Het Uitvoeringsplan Huishoudelijke Afvalstoffen (1997-2001) van het Vlaams Gewest gaat ervan uit dat Antwerpen en Limburg nog maximum 350.000 ton bijkomende verwerkingscapaciteit nodig hebben. Die capaciteit kan worden opgevangen in één installatie. Maar Antwerpen (150.000 ton) en Limburg (200.000 ton) verkiezen een aparte verwerking.
...

Het Uitvoeringsplan Huishoudelijke Afvalstoffen (1997-2001) van het Vlaams Gewest gaat ervan uit dat Antwerpen en Limburg nog maximum 350.000 ton bijkomende verwerkingscapaciteit nodig hebben. Die capaciteit kan worden opgevangen in één installatie. Maar Antwerpen (150.000 ton) en Limburg (200.000 ton) verkiezen een aparte verwerking. Het Uitvoeringsplan stelt dat de bestaande oven van Houthalen op termijn moet verdwijnen. Voorts wordt een milieueffectrapport (Mer) aangekondigd. Het betreft een zogenaamde Locatie-Mer, waarvoor geen juridische grondslag bestaat. Alle mogelijke beste beschikbare technieken (BBT) moeten worden overwogen. Het plan vermeldt scheiden-vergisten en pyrolyse. Volgens het plan moeten de intercommunales het initiatief nemen voor een nieuwe installatie. Later zou de minister niet de intercommunales maar de provincies vragen om een beslissing te nemen. Zij moeten zeggen of er één of meer installaties komen, en waar. De provincies moeten ook een beslissing nemen over de verwerkingstechniek. Maar de marge is smal. Ook in de tijd. De minister vraagt hen te antwoorden voor 1 juli. Op 13 mei presenteert minister van Leefmilieu Theo Kelchtermans (CVP) zijn Locatie-Mer aan de twee provincies. Het Mer vertrok van drie premissen: het vuil moet aanvoerbaar zijn over een bevaarbare waterloop, de site moet in een industriegebied liggen en de installatie moet energie recupereren door stoom te leveren aan een bedrijf of elektriciteit aan het net. Volgens het Mer is alleen verbranding een bedrijfszekere en beproefde methode. De experts zijn vooral gespecialiseerd in verbranding - sommigen hebben goede banden met de industrie. De mogelijkheden van alternatieve technieken worden in het rapport geminimaliseerd, al was dat niet de opdracht. Alternatieven zijn te weinig bedrijfszeker en er zou onvoldoende ervaring mee opgedaan zijn. Bovendien zaten er opvallend weinig experts in ruimtelijke ordening in het specialistenteam dat een geschikte locatie zocht. Allemaal geen toeval, zeggen de critici. De kans is groot dat de provincie Antwerpen de voorkeur geeft aan een alternatieve technologie. Die installatie zou dan worden gekoppeld aan de bestaande installatie van Indaver (gemengd: privé en overheid) in de haven, op het grondgebied van (het Oost-Vlaamse) Beveren. De Limburgse verantwoordelijke voor het Leefmilieu, Frieda Brepoels (VU), vindt dat de oven van Houthalen niet per se dicht moet. Ze is wel tegen bijkomende klassieke ovens en zoals haar Antwerpse collega's voorstander van alternatieve, meer milieuvriendelijke verwerking.