België kan best zonder minister van Landbouw. Wie minister van Landbouw Jaak Gabriëls aanhoort, begrijpt dat hij alleen doet wat 'Europa' hem gebiedt. België kan zich dus de kosten van een minister besparen en het houden bij een soort commies die de orders ontvangt en doorgeeft. Met zijn afwezigheid vorige week demonstreerde Gabriëls overtuigend zijn overbodigheid.
...

België kan best zonder minister van Landbouw. Wie minister van Landbouw Jaak Gabriëls aanhoort, begrijpt dat hij alleen doet wat 'Europa' hem gebiedt. België kan zich dus de kosten van een minister besparen en het houden bij een soort commies die de orders ontvangt en doorgeeft. Met zijn afwezigheid vorige week demonstreerde Gabriëls overtuigend zijn overbodigheid.Maar 'Europa' is geen ongrijpbare instantie; het draagt in principe slechts de consensus onder de lidstaten uit. Daarin maakt België het zich niet gemakkelijk. Het schaft spoedig zijn federale commies van Landbouw af en draagt diens taken over aan klerken op gewestelijk niveau. En in de jongste crisis ging het al spannen. De Waalse landbouwminister José Happart wou vaccins voor zijn edelrassen en zijn Vlaamse collega Vera Dua zag graag de geitjes van Klemskerke gespaard. Mag allemaal niet van 'Europa'. Zo bewees Gabriëls dan toch zijn nut - niet door wat hij doet, maar door wat hij belet: solo-slim vanwege de gewesten. De ervaring belooft niets goeds voor Belgiës zeg in Europa's landbouwbeleid. Want de gewestelijke klerken van Landbouw moeten het eerst onder elkaar eens worden over een compromis vooraleer zij het Europese compromis mee vorm kunnen geven. Is de Belgische staatshervorming dan niet te ver doorgeschoten en zichzelf in de weg gaan staan? Het federalisme is een fraai democratisch model, maar het gaat mis wanneer het leidt tot fetisjisme, wanneer er niet wordt gedefederaliseerd omdat het ergens goed voor is, maar alleen omdat het nu eenmaal kan. Zo ver is het al, met de splitsing van Ontwikkelingssamenwerking. Ze is nergens voor nodig en er is niemand mee gediend. Maar ze heeft symboolwaarde en kon zo dienen als pasmunt in 'Lambermont'. En dat kan rustig, want - helaas - amper iemand vindt de coöperatie belangrijk genoeg om er een punt van te maken. Misschien gaat landbouw dezelfde weg op. Ook het omgekeerde is het geval. Cultuur is gemeenschapsmaterie, maar ook dat principe hoeft geen fetisj te zijn. De federale staat zou dus best wat meer zorg mogen dragen voor de culturele instellingen die wegens hun aard federaal zijn gebleven. Zoals het beroemde Koninklijk Filmarchief, dat onder de voogdij van twee, drie ministers staat, budgettair naar de Nationale Loterij is verbannen, niet weet waar het aan toe is en zienderogen verkommert. Minister Rik Daems zou daar, als Lottobaas, wat aan mogen doen. Net als aan het Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (Soma). Dat moet weg uit zijn huidige locatie in de Résidence Palace, maar minister Daems verzuimde, nu als baas van de Regie der Gebouwen, de al in 1995 toegewezen nieuwe behuizing aan de Brusselse Luchtscheepvaartsquare te laten renoveren. Het Soma moet dus eerst ergens gaan kamperen (waar?) en zal bijgevolg in een paar jaar tijd, met zijn 4 kilometer archief, twee keer moeten verhuizen en lang gesloten zijn voor vorsers, wat een felle hinder wordt voor met name de studie van de Tweede Wereldoorlog. De federale staat hoort dus ook, als het moet, de cultuur ter harte te nemen. Daar zullen oprechte federalisten niet over mopperen. Zij weten dat hun ideaal geen zaak van getouwtrek is, maar van evenwicht, dat niet alleen zoekt naar het optimale niveau van zeggenschap, maar ook naar het optimale niveau van efficiëntie. Ook als het gaat over cultuur, ontwikkelingssamenwerking of landbouw.Marc Reynebeau