Wat de kwaliteiten van de aarde ook mogen zijn, de planeet is nooit een voorbeeld van geslaagde ruimtelijke ordening geweest. Grote delen ervan zijn voor bewoning ongeschikt omdat het er te koud is of te heet, te droog of te nat, omdat het reliëf te ruw is of de bodem te drassig, omdat een vulkaan giftige rook uitblaast of om welke andere hinder ook. Indien het paradijs bestaan heeft, lag het zeker niet op aarde.
...

Wat de kwaliteiten van de aarde ook mogen zijn, de planeet is nooit een voorbeeld van geslaagde ruimtelijke ordening geweest. Grote delen ervan zijn voor bewoning ongeschikt omdat het er te koud is of te heet, te droog of te nat, omdat het reliëf te ruw is of de bodem te drassig, omdat een vulkaan giftige rook uitblaast of om welke andere hinder ook. Indien het paradijs bestaan heeft, lag het zeker niet op aarde. België, op een gematigde breedtegraad gelegen, onopvallend langs een rustig stukje zeestrand, treft het alles wel beschouwd niet slecht. Hier zijn geen woestijnen, geen schuivende gletsjers, weinig aardbevingen en slechts af en toe een tornado. Ook de levende natuur houdt zich koest: geen verscheurende beesten in het Zoniënwoud, geen piranha's in de Schelde, een land vrij van wurgslangen en giftige spinnen. Zoals overal dansen ook hier de bloedzuigende muggen in de avondlucht, maar godzijdank zonder kiemen van malaria of gele koorts in de steekbuis. Bij gebrek aan erger, klagen de Belgen over de regen. Regen is in dit land geen onbekend verschijnsel. Geregeld schuift de ene donkergrijze Atlantische luchtmassa na de andere over onze contreien en druipt het land van het hemelwater. De nattigheid doet menig bewoner vluchten naar het zuiden, waar hij algauw bescherming moet zoeken tegen de hitte en de UV-straling en het genoegen kan smaken van de afwisseling van problemen. Waar is het leven nog het best uit te houden op deze ongerieflijke wereld? Het druist in tegen het stevig ontwikkelde anti-chauvinistische instinct van de Belgen om daarbij aan het eigen land te denken, maar misschien dwingen de feiten ons. Ongetwijfeld overdrijven we met de klachten over het eigen klimaat. België is verre van het natste land van de wereld, zelfs niet van Europa. Jaarlijks wordt in Ukkel gemiddeld 81 cm neerslag genoteerd, dat is minder dan in het Italiaanse Milaan waar elk jaar 97 cm valt, of zelfs dan in het zonnig bekend staande Florence waar de pluviometers 83 cm opvangen. Heel wat steden in de buurlanden steken Ukkel de loef af: in Bordeaux valt jaarlijks 85 cm water uit het zwerk, in München 93 cm en in Geneve 88 cm. Wie troost zoekt in leedvermaak, kan aan Bergen in Noorwegen denken waar elk jaar 200 cm over de bewoners uitgestort wordt. Een dag zonder regen in Bergen lucht zoveel op als een dag zonder zon in de Sahara. Aan de andere kant van de oceaan die al dat nat verspreidt, krijgen ook heel wat plaatsen meer te verwerken dan waar wij over klagen. New York slikt jaarlijks 120 cm neerslag en het swingende New Orleans aan de Golf van Mexico krijgt 157 cm te verduren, bijna het dubbele van wat over ons uitgegoten wordt.ALS EEN LAAG BETON BOVEN HET HOOFDRegenen doet het overal op aarde, en meestal weet de besproeide bevolking het feit maar matig te waarderen. Er zijn uitzonderingen, maar doorgaans heet regenweer "slecht weer". Regenen bederft een dag, slaat mensen uit hun humeur, verpest een vakantie. Aanhoudende plasregen veroorzaakt chronische depressiviteit bij tot hypochondrie neigende naturen. De reacties verschillen ven individu tot individu, maar het lijdt geen twijfel dat de zon overwegend opvrolijkt, de regen somber stemt. Hoe banaal het feit ook mag lijken, het is hoogst verwonderlijk. Water is een onschuldig element, niet giftig, niet stinkend, niet brandbaar, niet radioactief. Het is volkomen ongevaarlijk en bovendien onmisbaar. Elke cel van elk levend wezen heeft het vocht nodig of sterft. Aangevoerd door de regen, wordt het ons door de natuur in gedistilleerde vorm geschonken, zuiver en zoutvrij, meteen geschikt voor consumptie. Terwijl de zonnestraling de huid verschroeit en chromosomen vernietigt, verfrist en reinigt water alleen maar. Men zou verwachten dat het uit de hemel stromen van deze weldaad een vreugdevolle ervaring zou zijn, maar dat is niet het geval. Als het regent, is het rotweer. De hekel die de meeste mensen aan de regen hebben, steunt echter niet op een rationele afweging van de voor- en de nadelen, maar op diepere, onverklaarde gemoedstoestanden. Meteorologische processen zetten psychologische bewegingen op gang die elke analyse tarten. Het moet mij van het hart dat ik ook niet begrijp wat er gebeurt en toch de klagers begrijp, ik hoor bij hen. Nauwelijks betrekt de hemel, of er valt een schaduw over het beeld dat ik me van de wereld vorm. Het kost moeite om daarna nog iets te ontdekken dat het gemoed opbeurt. Een egaal grijze lucht is erger dan rollende onweerswolken, zoals een laag beton boven het hoofd erger is dan een flapperend tentzeil. Druipt het water eindelijk uit de grijze massa omlaag, als vocht uit een beschimmelde zoldering, dan lijkt het alsof het ontbindingsproces van de natuur is ingezet. Voor dat gevoel bestaat geen remedie. De beschutting van de huiskamer brengt evenmin comfort als een kist een lijk een goed gevoel bezorgt.DE HEMEL VERLIEST ZIJN EVENWICHTWaar komen die onredelijke gevoelens vandaan? Regen is vallend water, de spontane aanvoer van een volkomen goedaardig element. De afkeer kan daarom niet tegen het water zelf gericht zijn. Het probleem ontstaat door het vallen. Regen is water in vrije val. Dat is, voor wie niet door onverschilligheid is verdoofd, een huiveringwekkende gedachte. Alle instincten verzetten zich. Vallen is een afgrondervaring, wegglijden in een bestaan dat zijn bodem verliest en waarvan kortstondigheid nog de enige zekerheid is. Er is geen weg terug voor wat valt, het einde snelt naderbij en zal definitief zijn. Regen is een val-drama dat zich afspeelt boven het hoofd en zich uitstrekt tot de horizon. Tijdens een bui verliest de hemel zijn evenwicht. Het firmament stort in. Alles lijkt teloor te gaan. Laat het verstand maar beweren dat er niets aan de hand is, dat de natuur zich opfrist, het kan de kramp van de instincten niet onderdrukken. Droefgeestige gedachten komen op, de stemming is oneindig somber. Water is de enige grondstof die ons op die manier bereikt. In ijselijke vrije val. We zullen er nooit aan wennen.DOOR GERARD BODIFEE