Vorige week overleed in Duitsland de 90-jarige Werenfried van Straaten, hier bekend als de spekpater. De Nederlandse norbertijn was een man met vierkante gedachten en gold als een icoon van het oude Europa. Een Europa, verdeeld in Oost en West, door een IJzeren Gordijn dat na de Tweede Wereldoorlog boven het continent was neergelaten.
...

Vorige week overleed in Duitsland de 90-jarige Werenfried van Straaten, hier bekend als de spekpater. De Nederlandse norbertijn was een man met vierkante gedachten en gold als een icoon van het oude Europa. Een Europa, verdeeld in Oost en West, door een IJzeren Gordijn dat na de Tweede Wereldoorlog boven het continent was neergelaten. De eerste slachtoffers van die tweedeling waren de Duitse vluchtelingen die door de communistische regimes uit Oost-Europa werden verdreven. Om de hongersnood in de vluchtelingenkampen, maar ook elders in Oost-Europa, te lenigen, trok Van Straaten door het rurale katholieke Vlaanderen om bij de boeren spek op te halen. De pater, die zijn bijnaam als een eretitel droeg, poseerde graag en vaak met een ferme big in de armen. Terwijl hij met zijn kapelwagens heel West-Europa doorkruiste, wierpen de opeenvolgende partijbonzen in Moskou zich op als Van Straatens doeltreffendste propagandisten. Met het neerslaan van de opstanden in Berlijn, Boedapest en Praag bliezen de communisten telkens weer de wind in de zeilen van Oostpriesterhulp, intussen omgedoopt tot Kerk in nood. Van Straaten, door weldenkende intellectuelen vaak uitgekreten als een suppoost van het reactionairste Westen, en Oostpriesterhulp waren voortbrengsels van de Koude Oorlog. Een periode waarin over alles wat belangrijk was of in Moskou of in Washington werd beslist. Elk gewapend conflict, waar ook ter wereld, paste in de confrontatie tussen de twee grootmachten. De Suez-crisis in 1956 was een laatste eigenzinnige poging van de Europese grootmachten, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, om militair in te grijpen op de internationale scène. Maar ze werden op een vernederende wijze naar hun mandje gestuurd door de Amerikaanse bondgenoot. Na afloop van de Suez-crisis hebben de Britten gezworen zich nooit meer buiten het Amerikaanse kamp te laten betrappen. Voor de Fransen was de uitbouw van de Europese Gemeenschap dan weer een middel om hun gram te halen op de Amerikaanse overmacht. Opeenvolgende Franse presidenten hebben daaraan gewerkt, steunend op de Duitse economische macht: in Parijs gebruiken ze graag het beeld van de Franse ruiter op een Duits paard. Charles de Gaulle met Konrad Adenauer, Valéry Giscard d'Estaing met Helmut Schmidt en François Mitterrand met Helmut Kohl hebben die Frans-Duitse as, waarop de Europese Unie voorlopig nog rust, verstevigd. En de Fransen waren bereid daarin zeer ver te gaan. Onder de socialistische president Mitterrand gebeurde het dat, om partner Kohl in het zadel te houden, de Duitse christen-democraten voor hun verkiezingscampagne forse financiële steun kregen van Franse staatsbedrijven. Het verzet van Chirac en Schröder tegen een gewapend optreden in Irak is een nieuwe Frans-Duitse poging om de Europese Unie alsnog buiten de Amerikaanse invloedsfeer te houden. Vorige week draaide de as tussen Parijs en Berlijn evenwel vast. Want een achttal EU-leden en toekomstige lidstaten, aangevoerd door het Verenigd Koninkrijk, Spanje en Italië, namen afstand van Chirac en Schröder en verklaarden zich solidair met de Amerikaanse NAVO-bondgenoot. In Polen, een van de ondertekenaars van de verklaring, zei adjunct-minister van Defensie Radek Sikorski: 'Wij herinneren ons hier een andere Amerikaanse president die onder zwaar Europees vuur lag: Ronald Reagan. Maar die Reagan heeft ons wel van het communisme bevrijd. Wij hebben onze bedenkingen bij het Amerikaanse optreden in het Midden-Oosten, maar we voelen ons volkomen comfortabel bij hun leiderschap.'Het optreden van de Fransen in de Iraakse kwestie doet denken aan hun dubbelzinnigheid in ex-Joegoslavië, waar ze zelfs tijdens de NAVO- operaties boven Kosovo informatie bleven doorspelen aan de Serviërs. Die dubbelzinnigheid vinden we ook terug in het optreden van de Franse diplomatie in Algerije en Ivoorkust. Bovendien staan Chirac noch Schröder sterk in eigen land. Vorig jaar trokken de Fransen met een wasknijper op de neus naar de stembus om Chirac tot president te verkiezen - alleen omdat het alternatief, Jean-Marie Le Pen, nog erger was. Na de socialistische nederlaag in de deelstaatverkiezingen van vorige zondag weet Schröder niet meer hoe lang zijn coalitie van socialisten en groenen overeind blijft. Intussen heerst binnen de Conventie grote verdeeldheid. Van de aanzet tot een Europees buitenlands beleid is nog geen sprake. De heer-sende onzekerheid over de komende uitbreiding wordt nog in de hand gewerkt door de trage economische groei van nauwelijks 0,7 procent en de dertien miljoen werklozen die de Unie telt. Die onzekerheid is ze in Washington niet ontgaan. Neoconservatieve denktanks praten daar nu openlijk over een grote transatlantische vrijhandelszone met het nieuwe Europa. Een Transatlantic Free Trade Area, met het Verenigde Koninkrijk als bevoorrechte gesprekspartner, zoals dat nu al het geval is in de NAVO. Waardoor de Europese Unie, politiek dan, helemaal uit haar verband zou worden gehaald. Door het eigengereide optreden van Chirac en Schröder dreigt Europa, het weze dan 'het oude Europa', het eerste slachtoffer te worden van een Golfoorlog die nog niet eens is begonnen. Rik Van Cauwelaert