bij uitstek slopen. Hopelijk keert het tij nog in extremis en gaat Brussel eindelijk inzien dat de afbraak een zware verarming zal betekenen van haar patrimonium. Marc DuboisDe Martini-toren : beleid zonder visie.